Ik heb een vriendin die me bespiedt. Eén kik op Facebook is genoeg voor haar om te gaan speculeren over weet ik veel wat allemaal. Een verkeerd filmpje, liedje, een verkeerde foto, ze merkt het allemaal op. Je kan je dan ook afvragen waarom ik haar een vriendin noem. Wel inderdaad, van vriendschap is hier eigenlijk weinig sprake. Wel van rancune, jaloezie en een minderwaardigheidscomplex.
Ik kan niet voorzichtig genoeg zijn want ben erin geslaagd om een stalkster op mijn kap te halen. En dan zal je zien dat je er via Facebook mee geconfronteerd wordt. Altijd wanneer zij dat wil. Defrienden is de Toren des Doems over je heen jagen. Defrienden is klappertandend ijsberen en je moeder wanhopig om raad vragen.
Ik leef in een tijd waarin ik mijn medemens kan ontvolgen en ontvrienden. Oma, je bent dood, maar had je dit kunnen horen.. We zijn te ver gegaan, oma.
zaterdag 21 januari 2012
vrijdag 20 januari 2012
Geen meisje
Ik werd vanmorgen wakker en vond geen meisje naast me. Dat stak niet, maar ik vond het wel jammer. Er is niks maar ook echt niks mooier dan een meisje naast je in bed te hebben liggen. Dat lichaam, die vormen, die warmte. Vraag maar aan een random jongen.
Waar was ze?
Ik heb haar nog niet ontmoet, of anders gezegd: ze is al fysiek uit mijn leven verdwenen. Op 31 mei zal het twee jaar geleden zijn dat ze naast me lag. In een bed in Amsterdam. Ze kroop tegen me aan en kuste me op de mond. We hadden seks. Twee keer voor het ontbijt, nog eens erna. Goed wetend dat ik 's avonds waarschijnlijk voorgoed afscheid van haar zou nemen, was het misschien niet het allermooiste moment uit mijn leven. Misschien was dat wel die eerste keer dat we op haar zolderkamer naast elkaar op haar bed neerploften, opgewonden door wat er gebeurde want wat niet zo duidelijk in het script stond.
Ik wil nog steeds terug naar die kamer, waar zij natuurlijk al lang niet meer is.
Als de dingen zullen lopen zoals ik zo graag wil dat ze zullen lopen, woon ik aan het eind van 2012 in een paradijsje van een studio. Overdonderend mooi, eigenlijk veel te mooi voor mij. Daarom moet zij vaak langskomen om mijn aanwezigheid daar te legitimeren. Zij die van die schoonheid geniet zodat ik kan genieten van haar schoonheid wanneer ze geniet van de schoonheid van de kamer.
Hopelijk vind ik haar. Anders zal daar een dubbelbed staan te verkommeren. En dat zou ik me wel aantrekken.
Waar was ze?
Ik heb haar nog niet ontmoet, of anders gezegd: ze is al fysiek uit mijn leven verdwenen. Op 31 mei zal het twee jaar geleden zijn dat ze naast me lag. In een bed in Amsterdam. Ze kroop tegen me aan en kuste me op de mond. We hadden seks. Twee keer voor het ontbijt, nog eens erna. Goed wetend dat ik 's avonds waarschijnlijk voorgoed afscheid van haar zou nemen, was het misschien niet het allermooiste moment uit mijn leven. Misschien was dat wel die eerste keer dat we op haar zolderkamer naast elkaar op haar bed neerploften, opgewonden door wat er gebeurde want wat niet zo duidelijk in het script stond.
Ik wil nog steeds terug naar die kamer, waar zij natuurlijk al lang niet meer is.
Als de dingen zullen lopen zoals ik zo graag wil dat ze zullen lopen, woon ik aan het eind van 2012 in een paradijsje van een studio. Overdonderend mooi, eigenlijk veel te mooi voor mij. Daarom moet zij vaak langskomen om mijn aanwezigheid daar te legitimeren. Zij die van die schoonheid geniet zodat ik kan genieten van haar schoonheid wanneer ze geniet van de schoonheid van de kamer.
Hopelijk vind ik haar. Anders zal daar een dubbelbed staan te verkommeren. En dat zou ik me wel aantrekken.
maandag 9 januari 2012
Missing: Tine
Lieve Tine Brutsaert,
Lieve eventjes vermiste en helaas levenloos teruggevonden Tine,
Ik kende je niet. Woonde niet in jouw stad. Had je nooit op tv gezien, of ergens anders. Ik miste je hoegenaamd niet. Maar sinds je verdween kende ik je wel. Want toen je verdween kwam je wél op tv, was je wél in mijn stad, leerde ik je kennen en miste ik je.
(Heb je nog geweten dat duizenden mensen je plotseling kenden, Tine? Dat ze bezorgd om je waren? Vast niet.)
Ik leerde je kennen op een nieuwssite. Mijn kennismaking met jou was er eerlijk gezegd een onbewuste. Ik bedoel: als men me had gevraagd naar je naam, ik had 'm wel ongeveer geweten maar niet helemaal precies. En hetzelfde gold voor de foto waarvan je Missingbericht vergezeld ging. Ik zag je gezicht tot voor kort niet helder voor me en dat spijt me.
Nee, tot voor een uur geleden kon ik me je gezicht niet helder voor de geest halen. Tot voor een uur geleden toen ik een A4 van jou aan een muur in mijn stad zag hangen. Missing, terwijl je al gevonden was. Treurig. Ik trok je zachtjes van de muur en stopte je in m'n jaszak. Ik dekte je warm toe en wilde er voor je zijn. Maar ik wist ook, ik was te laat.
Je lijkt me een innemend meisje, Tine, als ik je hier zo op mijn bed zie liggen. Je foto laat een stuk van je tanden bloot, je hebt een goeiig gezicht. Niet ongelukkig, nee, dat zou ik nooit vermoeden. Maar wat is er dan met je gebeurd?
Je werd voor het laatst gezien in de namiddag van 2 januari, je kwam van de dokter. Voor een onbekende is dat het enige mogelijke teken aan de wand. Want op basis van de beschrijving van de kleren die je droeg, zou geen mens iets vermoeden. Je droeg mooie bruine botten en een ring.
Je foto zorgt ervoor dat ik alsnog persoonlijk word aangegrepen door je dood. Goedaardige meisjes mogen niet dood, er moet altijd iemand voor hen zijn, om hen in te stoppen en hen een knuffel te geven.
Ik mag er niet aan denken dat er niemand voor je was.
Het ga je goed, Tine.
Je zal nooit voor niets gestorven zijn.
Veel liefs,
Ali
Lieve eventjes vermiste en helaas levenloos teruggevonden Tine,
Ik kende je niet. Woonde niet in jouw stad. Had je nooit op tv gezien, of ergens anders. Ik miste je hoegenaamd niet. Maar sinds je verdween kende ik je wel. Want toen je verdween kwam je wél op tv, was je wél in mijn stad, leerde ik je kennen en miste ik je.
(Heb je nog geweten dat duizenden mensen je plotseling kenden, Tine? Dat ze bezorgd om je waren? Vast niet.)
Ik leerde je kennen op een nieuwssite. Mijn kennismaking met jou was er eerlijk gezegd een onbewuste. Ik bedoel: als men me had gevraagd naar je naam, ik had 'm wel ongeveer geweten maar niet helemaal precies. En hetzelfde gold voor de foto waarvan je Missingbericht vergezeld ging. Ik zag je gezicht tot voor kort niet helder voor me en dat spijt me.
Nee, tot voor een uur geleden kon ik me je gezicht niet helder voor de geest halen. Tot voor een uur geleden toen ik een A4 van jou aan een muur in mijn stad zag hangen. Missing, terwijl je al gevonden was. Treurig. Ik trok je zachtjes van de muur en stopte je in m'n jaszak. Ik dekte je warm toe en wilde er voor je zijn. Maar ik wist ook, ik was te laat.
Je lijkt me een innemend meisje, Tine, als ik je hier zo op mijn bed zie liggen. Je foto laat een stuk van je tanden bloot, je hebt een goeiig gezicht. Niet ongelukkig, nee, dat zou ik nooit vermoeden. Maar wat is er dan met je gebeurd?
Je werd voor het laatst gezien in de namiddag van 2 januari, je kwam van de dokter. Voor een onbekende is dat het enige mogelijke teken aan de wand. Want op basis van de beschrijving van de kleren die je droeg, zou geen mens iets vermoeden. Je droeg mooie bruine botten en een ring.
Je foto zorgt ervoor dat ik alsnog persoonlijk word aangegrepen door je dood. Goedaardige meisjes mogen niet dood, er moet altijd iemand voor hen zijn, om hen in te stoppen en hen een knuffel te geven.
Ik mag er niet aan denken dat er niemand voor je was.
Het ga je goed, Tine.
Je zal nooit voor niets gestorven zijn.
Veel liefs,
Ali
dinsdag 3 januari 2012
Een Viceke
Het begon op het middaguur. De afschuw - ik overdrijf, - de tegenzin waarmee ik ten x-sten male mijn Twittervenster opende. Was ik nu werkelijk in no time een volbloed Twitteraar geworden? Kon ik dan zo inconsequent zijn dat ik Tetter de ene week nog neersabelde om het de volgende week te omarmen? Ik twijfelde. Aan mezelf. Ik wilde vooral heel erg dringend van mijn computer weg. Tot mijn opluchting (en trots) hoefde ik al tenminste geen iPhone of -Pad op te bergen. (Ik heb noch wil dergelijk draagbaars vanuit de reële angst dat ze me in eerste instantie gelukkig, en in tweede instantie doodongelukkig zouden maken, om me vervolgens voor hersendood achter te laten.) Ik wilde naar buiten, mijn kamer uit, maar het regende. Ik belde een vriend en die komt me straks redden.
Mocht mijn vader te weten komen wat ik zoal op Twitter doe, zou hij mijn moeder mailen en vragen of zij weet wat ik op Twitter doe. Mijn moeder zou het antwoord schuldig blijven en vergoelijkend opmerken dat ik haar weleens over Twitter verteld heb, maar dat ik er negatief over sprak. Mijn vader zou mijn moeder dan weer te mild vinden en aandringen op 'sancties'. Wel zou hij niet meer op het argument kunnen terugvallen dat hij me financieel onderhoudt. Hij zou er dus niet meer mee kunnen dreigen om de alimentatie stop te zetten. Die gedachte is wel een opluchting voor me.
Overigens heb ik een goeie relatie met mijn beide ouders, maar als ik mijn vader in deze context afschilder als een wat reactionaire man, doe ik dat enkel om de waarheid geen geweld aan te doen. Ik hou ook van hem ondanks zijn reactionaire trekjes. En ik hou zelfs een beetje van hem dankzij zijn reactionaire trekjes. Want dan herken ik mezelf in hem en word ik een beetje sentimenteel. (Toen ik op een nacht door mijn meisje werd achtergelaten, nam ze ook mijn ruwe bolster mee. De ontbolsterde blanke pit die ik nu ben, pinkt zelfs een traantje weg als hij het nieuws van Bruno Huygebaert hoort. Terwijl ik die man toch helemaal niet ken.) Ik ben enorm gehecht aan mijn genen.
Maar ik dwaal onbehoorlijk ver af. Wat ik wilde zeggen is dat ik op het middaguur spontaan en, hoewel vanuit een onmiskenbaar onbehagen, als een complete verrassing voor mezelf een Viceke deed. Ik schreef de naam 'Twitter' op een papier, tekende er een vogeltje boven en schreef er in kapitalen 'DON'T' onder. Definitief, zo leek mijn oordeel. Het stond op papier, voor mij alleen, niet op het internet, niet voor u.
Ik dacht ook aan DO's zoals fietsbanden plakken, elektriciteitskabels aanleggen, lekker koken, met vrienden afspreken, brieven schrijven met de hand en postzegels gaan kopen, maar ook aan droevige mensen troosten, iemand belangeloos helpen en wachten op het groene licht. Allemaal dingen die mijn ouders mij hebben geleerd.
En dat ik mijn ouders nu op mijn beurt zou kunnen leren hoe ze Twitter moeten gebruiken, daar dacht ik ook aan. Ik kon gewoon niks anders bedenken dat ik hen zou kunnen leren. En dat vond ik toen van zo'n droefnis dat ik er bijna onpasselijk van werd. Er moest toch iets mooiers zijn dat ik die mensen zou kunnen bijbrengen. Daarom moet dit misschien maar het jaar worden waarin ik mijn ouders op mijn beurt iets interessants en relevants bijleer. Toen ik mijn moeder onlangs op mijn instructies een som zag maken in Excel kreeg ik ook al bijna een krop in de keel. Ik ga de naam Twitter nooit meer laten vallen in het bijzijn van mijn ouders.
Mocht mijn vader te weten komen wat ik zoal op Twitter doe, zou hij mijn moeder mailen en vragen of zij weet wat ik op Twitter doe. Mijn moeder zou het antwoord schuldig blijven en vergoelijkend opmerken dat ik haar weleens over Twitter verteld heb, maar dat ik er negatief over sprak. Mijn vader zou mijn moeder dan weer te mild vinden en aandringen op 'sancties'. Wel zou hij niet meer op het argument kunnen terugvallen dat hij me financieel onderhoudt. Hij zou er dus niet meer mee kunnen dreigen om de alimentatie stop te zetten. Die gedachte is wel een opluchting voor me.
Overigens heb ik een goeie relatie met mijn beide ouders, maar als ik mijn vader in deze context afschilder als een wat reactionaire man, doe ik dat enkel om de waarheid geen geweld aan te doen. Ik hou ook van hem ondanks zijn reactionaire trekjes. En ik hou zelfs een beetje van hem dankzij zijn reactionaire trekjes. Want dan herken ik mezelf in hem en word ik een beetje sentimenteel. (Toen ik op een nacht door mijn meisje werd achtergelaten, nam ze ook mijn ruwe bolster mee. De ontbolsterde blanke pit die ik nu ben, pinkt zelfs een traantje weg als hij het nieuws van Bruno Huygebaert hoort. Terwijl ik die man toch helemaal niet ken.) Ik ben enorm gehecht aan mijn genen.
Maar ik dwaal onbehoorlijk ver af. Wat ik wilde zeggen is dat ik op het middaguur spontaan en, hoewel vanuit een onmiskenbaar onbehagen, als een complete verrassing voor mezelf een Viceke deed. Ik schreef de naam 'Twitter' op een papier, tekende er een vogeltje boven en schreef er in kapitalen 'DON'T' onder. Definitief, zo leek mijn oordeel. Het stond op papier, voor mij alleen, niet op het internet, niet voor u.
Ik dacht ook aan DO's zoals fietsbanden plakken, elektriciteitskabels aanleggen, lekker koken, met vrienden afspreken, brieven schrijven met de hand en postzegels gaan kopen, maar ook aan droevige mensen troosten, iemand belangeloos helpen en wachten op het groene licht. Allemaal dingen die mijn ouders mij hebben geleerd.
En dat ik mijn ouders nu op mijn beurt zou kunnen leren hoe ze Twitter moeten gebruiken, daar dacht ik ook aan. Ik kon gewoon niks anders bedenken dat ik hen zou kunnen leren. En dat vond ik toen van zo'n droefnis dat ik er bijna onpasselijk van werd. Er moest toch iets mooiers zijn dat ik die mensen zou kunnen bijbrengen. Daarom moet dit misschien maar het jaar worden waarin ik mijn ouders op mijn beurt iets interessants en relevants bijleer. Toen ik mijn moeder onlangs op mijn instructies een som zag maken in Excel kreeg ik ook al bijna een krop in de keel. Ik ga de naam Twitter nooit meer laten vallen in het bijzijn van mijn ouders.
maandag 2 januari 2012
Op de aandachtshoerderij
Haha, jongens en meisjes, is het niet ongelooflijk dat die Twitter me nog steeds in een houdgreep heeft? In een steeds strakkere houdgreep nog wel. Ik ben me zo aan het aanstellen! Ik ben een aandachtshoer, ja, ik ben streng voor mezelf. Waarom? Omdat ik nooit een aandachtshoer heb willen zijn natuurlijk. Een hoer. Komaan, daar moet ik toch geen tekeningetje bij maken?
Het zou ronduit grof en kort door de bocht zijn om alle Twitteraars nu even heel goedkoop aandachtshoeren te noemen. Dat ga ik dan ook niet doen, al zou ik met een dergelijke provocatie misschien wat naambekendheid verwerven (want ja, ik zal deze tekst op Twitter posten en proberen om 'm zo goed mogelijk in the picture te spelen middels bepaalde hashtags ofzo - ik zie wel). En laat dat nu net de reden zijn waarom ik steeds vaker op die onnozele Twitter zit en domme tweets probeer te bedenken. "Zie mij! Zie mij! Ik ben Ali en ik wil dat jullie mij leren kennen. Of toch op z'n minst mijn blog lezen. Omdat ik aspiraties heb als schrijver-journalist en via Twitter daartoe stapjes in de goede richting hoop te zetten. Ik weet van anderen dat ze het ook op die manier proberen."
(A propos, nu ik het spreekwoordelijk over hoeren heb: is Hot Marijke eigenlijk een échte hoer? Dat is geen provocatie. Ze doet aan SM en ontvangt gasten tegen betaling. Dat is toch prostitutie, of ken ik er niks van? Is dat misschien escorte of nog iets anders? Ik ken er niks van.)
Dat ik Hot Marijke onlangs een klein beetje geschoffeerd heb was wel leuk. Dat ik mijn uithaal postte op Twitter en dat die haar onder ogen kwam. Dat ze het zelf tweette richting de andere bekenderikken die ik in mijn tekst had aangehaald. En dat ze me nu op Twitter volgt. Dat kan ik toch een heel klein beetje een doorbraak noemen, of niet? Nee, waarschijnlijk is daar nog veel meer voor nodig. Een waar en weldoordacht Twitterbombardement.
(Staat u me overigens een grapje toe: wanneer ik een afbeelding in mijn tekst voeg, moet ik beslissen waar deze komt te staan en op welke grootte. Voor bovenstaande van Hot Marijke koos ik voor 'klein' en 'rechts', en laat dat nu net zijn wat ze in het echt ook is. Haha.)
Maar om terug te komen op mijn aanzet: ik ben dus een echte aandachtshoer, hé? Dat me dat zo bezighoudt, die mogelijke naambekendheid via Twitter. @inebenzine, een Twitterfan en kennis van me - echte naam: Ine Peers -, heeft haar job te danken aan Twitter. Stel dat mij dat lukt, een job vinden via Twitter, zou dat toch heel wat zijn. Daarom dus dat ik me in de kijker wil spelen, wat overigens niet evident lijkt, voorlopig. Ik zit aan een schamele 59 followers, waaronder, met permissie, een hoop oninteressant volk. En er is ook geen hond die mijn lullige boodschappen retweet. Ik zou er, mocht ik in een minder bloeiende levensfase zitten, enorm triest van worden, maar dat is nu niet het geval. Enkel die Twitter als medium zet me aan het denken. En mijn oordeel erover is eerder negatief dan positief, al schuift het, tot mijn ontzetting, gestaag naar het midden op. (Ken ik mezelf dan zo slecht?)
Wie ook veel aandacht wil is Duchka Walraet. (Bij deze, beste Duchka: 't is graag gedaan.) Zij is een fervente Twitteraarster die de polemiek niet uit de weg gaat. Een tijdje geleden haalde ze via Twitter keihard uit naar Bart De Wever en haalde daarmee - ze kon het zelf niet geloven - 'Vlaanderen Vandaag' op VT4. Daarop stuurde ze deze ironische boodschap de wereld in. Niet slecht gedaan, me dunkt. Goed gemaakt, compact en behoorlijk aanstellerig. Iets om op te pikken en te verspreiden kortom. Wat ook gebeurde, geloof ik (ik zat in die periode nog niet veel op Twitter).
Ik zou Duchka Walraet overigens terloops ook een aandachtshoer kunnen noemen, maar dat zal ik maar niet doen. Het zou laf zijn om zoiets te zeggen, al was het maar omdat ik haar nog nooit heb ontmoet. Wel hebben we al onpersoonlijke berichtjes over en weer gestuurd, waarbij ik me een sollicitant voelde die de aandacht probeert te trekken van iemand die enkele treden hoger staat op de ladder naar eeuwige roem.
Twitter is dus eigenlijk ook behoorlijk vernederend, en ik moet me ernstig de vraag stellen of ik door een online medium vernederd wil worden. Ik weet zeker van niet, maar in deze moet ik eerlijk zijn en zeggen dat ik toch vooral mezelf verneder. Het ben ik die hengelt naar aandacht en goedkeuring. En ik zoek zelf het contact op in de hoop door iemand 'opgepikt' te worden. Michel Baeten, de populairste doch voorts onbekende twitteraar @mbaeten, heeft, geloof ik, al een mediacarrière aangeboden gekregen, die hij evenwel afsloeg. Zou het voor mij het summum zijn om een mediacarrière aangeboden te krijgen? Nee, ik geloof van niet. Maar een schrijver-columnist-journalist worden - zoals mijn grote held hiernaast -, dat zie ik dan wel weer zitten, denk ik. Liefst van al ook redelijk anoniem. In tijden waarin nog amper lange teksten gelezen worden. (Als u zelf hier bent aanbeland, wil u dan alstublieft een reactie achterlaten, al is het maar een 'x'? Maar zet er dan ook uw naam bij, want anders weet ik het niet eens zeker, dat u het bent.)
En ik post dit dus wel degelijk ook op Twitter (én Facebook). Om consequent te zijn. En omdat die zelfvernedering minder erg is dan ze klinkt.
Ook hoop ik eens in een #FF-tweet terecht te komen, de code die populaire mensen gebruiken om andere Twitteraars onder de aandacht te brengen onder het mom van: 'deze hier is ook interessant, hij verdient een duwtje in de rug'. Laat dat mijn doel zijn voor de maand januari, in een #FF belanden. Als me dat niet lukt, moet ik misschien toch maar mijn conclusies trekken en de Twitterdeur achter me dichttrekken.
Het zou ronduit grof en kort door de bocht zijn om alle Twitteraars nu even heel goedkoop aandachtshoeren te noemen. Dat ga ik dan ook niet doen, al zou ik met een dergelijke provocatie misschien wat naambekendheid verwerven (want ja, ik zal deze tekst op Twitter posten en proberen om 'm zo goed mogelijk in the picture te spelen middels bepaalde hashtags ofzo - ik zie wel). En laat dat nu net de reden zijn waarom ik steeds vaker op die onnozele Twitter zit en domme tweets probeer te bedenken. "Zie mij! Zie mij! Ik ben Ali en ik wil dat jullie mij leren kennen. Of toch op z'n minst mijn blog lezen. Omdat ik aspiraties heb als schrijver-journalist en via Twitter daartoe stapjes in de goede richting hoop te zetten. Ik weet van anderen dat ze het ook op die manier proberen."
(A propos, nu ik het spreekwoordelijk over hoeren heb: is Hot Marijke eigenlijk een échte hoer? Dat is geen provocatie. Ze doet aan SM en ontvangt gasten tegen betaling. Dat is toch prostitutie, of ken ik er niks van? Is dat misschien escorte of nog iets anders? Ik ken er niks van.)
Dat ik Hot Marijke onlangs een klein beetje geschoffeerd heb was wel leuk. Dat ik mijn uithaal postte op Twitter en dat die haar onder ogen kwam. Dat ze het zelf tweette richting de andere bekenderikken die ik in mijn tekst had aangehaald. En dat ze me nu op Twitter volgt. Dat kan ik toch een heel klein beetje een doorbraak noemen, of niet? Nee, waarschijnlijk is daar nog veel meer voor nodig. Een waar en weldoordacht Twitterbombardement.
(Staat u me overigens een grapje toe: wanneer ik een afbeelding in mijn tekst voeg, moet ik beslissen waar deze komt te staan en op welke grootte. Voor bovenstaande van Hot Marijke koos ik voor 'klein' en 'rechts', en laat dat nu net zijn wat ze in het echt ook is. Haha.)
Maar om terug te komen op mijn aanzet: ik ben dus een echte aandachtshoer, hé? Dat me dat zo bezighoudt, die mogelijke naambekendheid via Twitter. @inebenzine, een Twitterfan en kennis van me - echte naam: Ine Peers -, heeft haar job te danken aan Twitter. Stel dat mij dat lukt, een job vinden via Twitter, zou dat toch heel wat zijn. Daarom dus dat ik me in de kijker wil spelen, wat overigens niet evident lijkt, voorlopig. Ik zit aan een schamele 59 followers, waaronder, met permissie, een hoop oninteressant volk. En er is ook geen hond die mijn lullige boodschappen retweet. Ik zou er, mocht ik in een minder bloeiende levensfase zitten, enorm triest van worden, maar dat is nu niet het geval. Enkel die Twitter als medium zet me aan het denken. En mijn oordeel erover is eerder negatief dan positief, al schuift het, tot mijn ontzetting, gestaag naar het midden op. (Ken ik mezelf dan zo slecht?)
Wie ook veel aandacht wil is Duchka Walraet. (Bij deze, beste Duchka: 't is graag gedaan.) Zij is een fervente Twitteraarster die de polemiek niet uit de weg gaat. Een tijdje geleden haalde ze via Twitter keihard uit naar Bart De Wever en haalde daarmee - ze kon het zelf niet geloven - 'Vlaanderen Vandaag' op VT4. Daarop stuurde ze deze ironische boodschap de wereld in. Niet slecht gedaan, me dunkt. Goed gemaakt, compact en behoorlijk aanstellerig. Iets om op te pikken en te verspreiden kortom. Wat ook gebeurde, geloof ik (ik zat in die periode nog niet veel op Twitter).
Ik zou Duchka Walraet overigens terloops ook een aandachtshoer kunnen noemen, maar dat zal ik maar niet doen. Het zou laf zijn om zoiets te zeggen, al was het maar omdat ik haar nog nooit heb ontmoet. Wel hebben we al onpersoonlijke berichtjes over en weer gestuurd, waarbij ik me een sollicitant voelde die de aandacht probeert te trekken van iemand die enkele treden hoger staat op de ladder naar eeuwige roem.
Twitter is dus eigenlijk ook behoorlijk vernederend, en ik moet me ernstig de vraag stellen of ik door een online medium vernederd wil worden. Ik weet zeker van niet, maar in deze moet ik eerlijk zijn en zeggen dat ik toch vooral mezelf verneder. Het ben ik die hengelt naar aandacht en goedkeuring. En ik zoek zelf het contact op in de hoop door iemand 'opgepikt' te worden. Michel Baeten, de populairste doch voorts onbekende twitteraar @mbaeten, heeft, geloof ik, al een mediacarrière aangeboden gekregen, die hij evenwel afsloeg. Zou het voor mij het summum zijn om een mediacarrière aangeboden te krijgen? Nee, ik geloof van niet. Maar een schrijver-columnist-journalist worden - zoals mijn grote held hiernaast -, dat zie ik dan wel weer zitten, denk ik. Liefst van al ook redelijk anoniem. In tijden waarin nog amper lange teksten gelezen worden. (Als u zelf hier bent aanbeland, wil u dan alstublieft een reactie achterlaten, al is het maar een 'x'? Maar zet er dan ook uw naam bij, want anders weet ik het niet eens zeker, dat u het bent.)
En ik post dit dus wel degelijk ook op Twitter (én Facebook). Om consequent te zijn. En omdat die zelfvernedering minder erg is dan ze klinkt.
Ook hoop ik eens in een #FF-tweet terecht te komen, de code die populaire mensen gebruiken om andere Twitteraars onder de aandacht te brengen onder het mom van: 'deze hier is ook interessant, hij verdient een duwtje in de rug'. Laat dat mijn doel zijn voor de maand januari, in een #FF belanden. Als me dat niet lukt, moet ik misschien toch maar mijn conclusies trekken en de Twitterdeur achter me dichttrekken.
Tekstanalyse van een andere blogger
Gisteren of eergisteren heb ik een tekst gelezen waar ik luidop om moest lachen. Zonder een spoor van ironie, maar wel omdat ik hem niet minder dan hilarisch vond. Vind, moet dat zijn, want ik lees hem nu opnieuw, al voor de vijfde keer.
Het gaat over deze tekst van ene Jelle Dehaen, de blogger achter Altijd Nieuwjaar. U zal 'm wel moeten lezen, die tekst, om met mij mee te kunnen richting volgende alinea's want ik plan enkele hilariteiten uit 's mans opstel te plukken en toe te lichten waarom ik ze zo hilarisch vind.
Ten eerste: dat hele opstel van Dehaen is om te lachen. En inderdaad: ik lach erom. Ik wilg het door de schrijver wellicht beoogde effect zonder tegenspartelen in. Ik lach luidop en dat is iets dat ik maar zelden doe. De tekst is kurkdroog en zo heb ik mijn flauwekul het liefst.
'La vie sexuelle'. Frans. Geweldige keuze. Om een of andere reden uitermate grappig. Een Nederlandse vertaling zou nooit zo leuk zijn en Dehaen moet dat ook beseft hebben. Dat Frans brengt tevens een sérieux met zich mee dat hier hoegenaamd niet nodig is. En ook heeft dat Frans een ietwat erotische bijklank, wat hier ook als een tang op een varken slaat. Omzeggens.
De titel: 'Desire!' Dat uitroepteken. Magnifique! Dat woord op zich ook: desire. Weerom: uitstekende keuze.
Dat citaat van Lady Gaga is ook niet onbelangrijk. Heb ik het met u al over het begrip 'je ne sais quoi' gehad? Jazeker. Een torenhoog je ne sais quoi heeft dat citaat in het geheel van Dehaens tekst. Maar een meerwaarde vormt het wél.
"In zijn schokkende autobiografie gaat Jelle Dehaen geen taboe uit de weg; met een niets ontziende eerlijkheid beschrijft hij drie decennia van seksuele driften en uitspattingen."
Dit is promopraat op z'n onnozelst, en dus grappigst. Ik heb ervaring met persberichten en heb dergelijke zinsconstructies al geregeld zien passeren, meestal totaal misplaatst. Hier werkt het echter fantastisch. 'Niets ontziende eerlijkheid', zoiets zou een mens dus nooit zéggen. Zo'n term past nog het best in het jargon van een vent met een stoere stem die op 2BE een actiefilm aankondigt. Dinsdagavond, na een flutserie.
(Er is één ding dat ik jammer vind als ik Dehaens promotekst lees: hij heeft het niet consequent over Dehaen, maar spreekt ook over Jelle. Het gebruik van de familienaam is leuker. Het benadrukt de zo geestige sérieux, de afstand tussen lezer en schrijver.)
'Een erotische sluimertoestand'. Gewichtige bewoordingen maken bijna alle teksten al dan niet gewild grappig. Mensen die zichzelf serieus nemen, kunnen er zich maar beter voor hoeden.
'"Lange tijd vertrouwde ik niemand die net pannenkoeken had gebakken."' Enig, die 'huh?' die ik daarbij als lezer meekrijg.
De uitroeptekens in de commentaren van de recensenten. Ernstige recensenten zullen zelden uitroeptekens gebruiken. Dat het hier wel gebeurt, is natuurlijk een expliciet bewijs dat het om groteske flauwekul gaat. Des te leuker natuurlijk.
'Dehaen behandelt uitvoerig het ontstaan van het internet en de gevolgen voor de seksualiteit van de Westerse mens.' 'Uitvoerig behandelen', prachtige combinatie. En de abstractie van die 'Westerse mens', geen idee over wie het gaat en dat is ideaal. Abstractie en vaagheid wekken vaak een vermoeden van mysterie dat niet zelden onterecht is.
Het woord 'soelaas', om met mijn opsomming door te gaan, kan nooit genoeg worden gebruikt. Prachtig woord, echter opvallend vaak gebruikt in een humoristische context.
Om nog even terug te komen op uitroeptekens: mijn mening over het gebruik daarvan is tweeledig. Enerzijds storen ze me mateloos, met name dan wanneer Gelukkige Mensen ze te pas en te onpas gebruiken om er helemaal niks mee te verduidelijken. Anderzijds ben ik het uitroepteken zelf meer gaan gebruiken de laatste jaren - ik gebruikte het vroeger werkelijk nooit, - omdat ik denk dat mensen uit mijn occasionele en welgemikte uitroeptekens menen te mogen afleiden dat ik gelukkig ben. En of ik al dan niet gelukkig ben doet er dan minder toe, als de mensen dénken dat ik gelukkig ben, is het mij al best. Mensen houden vooral van gelukkige mensen. Ongelukkige mensen gaat men onbewust uit de weg.
Dehaens laatste alinea is honderd procent copypaste-werk en daardoor des te grappiger. Ook omdat ze helemaal mijn intrinsieke afkeer van het boek 'Desire! La vie sexuelle de Jelle Dehaen' - die pompeuze titel blijft een giller - tegenspreekt. En de opgestapelde cliché's missen hun effect niet. Hier hoort een lachband bij.
Aan het eind van mijn lectuur van 's mans tekst moet ik me ten slotte onherroepelijk afvragen wat Dehaen met zijn tekst bedoeld heeft. Ik weet het niet. Persoonlijk is mijn hang naar dolle pret de voornaamste reden waarom ik schrijf, - ik vind schrijven vaak dolle pret - en bij Dehaen zou dat ook weleens het geval kunnen zijn. Ik zou het hem eens moeten vragen. Hij lijkt me een intrigerende, ja, zelfs een boeiende man.
Het gaat over deze tekst van ene Jelle Dehaen, de blogger achter Altijd Nieuwjaar. U zal 'm wel moeten lezen, die tekst, om met mij mee te kunnen richting volgende alinea's want ik plan enkele hilariteiten uit 's mans opstel te plukken en toe te lichten waarom ik ze zo hilarisch vind.
Ten eerste: dat hele opstel van Dehaen is om te lachen. En inderdaad: ik lach erom. Ik wilg het door de schrijver wellicht beoogde effect zonder tegenspartelen in. Ik lach luidop en dat is iets dat ik maar zelden doe. De tekst is kurkdroog en zo heb ik mijn flauwekul het liefst.
'La vie sexuelle'. Frans. Geweldige keuze. Om een of andere reden uitermate grappig. Een Nederlandse vertaling zou nooit zo leuk zijn en Dehaen moet dat ook beseft hebben. Dat Frans brengt tevens een sérieux met zich mee dat hier hoegenaamd niet nodig is. En ook heeft dat Frans een ietwat erotische bijklank, wat hier ook als een tang op een varken slaat. Omzeggens.
De titel: 'Desire!' Dat uitroepteken. Magnifique! Dat woord op zich ook: desire. Weerom: uitstekende keuze.
Dat citaat van Lady Gaga is ook niet onbelangrijk. Heb ik het met u al over het begrip 'je ne sais quoi' gehad? Jazeker. Een torenhoog je ne sais quoi heeft dat citaat in het geheel van Dehaens tekst. Maar een meerwaarde vormt het wél.
"In zijn schokkende autobiografie gaat Jelle Dehaen geen taboe uit de weg; met een niets ontziende eerlijkheid beschrijft hij drie decennia van seksuele driften en uitspattingen."
Dit is promopraat op z'n onnozelst, en dus grappigst. Ik heb ervaring met persberichten en heb dergelijke zinsconstructies al geregeld zien passeren, meestal totaal misplaatst. Hier werkt het echter fantastisch. 'Niets ontziende eerlijkheid', zoiets zou een mens dus nooit zéggen. Zo'n term past nog het best in het jargon van een vent met een stoere stem die op 2BE een actiefilm aankondigt. Dinsdagavond, na een flutserie.
(Er is één ding dat ik jammer vind als ik Dehaens promotekst lees: hij heeft het niet consequent over Dehaen, maar spreekt ook over Jelle. Het gebruik van de familienaam is leuker. Het benadrukt de zo geestige sérieux, de afstand tussen lezer en schrijver.)
'Een erotische sluimertoestand'. Gewichtige bewoordingen maken bijna alle teksten al dan niet gewild grappig. Mensen die zichzelf serieus nemen, kunnen er zich maar beter voor hoeden.
'"Lange tijd vertrouwde ik niemand die net pannenkoeken had gebakken."' Enig, die 'huh?' die ik daarbij als lezer meekrijg.
De uitroeptekens in de commentaren van de recensenten. Ernstige recensenten zullen zelden uitroeptekens gebruiken. Dat het hier wel gebeurt, is natuurlijk een expliciet bewijs dat het om groteske flauwekul gaat. Des te leuker natuurlijk.
'Dehaen behandelt uitvoerig het ontstaan van het internet en de gevolgen voor de seksualiteit van de Westerse mens.' 'Uitvoerig behandelen', prachtige combinatie. En de abstractie van die 'Westerse mens', geen idee over wie het gaat en dat is ideaal. Abstractie en vaagheid wekken vaak een vermoeden van mysterie dat niet zelden onterecht is.
Het woord 'soelaas', om met mijn opsomming door te gaan, kan nooit genoeg worden gebruikt. Prachtig woord, echter opvallend vaak gebruikt in een humoristische context.
Om nog even terug te komen op uitroeptekens: mijn mening over het gebruik daarvan is tweeledig. Enerzijds storen ze me mateloos, met name dan wanneer Gelukkige Mensen ze te pas en te onpas gebruiken om er helemaal niks mee te verduidelijken. Anderzijds ben ik het uitroepteken zelf meer gaan gebruiken de laatste jaren - ik gebruikte het vroeger werkelijk nooit, - omdat ik denk dat mensen uit mijn occasionele en welgemikte uitroeptekens menen te mogen afleiden dat ik gelukkig ben. En of ik al dan niet gelukkig ben doet er dan minder toe, als de mensen dénken dat ik gelukkig ben, is het mij al best. Mensen houden vooral van gelukkige mensen. Ongelukkige mensen gaat men onbewust uit de weg.
Dehaens laatste alinea is honderd procent copypaste-werk en daardoor des te grappiger. Ook omdat ze helemaal mijn intrinsieke afkeer van het boek 'Desire! La vie sexuelle de Jelle Dehaen' - die pompeuze titel blijft een giller - tegenspreekt. En de opgestapelde cliché's missen hun effect niet. Hier hoort een lachband bij.
Aan het eind van mijn lectuur van 's mans tekst moet ik me ten slotte onherroepelijk afvragen wat Dehaen met zijn tekst bedoeld heeft. Ik weet het niet. Persoonlijk is mijn hang naar dolle pret de voornaamste reden waarom ik schrijf, - ik vind schrijven vaak dolle pret - en bij Dehaen zou dat ook weleens het geval kunnen zijn. Ik zou het hem eens moeten vragen. Hij lijkt me een intrigerende, ja, zelfs een boeiende man.
vrijdag 30 december 2011
Last.fm top 50 van 2011
In navolging van 2008, 2009 en 2010 ga ik ook dit jaar mijn 50 most played artists op Last.fm oplijsten, daarbij voorzien van een woordje uitleg.
Hier gaan we!
1. The Divine Comedy
Sinds dit jaar ook mijn most played artist overall. Radiohead van de nummer 1 gestoten. Geweldige componist, Neil Hannon, de man achter deze baroque eenmanspopgroep. 'Promenade', 'Casanova', A Short Album About Love', 'Fin de Siècle', 'Regeneration', 'Absent Friends', 'Victory For The Comic Muse' en 'Bang Goes The Knighthood': alle acht deze plaatjes zijn meer dan het beluisteren waard. Speciale vermelding voor 'Casanova' dit jaar. Ik ben al jaren fan en ga nog jaren fan blijven. Niet voor iedereen, maar wel voor mij. Dit is altijd goed.
2. PJ Harvey
Ook eentje voor wie ik dit jaar echt fatsoenlijk ben gaan zitten. Omdat ze een nieuwe, uitstekende, cd uithad, maar ook vanwege al die cd-tjes van haar die voor spotprijzen in tweedehandswinkels te krijg zijn. Uitschietertje dit jaar: 'Is This Desire'. Een moordwijf, zoals ze haar bij clint.be zouden noemen, mocht clint.be zich op vrouwen met hersenen en talent concentreren tenminste.
3. Low
Elk jaar goed voor een notering in deze lijst. Low is mij dierbaar, zeker ook na mijn kennismaking met het bloedmooie openingsnummer 'Anon' uit 'The Curtain Hits The Cast'. Ook de nieuwe cd, 'C'mon', was weer prima. Moeiteloos derde in mijn cd-eindejaarslijst.
4. The Antlers
Met 'Hospice' hoog genoteerd in de Duyster Top 100, dus moest ik dringend The Antlers ontdekken. En het was de moeite. Tanden stukgebeten wel, maar eens ze stuk waren bleek 'Hospice' magistraal. Vervolgens de nieuwe plaat, 'Burst Apart' beluisterd en eveneens onder de indruk. Op vier in mijn eindejaarslijst. Zowel hier als in de cd-top 22.
5. Massive Attack
En net wanneer de groep definitief irrelevant leek te zijn geworden - na 'Heligoland', dat ik nochtans niet slecht vind -, kreeg ik goesting om al hun oude platen te ontdekken. Omdat ze spotgoedkoop te krijgen zijn in mijn favo cd-winkel, Pêle Mêle te Brussel, en omdat ze niet voor niets classics worden genoemd. Inderdaad: 'Blue Lines' en 'Protection' zijn heel goed. Tevens ontdekte ik pas dit jaar de genialiteit van 'Unfinished Sympathy', waarvan ik vroeger niet begreep waarom men er zo wild over deed.
6. Radiohead
Toch weer op zes dit jaar. Dat zal grotendeels aan 'The King of Limbs' gelegen hebben, evenwel zeker niet hun beste plaat. Nee, dit jaar heb ik Radiohead leren relativeren. Ik besefte immers dat hun geniale 'OK Computer' al de volle 14 jaar oud is, en ook 'Kid A' is al ouwe koek. Na die laatste zijn ze nooit meer in de buurt van Revolutionair gekomen. Heel hoog niveau, dat wel, maar mensen die 'In Rainbows' beter vinden dan 'OK Computer' hebben stront in hun oren.
7. Lenny Kravitz
Lenny is een pleasure. Een guilty pleasure, zo u wil. Er werd enthousiast gedaan over 'Black And White America' en inderdaad, die ceedee bevat enkele uitstekende nummers zoals met name de titeltrack. Voorts wil ik ook duidelijk gezegd hebben dat Lenny's debuut, 'Let Love Rule' in niemands collectie mag ontbreken. Spotgoedkoop te krijg in tal van tweedehandswinkels. Doen!
8. dEUS
2011 was ook het jaar waarin ik deze sympathieke band definitief leerde te relativeren. 'Keep You Close' is oké, maar ze staat bij nader inzien te hoog in mijn eindejaarslijst. Net als bij Radiohead stel ik vast dat dEUS' beste plaat, 'The Ideal Crash', alweer meer dan tien jaar oud is. Met het oog op 2012 hoop ik tevens dat Mauro Pawlowski nog eens geniaal solo gaat. Ik heb horen fluisteren dat hij inderdaad plannen heeft in die richting.
9. At The Close Of Everyday
De beste Nederlandse groep die ik ken? Of het zou Kane moeten zijn.
Ik ging door de bakken in cd-winkel Sax toen ik op 'Zalig Zijn De Armen Van Geest' stootte. 'Kan je deze even opzijleggen, Jos,' vroeg ik Saxbaas Jos en dadelijk ging ik het nodige geld afhalen. Die man heeft geen bancontact moet u weten...
10. The National
Ja, er werd behoorlijk veel naar de Grote Namen geluisterd dit jaar. The National, jongens en meisjes, is de belangrijkste groep van de laatste vijf jaar. Dit jaar vooral gaan zitten voor 'Sad Songs For Dirty Lovers' met als toptrack 'Cardinal Song'. 'High Violet' blijft trouwens ook na 2011 een van de drie beste cd's die ik ooit gehoord heb. Qua goeie nieuwe releases vond ik 2011 overigens maar een mager jaar.
11. Interpol
Vooral de definitieve ontdekking van het inktzwarte 'Turn On The Bright Lights'.
12. Chris Whitley
Yes! Ik was blij (als een kind) toen ik enkele weken geleden op een lokale platenbeurs 'Din Of Ecstasy' kon scoren voor een luttele drie euro. Laat u niks wijsmaken: voorlopig kan Trixie nog niet tippen aan haar aan kanker overleden vader. Toptrack: 'O God My Heart Is Ready'.
13. Pearl Jam
Een dinosaurus op dertien. 't Is dat ik Pearl Jams laatste, 'Backspacer', goed vind en dat ik ook 'Yield' herontdekte. Die mannen hebben verspreid over een aantal platen best wel wat goeie singles gemaakt de afgelopen tien jaar.
14. Drake
Nice. Ik krijg er maar niet genoeg van, van deze crap. 'Thank Me Later' is van de smoothste R'n'B die ik de afgelopen jaren hoorde en ik heb een zwak voor smooth.
15. Janelle Monae
In dezelfde periode beluisterd als Drake, maar minder beklijvend. Wel een Janelle om in de gaten te houden. De enige Janelle om in de gaten te houden eigenlijk. Toptrack en videoclip: 'Tightrope'.
16. James Blake
Kon niet ontbreken natuurlijk. In januari spraken recensenten al over de lat die hoog lag enz., maar dat viel al bij al goed mee. 'I Never Learnt To Share' is wel een van de tien, misschien vijf, strafste nummers die ik dit jaar hoorde. Crazy vibes, om het met Selah Seut te zeggen.
17. The Beatles
Dino's op 17, maar wel dino's die nooit zullen uitsterven. 'The White Album' en 'Abbey Road': niet stuk te krijgen. Tijdloos enz, al hebben ze zodanig veel goeie nummers dat ze nooit in die verdomde Tijdloze geraken. Morgen, die Tijdloze.
18. Channel Zero
Kwaliteitsmetal. 'Black Fuel' is de max. Hun reünie interesseert me niet, maar 'Black Fuel' is dus de max.
19. Benga
De uitvinder van dubstep ofzo. Al die benamingen. Dubstep, whatever. Ik luisterde naar 'Diary of an Afro Warrior' en hoorde dat het leuk was.
20. Broken Glass Heroes
Was dat niet vorig jaar? Vreemd. Tof groepje naturlijk. Pascal Deweze is altijd tof. Tim Vanhaemel doorgaans ook.
21. The Jesus and Mary Chain
Vijf euro in Pêle Mêle. Ik was eerst niet zeker, maar heb 'Psychocandy' dan toch maar gekocht. Geen spijt. Melodische noise zal nooit mijn genre zijn, maar hier werkt het.
22. Spencer The Rover
Een van de Belgen van het jaar. Een 'ontdekking'. Luister naar 'The Accident' en ga met uw combat boots op uw cd's van Milow staan. Heeft die mens weer van kutje gegeven dit jaar. Spencer daarentegen. Muzikale Leuvenaar van het jaar. Benieuwd naar wat nog zal volgen.
23. TV On The Radio
Een beetje ongemerkt gepasseerd. 'Nine Types of Light' is toch vooral oerdegelijk. Dit blijft echter een uniek gezelschap. Altijd de moeite van het beluisteren waard.
24. 2 Many DJ's
Ik ben die gasten van Soulwax eigenlijk beu. Zeker ook na het bekijken van de zelfingenomen touropname 'Part Of The Weekend Never Dies'. Maar 'As Heard On Radio Soulwax pt. 2' was wel nog eens prettig. Please, heren Dewaele, herpakt u toch eens.
25. Brian Wilson
'Smile', maar dan niet in de nieuw uitgebrachte versie van The Beach Boys. Een soort psychedelische genie, die Wilson.
26. Dorleac
Geike en Spinvis samen voor ze hun solowerk uitbrachten - spijtig dat ik beide ceedees nog niet gehoord heb. Er staan een paar leuke nummers 'Dorleac', maar meer ook niet.
27. Anna Calvi
Deze schamele 27ste plaats staat niet in verhouding tot mijn appreciatie voor deze vamp. De David Lynchiaanse sfeer op haar debuut doet mij reikhalzend uitkijken naar meer. Aan het eind van mijn interimjob kreeg ik van de collega's de cd cadeau. Die gift zorgde mede voor een afscheid in majeur.
28. Shabazz Palaces
Hun 'Black Up' wordt door velen bestempeld als de alternatieve hiphopplaat van het jaar. Ik weet het zo niet, de klik is er nog steeds niet helemaal, maar 't is ook niet dat ik er helemaal niks van begrijp.
29. Brokeback
Moet ook begin dit jaar geweest zijn. Een zijproject van iemand van Tortoise. Field recordings. Weinig aan toe te voegen.
30. The Black Keys
'Brothers' is gewoon een kwartier te lang, anders was het een kopstoot van een plaat geweest. Staan echt een paar geweldige nummers op. De eerste vijf, met name.
31. COEM
Een van mijn Belgische stokpaardjes. Niemand kent deze groep uit Hasselt, maar ik ken ze wel en weet dat ze tot op heden drie goeie cd's hebben gemaakt. Zoek dat alstublieft eens op op het www.
32. Celebration
Neefjes van TV On The Radio. Beetje moeite gehad om te wennen aan de stem van de zangeres, maar daarna was ik wel mee.
33. Creature With The Atom Brain
Een Belgische groep waar ik tot voor dit jaar nog nooit iets van had gehoord. Vreemd. 'Transylvania' was een aangename kennismaking, mede door bijdrages van Mark Lanegan.
34. David Bowie
'Hunky Dory' en vooral ook 'Life On Mars'. Het origineel van Jasper Steverlinck is natuurlijk onovertroffen, maar deze cover mag er ook zijn! Meer Bowie in 2012.
35. Ballroomquartet
Belgen die instrumentale folk maken. Leuk hoor.
36. Robbie Williams
Laat u de 'Greatest Hits' van Robbie liggen als u 2,5 euro in uw broekzak hebt zitten en daarmee gepast die 'Greatest Hits' kunt betalen? Ik dacht het niet. Dit is meezingen tot de tweede macht. Karaoké ook wel.
37. Beach House
Het is me een zware bevalling geweest maar uiteindelijk ging ik 'Teen Dream' dan toch appreciëren.
38. Warpaint
Ook een bevalling, maar een iets vlottere. 'The Fool' is dan ook nog dat tikje beter dan 'Teen Dream'.
39. Clinic
Pitchforktoppertje. Amerikaanse indie die niet tot hier geraakt. Wat is er trouwens van Pitchfork geworden? Een kat vindt er zijn jongen niet meer in terug.
40. Adele
Had ik iets hoger verwacht, maar hoort eigenlijk niet hoger te staan. 'Set Fire To The Rain' is een wereldhit en er staan nog enkele goeie nummers op '21', maar die hele hype, nah.
41. Ghostpoet
Met dank aan Geert Simonis, want anders had deze sympathieke rapper me zeker niet bereikt. 'Peanut Butter Blues And Melancholy Jam' is evenwel wat je noemt leuk.
42. School Is Cool
Terecht in de top 50 geraakt. 'Entropology' kan tellen als debuut, met als toppertje de hit 'Warpaint'. Arcade Fire is nog iets te nadrukkelijk hoorbaar, maar dat sluipt er wel uit.
43. Morphine
Verdient een abonnement for life in deze jaarlijkse top 50. Volstrekt unieke muziek. Iedereen die Morphine niet kent, gaat nu onmiddellijk op zoek naar hun cd's.
44. Bibio
Soms moet een mens zich eens verdiepen in de artiesten op het Warplabel. Had hier-o vooral een hit te pakken met 'Fire Ant'.
45. Foo Fighters
De schaam in deze top 50. Ze hadden er op basis van hun laatste stinker nooit in gemogen.
46. Das Pop
Eigenlijk altijd vrij matig gevonden, Das Pop, maar toch geregeld naar geluisterd dit jaar. Het kan verkeren.
47. Dead Man Ray
Oeh! Dit jaar een week lang gelukkig geweest toen ik 'Berchem' kon scoren in de Sax (zie ook At The Close Of Everyday). Wellicht het beste dat Daan ooit heeft uitgebracht. Of toch zeker het interessantste.
48. Elbow
Met 'Build A Rocket Boys!' een plaat uitgebracht die de concurrentie opnieuw wegblies, maar niet zo weergaloos als het meesterlijke 'The Seldom Seen Kid' waar mijn mondje nog elke keer van openvalt. 'The Birds' is wel om van te janken, zo overrompelend schoon. En ik heb die mannen dus vanuit mijn slaapkamer zien optreden op Music For Life. Ook een ervaring hoor.
49. Coldplay
Al heel wat over geschreven op deze blog. Ik vind 'Mylo Xyloto' dan ook oprecht goed. Op basis daarvan hadden ze nog hoger mogen staan. Geen links naar YouTube hier. U hoort ze toch in hoge rotatie op Joe FM.
50. Noel Gallagher's High Flying Birds
Een hele mooie om mee af te sluiten die ook hoger had gemogen. 't Is dat zijn titelloze plaat zo laat uitkwam. Zijn solodebuut is beter dan '(What's The Story) Morning Glory', serieus.
Volgend jaar opnieuw een top 50. Volgend jaar ook opnieuw standaard geneuzel. Morgen blog ik niet, morgen loop ik vier kilometer in minder dan twintig minuten en vier ik Oudjaar, als alles goed gaat.
Hier gaan we!
1. The Divine Comedy
Sinds dit jaar ook mijn most played artist overall. Radiohead van de nummer 1 gestoten. Geweldige componist, Neil Hannon, de man achter deze baroque eenmanspopgroep. 'Promenade', 'Casanova', A Short Album About Love', 'Fin de Siècle', 'Regeneration', 'Absent Friends', 'Victory For The Comic Muse' en 'Bang Goes The Knighthood': alle acht deze plaatjes zijn meer dan het beluisteren waard. Speciale vermelding voor 'Casanova' dit jaar. Ik ben al jaren fan en ga nog jaren fan blijven. Niet voor iedereen, maar wel voor mij. Dit is altijd goed.
2. PJ Harvey
Ook eentje voor wie ik dit jaar echt fatsoenlijk ben gaan zitten. Omdat ze een nieuwe, uitstekende, cd uithad, maar ook vanwege al die cd-tjes van haar die voor spotprijzen in tweedehandswinkels te krijg zijn. Uitschietertje dit jaar: 'Is This Desire'. Een moordwijf, zoals ze haar bij clint.be zouden noemen, mocht clint.be zich op vrouwen met hersenen en talent concentreren tenminste.
3. Low
Elk jaar goed voor een notering in deze lijst. Low is mij dierbaar, zeker ook na mijn kennismaking met het bloedmooie openingsnummer 'Anon' uit 'The Curtain Hits The Cast'. Ook de nieuwe cd, 'C'mon', was weer prima. Moeiteloos derde in mijn cd-eindejaarslijst.
4. The Antlers
Met 'Hospice' hoog genoteerd in de Duyster Top 100, dus moest ik dringend The Antlers ontdekken. En het was de moeite. Tanden stukgebeten wel, maar eens ze stuk waren bleek 'Hospice' magistraal. Vervolgens de nieuwe plaat, 'Burst Apart' beluisterd en eveneens onder de indruk. Op vier in mijn eindejaarslijst. Zowel hier als in de cd-top 22.
5. Massive Attack
En net wanneer de groep definitief irrelevant leek te zijn geworden - na 'Heligoland', dat ik nochtans niet slecht vind -, kreeg ik goesting om al hun oude platen te ontdekken. Omdat ze spotgoedkoop te krijgen zijn in mijn favo cd-winkel, Pêle Mêle te Brussel, en omdat ze niet voor niets classics worden genoemd. Inderdaad: 'Blue Lines' en 'Protection' zijn heel goed. Tevens ontdekte ik pas dit jaar de genialiteit van 'Unfinished Sympathy', waarvan ik vroeger niet begreep waarom men er zo wild over deed.
6. Radiohead
Toch weer op zes dit jaar. Dat zal grotendeels aan 'The King of Limbs' gelegen hebben, evenwel zeker niet hun beste plaat. Nee, dit jaar heb ik Radiohead leren relativeren. Ik besefte immers dat hun geniale 'OK Computer' al de volle 14 jaar oud is, en ook 'Kid A' is al ouwe koek. Na die laatste zijn ze nooit meer in de buurt van Revolutionair gekomen. Heel hoog niveau, dat wel, maar mensen die 'In Rainbows' beter vinden dan 'OK Computer' hebben stront in hun oren.
7. Lenny Kravitz
Lenny is een pleasure. Een guilty pleasure, zo u wil. Er werd enthousiast gedaan over 'Black And White America' en inderdaad, die ceedee bevat enkele uitstekende nummers zoals met name de titeltrack. Voorts wil ik ook duidelijk gezegd hebben dat Lenny's debuut, 'Let Love Rule' in niemands collectie mag ontbreken. Spotgoedkoop te krijg in tal van tweedehandswinkels. Doen!
8. dEUS
2011 was ook het jaar waarin ik deze sympathieke band definitief leerde te relativeren. 'Keep You Close' is oké, maar ze staat bij nader inzien te hoog in mijn eindejaarslijst. Net als bij Radiohead stel ik vast dat dEUS' beste plaat, 'The Ideal Crash', alweer meer dan tien jaar oud is. Met het oog op 2012 hoop ik tevens dat Mauro Pawlowski nog eens geniaal solo gaat. Ik heb horen fluisteren dat hij inderdaad plannen heeft in die richting.
9. At The Close Of Everyday
De beste Nederlandse groep die ik ken? Of het zou Kane moeten zijn.
Ik ging door de bakken in cd-winkel Sax toen ik op 'Zalig Zijn De Armen Van Geest' stootte. 'Kan je deze even opzijleggen, Jos,' vroeg ik Saxbaas Jos en dadelijk ging ik het nodige geld afhalen. Die man heeft geen bancontact moet u weten...
10. The National
Ja, er werd behoorlijk veel naar de Grote Namen geluisterd dit jaar. The National, jongens en meisjes, is de belangrijkste groep van de laatste vijf jaar. Dit jaar vooral gaan zitten voor 'Sad Songs For Dirty Lovers' met als toptrack 'Cardinal Song'. 'High Violet' blijft trouwens ook na 2011 een van de drie beste cd's die ik ooit gehoord heb. Qua goeie nieuwe releases vond ik 2011 overigens maar een mager jaar.
11. Interpol
Vooral de definitieve ontdekking van het inktzwarte 'Turn On The Bright Lights'.
12. Chris Whitley
Yes! Ik was blij (als een kind) toen ik enkele weken geleden op een lokale platenbeurs 'Din Of Ecstasy' kon scoren voor een luttele drie euro. Laat u niks wijsmaken: voorlopig kan Trixie nog niet tippen aan haar aan kanker overleden vader. Toptrack: 'O God My Heart Is Ready'.
13. Pearl Jam
Een dinosaurus op dertien. 't Is dat ik Pearl Jams laatste, 'Backspacer', goed vind en dat ik ook 'Yield' herontdekte. Die mannen hebben verspreid over een aantal platen best wel wat goeie singles gemaakt de afgelopen tien jaar.
14. Drake
Nice. Ik krijg er maar niet genoeg van, van deze crap. 'Thank Me Later' is van de smoothste R'n'B die ik de afgelopen jaren hoorde en ik heb een zwak voor smooth.
15. Janelle Monae
In dezelfde periode beluisterd als Drake, maar minder beklijvend. Wel een Janelle om in de gaten te houden. De enige Janelle om in de gaten te houden eigenlijk. Toptrack en videoclip: 'Tightrope'.
16. James Blake
Kon niet ontbreken natuurlijk. In januari spraken recensenten al over de lat die hoog lag enz., maar dat viel al bij al goed mee. 'I Never Learnt To Share' is wel een van de tien, misschien vijf, strafste nummers die ik dit jaar hoorde. Crazy vibes, om het met Selah Seut te zeggen.
17. The Beatles
Dino's op 17, maar wel dino's die nooit zullen uitsterven. 'The White Album' en 'Abbey Road': niet stuk te krijgen. Tijdloos enz, al hebben ze zodanig veel goeie nummers dat ze nooit in die verdomde Tijdloze geraken. Morgen, die Tijdloze.
18. Channel Zero
Kwaliteitsmetal. 'Black Fuel' is de max. Hun reünie interesseert me niet, maar 'Black Fuel' is dus de max.
19. Benga
De uitvinder van dubstep ofzo. Al die benamingen. Dubstep, whatever. Ik luisterde naar 'Diary of an Afro Warrior' en hoorde dat het leuk was.
20. Broken Glass Heroes
Was dat niet vorig jaar? Vreemd. Tof groepje naturlijk. Pascal Deweze is altijd tof. Tim Vanhaemel doorgaans ook.
21. The Jesus and Mary Chain
Vijf euro in Pêle Mêle. Ik was eerst niet zeker, maar heb 'Psychocandy' dan toch maar gekocht. Geen spijt. Melodische noise zal nooit mijn genre zijn, maar hier werkt het.
22. Spencer The Rover
Een van de Belgen van het jaar. Een 'ontdekking'. Luister naar 'The Accident' en ga met uw combat boots op uw cd's van Milow staan. Heeft die mens weer van kutje gegeven dit jaar. Spencer daarentegen. Muzikale Leuvenaar van het jaar. Benieuwd naar wat nog zal volgen.
23. TV On The Radio
Een beetje ongemerkt gepasseerd. 'Nine Types of Light' is toch vooral oerdegelijk. Dit blijft echter een uniek gezelschap. Altijd de moeite van het beluisteren waard.
24. 2 Many DJ's
Ik ben die gasten van Soulwax eigenlijk beu. Zeker ook na het bekijken van de zelfingenomen touropname 'Part Of The Weekend Never Dies'. Maar 'As Heard On Radio Soulwax pt. 2' was wel nog eens prettig. Please, heren Dewaele, herpakt u toch eens.
25. Brian Wilson
'Smile', maar dan niet in de nieuw uitgebrachte versie van The Beach Boys. Een soort psychedelische genie, die Wilson.
26. Dorleac
Geike en Spinvis samen voor ze hun solowerk uitbrachten - spijtig dat ik beide ceedees nog niet gehoord heb. Er staan een paar leuke nummers 'Dorleac', maar meer ook niet.
27. Anna Calvi
Deze schamele 27ste plaats staat niet in verhouding tot mijn appreciatie voor deze vamp. De David Lynchiaanse sfeer op haar debuut doet mij reikhalzend uitkijken naar meer. Aan het eind van mijn interimjob kreeg ik van de collega's de cd cadeau. Die gift zorgde mede voor een afscheid in majeur.
28. Shabazz Palaces
Hun 'Black Up' wordt door velen bestempeld als de alternatieve hiphopplaat van het jaar. Ik weet het zo niet, de klik is er nog steeds niet helemaal, maar 't is ook niet dat ik er helemaal niks van begrijp.
29. Brokeback
Moet ook begin dit jaar geweest zijn. Een zijproject van iemand van Tortoise. Field recordings. Weinig aan toe te voegen.
30. The Black Keys
'Brothers' is gewoon een kwartier te lang, anders was het een kopstoot van een plaat geweest. Staan echt een paar geweldige nummers op. De eerste vijf, met name.
31. COEM
Een van mijn Belgische stokpaardjes. Niemand kent deze groep uit Hasselt, maar ik ken ze wel en weet dat ze tot op heden drie goeie cd's hebben gemaakt. Zoek dat alstublieft eens op op het www.
32. Celebration
Neefjes van TV On The Radio. Beetje moeite gehad om te wennen aan de stem van de zangeres, maar daarna was ik wel mee.
33. Creature With The Atom Brain
Een Belgische groep waar ik tot voor dit jaar nog nooit iets van had gehoord. Vreemd. 'Transylvania' was een aangename kennismaking, mede door bijdrages van Mark Lanegan.
34. David Bowie
'Hunky Dory' en vooral ook 'Life On Mars'. Het origineel van Jasper Steverlinck is natuurlijk onovertroffen, maar deze cover mag er ook zijn! Meer Bowie in 2012.
35. Ballroomquartet
Belgen die instrumentale folk maken. Leuk hoor.
36. Robbie Williams
Laat u de 'Greatest Hits' van Robbie liggen als u 2,5 euro in uw broekzak hebt zitten en daarmee gepast die 'Greatest Hits' kunt betalen? Ik dacht het niet. Dit is meezingen tot de tweede macht. Karaoké ook wel.
37. Beach House
Het is me een zware bevalling geweest maar uiteindelijk ging ik 'Teen Dream' dan toch appreciëren.
38. Warpaint
Ook een bevalling, maar een iets vlottere. 'The Fool' is dan ook nog dat tikje beter dan 'Teen Dream'.
39. Clinic
Pitchforktoppertje. Amerikaanse indie die niet tot hier geraakt. Wat is er trouwens van Pitchfork geworden? Een kat vindt er zijn jongen niet meer in terug.
40. Adele
Had ik iets hoger verwacht, maar hoort eigenlijk niet hoger te staan. 'Set Fire To The Rain' is een wereldhit en er staan nog enkele goeie nummers op '21', maar die hele hype, nah.
41. Ghostpoet
Met dank aan Geert Simonis, want anders had deze sympathieke rapper me zeker niet bereikt. 'Peanut Butter Blues And Melancholy Jam' is evenwel wat je noemt leuk.
42. School Is Cool
Terecht in de top 50 geraakt. 'Entropology' kan tellen als debuut, met als toppertje de hit 'Warpaint'. Arcade Fire is nog iets te nadrukkelijk hoorbaar, maar dat sluipt er wel uit.
43. Morphine
Verdient een abonnement for life in deze jaarlijkse top 50. Volstrekt unieke muziek. Iedereen die Morphine niet kent, gaat nu onmiddellijk op zoek naar hun cd's.
44. Bibio
Soms moet een mens zich eens verdiepen in de artiesten op het Warplabel. Had hier-o vooral een hit te pakken met 'Fire Ant'.
45. Foo Fighters
De schaam in deze top 50. Ze hadden er op basis van hun laatste stinker nooit in gemogen.
46. Das Pop
Eigenlijk altijd vrij matig gevonden, Das Pop, maar toch geregeld naar geluisterd dit jaar. Het kan verkeren.
47. Dead Man Ray
Oeh! Dit jaar een week lang gelukkig geweest toen ik 'Berchem' kon scoren in de Sax (zie ook At The Close Of Everyday). Wellicht het beste dat Daan ooit heeft uitgebracht. Of toch zeker het interessantste.
48. Elbow
Met 'Build A Rocket Boys!' een plaat uitgebracht die de concurrentie opnieuw wegblies, maar niet zo weergaloos als het meesterlijke 'The Seldom Seen Kid' waar mijn mondje nog elke keer van openvalt. 'The Birds' is wel om van te janken, zo overrompelend schoon. En ik heb die mannen dus vanuit mijn slaapkamer zien optreden op Music For Life. Ook een ervaring hoor.
49. Coldplay
Al heel wat over geschreven op deze blog. Ik vind 'Mylo Xyloto' dan ook oprecht goed. Op basis daarvan hadden ze nog hoger mogen staan. Geen links naar YouTube hier. U hoort ze toch in hoge rotatie op Joe FM.
50. Noel Gallagher's High Flying Birds
Een hele mooie om mee af te sluiten die ook hoger had gemogen. 't Is dat zijn titelloze plaat zo laat uitkwam. Zijn solodebuut is beter dan '(What's The Story) Morning Glory', serieus.
Volgend jaar opnieuw een top 50. Volgend jaar ook opnieuw standaard geneuzel. Morgen blog ik niet, morgen loop ik vier kilometer in minder dan twintig minuten en vier ik Oudjaar, als alles goed gaat.
donderdag 29 december 2011
Het gezeik van Hot Marijke
Twitter. Tja. Enkele dagen geleden schreef ik er al een schabouwelijke tekst over (die ik puur uit ijdelheid toch postte) en vandaag ben ik er opnieuw mee bezig. Was mijn conclusie vorige keer dat Twitter bullshit is en ik er daarom op neer kijk, dan stel ik vandaag opnieuw dat Twitter bullshit is, maar ben ik veeleer, euh, verwonderd over dit grensverleggend banale fenomeen.
Verwonderd omdat het (nog steeds) serieus wordt genomen. Omdat mensen die ik inschat als intelligent er uren van hun tijd mee verdoen. Nu ben ik zelf de laatste om te beweren dat een mens zijn tijd 'nuttig' moet besteden, maar om het half uur een tweet, dan klopt er iets neet.
Onder de strafste BV's zijn Chris Van den Abeele, (pdw), Koen Fillet en, euh, Hot Marijke. En wat die laatste betreft: sinds ik die 'volg(de)' lijkt het wel alsof ik voor eens en voor altijd tot het besef ben gekomen dat ik niet zomaar eender wie in mijn leven kan toelaten. Op Facebook heb ik al hetzelfde ondervonden, daar 'defriend' ik ook weleens een onverlaat. Unfollowen op Twitter is gelukkig nog makkelijker. Ik bedank dus voor het dagelijks gezwets van Hot Marijke op mijn scherm.
Met wie ik ook te maken kreeg toen ik Twitter exploreerde was @mbaeten, Twittercode voor ene Michel Baeten. Nooit gehoord van die mens was ik verbaasd dat die gevolgd werd door zowat mijn voltallige klantenbestand. Wie mocht die belangrijke mens wel wezen? Google leerde het me.
Michel Baeten is, hou even de adem in, de Meest Inspirerende (Vlaamse) Twitteraar. Dat blijkt uit een 'onderzoek' van Radio 1. Inspirerend. Een inspirerende Twitteraar. Wat moet een mens zich dààr bij voorstellen? Of moeten we dat woord 'inspirerend' niet te letterlijk nemen? Een follow @mbaeten drong zich hoe dan ook op en consternatie was mijn deel toen ik de onnozelheden las die deze Michel de wereld instuurt. Het begrip 'inspirerend' kreeg heel even een geheel nieuwe betekenis. Ik twitterde deze Baeten op de man af wat dat schuift, zo tientallen tweets per dag, en kreeg als antwoord: 'in natura', pretentieloos. Oh well.
Twitter, het is echt niks voor mij. Ik scroll maar wat, rol met mijn ogen en retweet hier en daar een waarheid of onnozelheid. De kont van Hot Marijke, een flater van Leterme, het is tijdverlies zoals ik nooit eerder tijd verloor. En toch wordt er gewichtig beweerd dat sommige mensen op Twitter hun 'informatie' halen. Afgaande op de populariteit van @mbaeten krijg ik toch vooral de indruk dat mensen er terechtkomen door een soort doorgedreven intellectuele verveling en een drang naar zelfpromotie. Zoals ikzelf wellicht.
Het moet volstaan om te besluiten met een tweet van Bernard Pivot, een 76-jarige Franse journalist: "Il faudrait que je twittasse combien de fois par jour et par nuit pour être considéré comme un abonné sérieux?"
Dit vat het prachtig samen. Het je ne sais quoi van Twitter is enorm. Enorm enorm.
Verwonderd omdat het (nog steeds) serieus wordt genomen. Omdat mensen die ik inschat als intelligent er uren van hun tijd mee verdoen. Nu ben ik zelf de laatste om te beweren dat een mens zijn tijd 'nuttig' moet besteden, maar om het half uur een tweet, dan klopt er iets neet.
Onder de strafste BV's zijn Chris Van den Abeele, (pdw), Koen Fillet en, euh, Hot Marijke. En wat die laatste betreft: sinds ik die 'volg(de)' lijkt het wel alsof ik voor eens en voor altijd tot het besef ben gekomen dat ik niet zomaar eender wie in mijn leven kan toelaten. Op Facebook heb ik al hetzelfde ondervonden, daar 'defriend' ik ook weleens een onverlaat. Unfollowen op Twitter is gelukkig nog makkelijker. Ik bedank dus voor het dagelijks gezwets van Hot Marijke op mijn scherm.
Met wie ik ook te maken kreeg toen ik Twitter exploreerde was @mbaeten, Twittercode voor ene Michel Baeten. Nooit gehoord van die mens was ik verbaasd dat die gevolgd werd door zowat mijn voltallige klantenbestand. Wie mocht die belangrijke mens wel wezen? Google leerde het me.
Michel Baeten is, hou even de adem in, de Meest Inspirerende (Vlaamse) Twitteraar. Dat blijkt uit een 'onderzoek' van Radio 1. Inspirerend. Een inspirerende Twitteraar. Wat moet een mens zich dààr bij voorstellen? Of moeten we dat woord 'inspirerend' niet te letterlijk nemen? Een follow @mbaeten drong zich hoe dan ook op en consternatie was mijn deel toen ik de onnozelheden las die deze Michel de wereld instuurt. Het begrip 'inspirerend' kreeg heel even een geheel nieuwe betekenis. Ik twitterde deze Baeten op de man af wat dat schuift, zo tientallen tweets per dag, en kreeg als antwoord: 'in natura', pretentieloos. Oh well.
Twitter, het is echt niks voor mij. Ik scroll maar wat, rol met mijn ogen en retweet hier en daar een waarheid of onnozelheid. De kont van Hot Marijke, een flater van Leterme, het is tijdverlies zoals ik nooit eerder tijd verloor. En toch wordt er gewichtig beweerd dat sommige mensen op Twitter hun 'informatie' halen. Afgaande op de populariteit van @mbaeten krijg ik toch vooral de indruk dat mensen er terechtkomen door een soort doorgedreven intellectuele verveling en een drang naar zelfpromotie. Zoals ikzelf wellicht.
Het moet volstaan om te besluiten met een tweet van Bernard Pivot, een 76-jarige Franse journalist: "Il faudrait que je twittasse combien de fois par jour et par nuit pour être considéré comme un abonné sérieux?"
Dit vat het prachtig samen. Het je ne sais quoi van Twitter is enorm. Enorm enorm.
woensdag 28 december 2011
CD-top 22 van 2011
1. Elbow: Build A Rocket Boys!
2. Coldplay: Mylo Xyloto
3. Low: C'mon
4. The Antlers: Burst Apart
5. dEUS: Keep You Close
6. Anna Calvi: Anna Calvi
7. PJ Harvey: Let England Shake
8. Spencer The Rover: The Accident
9. Senne Guns: Hoera voor de eleboe
10. Radiohead: The King of Limbs
11. Ghostpoet: Peanut Butter Blues and Melancholy Jam
12. Yuko: As If We Were Dancing
13. Noel Gallagher's High Flying Birds: Noel Gallagher's High Flying Birds
14. School Is Cool: Entropology
15. tUnE-yArDs: w h o k i l l
16. TV on the Radio: Nine Types of Light
17. The Strokes: Angles
18. Shabazz Palaces: Black Up
19. The Pains of Being Pure At Heart: Belong
20. Wilco: The Whole Love
21. Lenny Kravitz: Black And White America
22. Adele: 21
2. Coldplay: Mylo Xyloto
3. Low: C'mon
4. The Antlers: Burst Apart
5. dEUS: Keep You Close
6. Anna Calvi: Anna Calvi
7. PJ Harvey: Let England Shake
8. Spencer The Rover: The Accident
9. Senne Guns: Hoera voor de eleboe
10. Radiohead: The King of Limbs
11. Ghostpoet: Peanut Butter Blues and Melancholy Jam
12. Yuko: As If We Were Dancing
13. Noel Gallagher's High Flying Birds: Noel Gallagher's High Flying Birds
14. School Is Cool: Entropology
15. tUnE-yArDs: w h o k i l l
16. TV on the Radio: Nine Types of Light
17. The Strokes: Angles
18. Shabazz Palaces: Black Up
19. The Pains of Being Pure At Heart: Belong
20. Wilco: The Whole Love
21. Lenny Kravitz: Black And White America
22. Adele: 21
vrijdag 23 december 2011
Clyde
Zie! Nu heb ik het weer! Ik begin te typen en plots schiet door mijn hoofd dat een spelletje Pacman ook wel leuk zou zijn op dit moment. En zo gaat het al enkele dagen. Beetje surfen, beetje lezen, wat muziek luisteren en Pacman. Er altijd ergens middenin. Tijdens het muziek luisteren, ik onderbreek er het lezen voor en het jobhunten al zeker.
Pacman. Can't help loving it. Gisteren las ik op Wikipedia dat de bedenker ervan - een Japanner, nee, geen Amerikaan for once - de intentie had om een spel te maken dat ook door vrouwen zou gespeeld worden. De games toentertijd (begin jaren 1980) werden veelal door mannen gespeeld en onze Jap wilde een element in zijn game stoppen dat ook voor vrouwen aantrekkelijk zou zijn. Dat werden de geestjes in lichtblauw, rood, roze en oranje.
Een schot in de roos als je het mij vraagt, want ook ik ben er enorm mee ingenomen. Die geestjes zijn schattig! Hoe ze het op een achtervolgen zetten, de slinkse rekeltjes, en hoe ik keihard terugsla wanneer ik een toverbol heb geslikt! Het zit 'm allemaal in de eenvoudige doelstelling om zoveel mogelijk puntjes te sprokkelen - kan het sympathieker? Geen serieus gedoe met geweren, steden veroveren, achtervolgingen, geldzaken uitvoeren of babes verleiden, nee, gewoon rondcrossen op een spelbord en vooral niet gepakt worden. Ik hou van die eenvoud, dat rudimentaire maar desalniettemin innovatieve jaren 80-geëxperimenteer van kijk-eens-wat-wij-gemaakt-hebben. Pacman! Een schot in de roos.
Ook uit die periode en even pretentieloos simpel: Tetris. Ik ben een mens van voor mijn tijd. Terwijl mijn vrienden Pokemonkaarten verzamelden en bij elkaar thuis GTA gingen spelen, speelde ik Tetris en Pacman op internet, twee spellen, geniale tijdloze concepten, waarvoor ik geen 'sérieux' aan de dag moest leggen. Spellen ook die je probleemloos kon stoppen, uitermate geschikt voor de moeder die roept dat je moet komen eten.
Of de door de Jap beoogde vrouwen overigens voor Pacman te porren waren, heb ik vooralsnog niet achterhaald, ik heb er ook niet naar gezocht. Ik stel me echter voor van niet, zelf zou ik Pacmanspelende vrouwen toch maar raar vinden. Het is iets voor mannen, gevoelige mannen misschien, mannen zoals ik die van kleurtjes houden en geestjes schattig vinden. Mannen die stilstaan bij de namen van die geestjes: Inky, Blinky, Pinky en - wie schetst mijn verbazing? - Clyde. Clyde?, vroeg ik iemand die onlangs in mijn buurt zat in de hoop dat die zich er ook over zou verbazen, maar nee, hij zag daarin niks bijzonders. Het zou zelfs kunnen dat hij niet begreep waarover ik het had, die oerman.
Ik had het over Clyde. Het oranje geestje met de stoere naam. Clyde. Dat mijn Pac-man zodadelijk smakelijk zal verorberen. Of omgekeerd.
Pacman. Can't help loving it. Gisteren las ik op Wikipedia dat de bedenker ervan - een Japanner, nee, geen Amerikaan for once - de intentie had om een spel te maken dat ook door vrouwen zou gespeeld worden. De games toentertijd (begin jaren 1980) werden veelal door mannen gespeeld en onze Jap wilde een element in zijn game stoppen dat ook voor vrouwen aantrekkelijk zou zijn. Dat werden de geestjes in lichtblauw, rood, roze en oranje.
Een schot in de roos als je het mij vraagt, want ook ik ben er enorm mee ingenomen. Die geestjes zijn schattig! Hoe ze het op een achtervolgen zetten, de slinkse rekeltjes, en hoe ik keihard terugsla wanneer ik een toverbol heb geslikt! Het zit 'm allemaal in de eenvoudige doelstelling om zoveel mogelijk puntjes te sprokkelen - kan het sympathieker? Geen serieus gedoe met geweren, steden veroveren, achtervolgingen, geldzaken uitvoeren of babes verleiden, nee, gewoon rondcrossen op een spelbord en vooral niet gepakt worden. Ik hou van die eenvoud, dat rudimentaire maar desalniettemin innovatieve jaren 80-geëxperimenteer van kijk-eens-wat-wij-gemaakt-hebben. Pacman! Een schot in de roos.
Ook uit die periode en even pretentieloos simpel: Tetris. Ik ben een mens van voor mijn tijd. Terwijl mijn vrienden Pokemonkaarten verzamelden en bij elkaar thuis GTA gingen spelen, speelde ik Tetris en Pacman op internet, twee spellen, geniale tijdloze concepten, waarvoor ik geen 'sérieux' aan de dag moest leggen. Spellen ook die je probleemloos kon stoppen, uitermate geschikt voor de moeder die roept dat je moet komen eten.
Of de door de Jap beoogde vrouwen overigens voor Pacman te porren waren, heb ik vooralsnog niet achterhaald, ik heb er ook niet naar gezocht. Ik stel me echter voor van niet, zelf zou ik Pacmanspelende vrouwen toch maar raar vinden. Het is iets voor mannen, gevoelige mannen misschien, mannen zoals ik die van kleurtjes houden en geestjes schattig vinden. Mannen die stilstaan bij de namen van die geestjes: Inky, Blinky, Pinky en - wie schetst mijn verbazing? - Clyde. Clyde?, vroeg ik iemand die onlangs in mijn buurt zat in de hoop dat die zich er ook over zou verbazen, maar nee, hij zag daarin niks bijzonders. Het zou zelfs kunnen dat hij niet begreep waarover ik het had, die oerman.
Ik had het over Clyde. Het oranje geestje met de stoere naam. Clyde. Dat mijn Pac-man zodadelijk smakelijk zal verorberen. Of omgekeerd.
donderdag 22 december 2011
Stakers
(Er wordt vandaag massaal gestaakt naar aanleiding van de pensioenmaatregelen van Minister Vincent Van Quickenborne.)
Kijk hen daar staan op het plein, de mannetjes in rood en groen: de vakbond. Wie? Wel, de vakbond, de mensen die dertig jaar willen werken en dertig jaar pensioen willen. De mannetjes en vrouwtjes die op 50 van hun pensioen beginnen dromen en het dan al op een uitbollen zetten. Bijscholing? Daar zijn zij te oud voor. Flexibiliteit? Daar zijn zij te oud voor. Waar zij niet te oud voor zijn, zijn reisjes naar warme landen en spelen met de kleinkinderen. Dertig jaar pensioen, hen getrakteerd door hun eigen kinderen die dan voor de gezelligheid heel wat jaren langer zullen werken dan hun ouders.
Ik heb totaal geen begrip voor de staking van de mensen die niet kunnen aanvaarden dat zij tot 60 à 62 zullen moeten werken. De wettelijke pensioenleeftijd is 65, hun eigen ouders kunnen daar nog van meespreken. Jammer dus dat voorgaande regeringen het zover hebben laten komen dat die zes en die vijf omgedraaid raakten in de koppige koppen van die werknemers tegen wil en dank. Die sukkels begonnen derhalve van 56 te dromen en gingen hun irrealistische verwachtingen voor waar nemen tot ze zichzelf gebrainwasht hadden. Want zie ze daar nu staan op dat plein. In hun grote gelijk, met hun verworven rechten, ballonnen en spandoeken. Het moet zo vreselijk moeilijk zijn voor een nog werkende 55-jarige in pensioenmodus om zich elke morgen uit bed te hijsen. Ocharme, geef die man gauw zijn brugpensioen, hij heeft nog slechts dertig jaren te leven.
Het verschil tussen het laatste maandloon en het pensioen van een gepensioneerde jonger dan 60 zou (nog) groter moeten zijn dan het nu al is. Zodat het pijn doet, bruggepensioneerd zijn. Zodat meneer 's morgens uit bed komt en beseft dat hij het kalm aan zal moeten doen met zijn zeeën van tijd, want dat hij met zijn 800 à 900 euro per maand niet ver zal lopen. De bruggepensioneerde op een sukkeldrafje naar het OCMW en ik die hem daar opwacht om hem uit te lachen. Ik laat mijn fantasie ook maar op hol slaan. En ik overdrijf natuurlijk enorm.
Trouwens: ik vulde gisteren de Pop Poll van Humo in. Lul van het jaar? Rudy De Leeuw. Natuurlijk zat die naam vers in mijn geheugen, die boer is dagelijks op tv, maar aan het eind van het jaar vergeet men ook de lullen van voorgaande maanden al wat makkelijker. Desalniettemin is die vent steeds langer een onuitstaanbare kletskop die als vakbondsleider uiteraard een prima maandloon opstrijkt en kennelijk zelf tot zijn 65 voor zijn verworven rechten zal blijven strijden. Om op zijn 66 aan een hartaanval te bezwijken.
Dat ze er dus maar snel mee stoppen, het bont uitgedoste plebs, en terugkeren naar hun werkplaats. Die mensen hebben niks te zoeken op straat op een doordeweekse donderdag. Ik zal straks de bus niet kunnen nemen, mijn favoriete nieuwssite ligt zo goed als plat, mijn favoriete radioprogramma werd niet uitgezonden en mijn zoektocht naar werk wordt er ook niet gezelliger op. Want ja, ik zoek dus werk terwijl zij het hunne liever achter zich laten. Ik wens hen hun ontslag toe en mezelf hun stoel, want het is verdomme niet gemakkelijk voor een jongere om een job te vinden. En enqûeteur in een callcenter is ook niets voor de eeuwigheid.
Nee, ik heb hier geen begrip voor, verwenderikken in rood en groen, kleine burgermannetjes. Voor mijn part spelen we straks van generatieconflictje. U zal zich daarvoor wel flexibel moeten opstellen.
Kijk hen daar staan op het plein, de mannetjes in rood en groen: de vakbond. Wie? Wel, de vakbond, de mensen die dertig jaar willen werken en dertig jaar pensioen willen. De mannetjes en vrouwtjes die op 50 van hun pensioen beginnen dromen en het dan al op een uitbollen zetten. Bijscholing? Daar zijn zij te oud voor. Flexibiliteit? Daar zijn zij te oud voor. Waar zij niet te oud voor zijn, zijn reisjes naar warme landen en spelen met de kleinkinderen. Dertig jaar pensioen, hen getrakteerd door hun eigen kinderen die dan voor de gezelligheid heel wat jaren langer zullen werken dan hun ouders.
Ik heb totaal geen begrip voor de staking van de mensen die niet kunnen aanvaarden dat zij tot 60 à 62 zullen moeten werken. De wettelijke pensioenleeftijd is 65, hun eigen ouders kunnen daar nog van meespreken. Jammer dus dat voorgaande regeringen het zover hebben laten komen dat die zes en die vijf omgedraaid raakten in de koppige koppen van die werknemers tegen wil en dank. Die sukkels begonnen derhalve van 56 te dromen en gingen hun irrealistische verwachtingen voor waar nemen tot ze zichzelf gebrainwasht hadden. Want zie ze daar nu staan op dat plein. In hun grote gelijk, met hun verworven rechten, ballonnen en spandoeken. Het moet zo vreselijk moeilijk zijn voor een nog werkende 55-jarige in pensioenmodus om zich elke morgen uit bed te hijsen. Ocharme, geef die man gauw zijn brugpensioen, hij heeft nog slechts dertig jaren te leven.
Het verschil tussen het laatste maandloon en het pensioen van een gepensioneerde jonger dan 60 zou (nog) groter moeten zijn dan het nu al is. Zodat het pijn doet, bruggepensioneerd zijn. Zodat meneer 's morgens uit bed komt en beseft dat hij het kalm aan zal moeten doen met zijn zeeën van tijd, want dat hij met zijn 800 à 900 euro per maand niet ver zal lopen. De bruggepensioneerde op een sukkeldrafje naar het OCMW en ik die hem daar opwacht om hem uit te lachen. Ik laat mijn fantasie ook maar op hol slaan. En ik overdrijf natuurlijk enorm.
Trouwens: ik vulde gisteren de Pop Poll van Humo in. Lul van het jaar? Rudy De Leeuw. Natuurlijk zat die naam vers in mijn geheugen, die boer is dagelijks op tv, maar aan het eind van het jaar vergeet men ook de lullen van voorgaande maanden al wat makkelijker. Desalniettemin is die vent steeds langer een onuitstaanbare kletskop die als vakbondsleider uiteraard een prima maandloon opstrijkt en kennelijk zelf tot zijn 65 voor zijn verworven rechten zal blijven strijden. Om op zijn 66 aan een hartaanval te bezwijken.
Dat ze er dus maar snel mee stoppen, het bont uitgedoste plebs, en terugkeren naar hun werkplaats. Die mensen hebben niks te zoeken op straat op een doordeweekse donderdag. Ik zal straks de bus niet kunnen nemen, mijn favoriete nieuwssite ligt zo goed als plat, mijn favoriete radioprogramma werd niet uitgezonden en mijn zoektocht naar werk wordt er ook niet gezelliger op. Want ja, ik zoek dus werk terwijl zij het hunne liever achter zich laten. Ik wens hen hun ontslag toe en mezelf hun stoel, want het is verdomme niet gemakkelijk voor een jongere om een job te vinden. En enqûeteur in een callcenter is ook niets voor de eeuwigheid.
Nee, ik heb hier geen begrip voor, verwenderikken in rood en groen, kleine burgermannetjes. Voor mijn part spelen we straks van generatieconflictje. U zal zich daarvoor wel flexibel moeten opstellen.
dinsdag 20 december 2011
Ontmoetingen
De grens tussen virtueel en 'echt' verdwijnt. Daarover ben ik het eens met mijn vriend met wie ik appreciatie voor 'Mylo Xyloto' deel. Wij kwamen tot het besluit dat de vervaging van deze grens problematisch is, ook al hebben we elkaar heropgevist dankzij een sociaal medium. Virtueel = echt, zo moeten we leren aanvaarden. En als het daarmee ooit nog helemaal fout loopt, moeten wij er vooral voor zorgen dat we zelf buiten schot blijven.
Gisteren zag ik iemand terug met wie ik een gemeenschappelijke interesse voor astrologie en Loozafruitsapjes deel. Het is opnieuw via een sociaal medium dat ik het contact met haar heb kunnen behouden nadat onze wegen in principe scheidden. Ik ben de sociale media dan ook 'dankbaar' voor de mogelijkheden die ze me bieden. Maar zijn er grenzen? Waar stopt het?
Ik heb een keer of drie afgesproken met mensen die ik enkel via sociale media kende. Drie keer spraken we af aan een treinstation dat vreemd was voor mij. Ik had een reis afgelegd om deze mensen te ontmoeten. Op eentje was ik verliefd zonder haar ooit te hebben gezien. Nu schaam ik me daarvoor. Het was kennelijk een leerproces. We hebben toen nog handjes vastgehouden, die dag, en afgesproken dat ik zou terugkomen, wat natuurlijk niet is gebeurd.
Een andere keer hadden mijn virtuele vriendinnetje en ik afgesproken dat we hoofddeksels zouden dragen om elkaar te herkennen. Het was al symptomatisch dat we elkaar eerst voorbijliepen omdat we niet honderd procent zeker waren. Toch werd het nog een leuke dag. Ook toen was ik verliefd, maar gelukkig niet op voorhand. Wel erna. Ik was ongelooflijk verliefd. Voor de eerste en enige keer in mijn leven kon ik er niet door eten. Gelukkig was het snel duidelijk dat er niks van zou komen. Datzelfde leerproces, maar vroeger nog dan de ontmoeting die ik in de vorige alinea beschreef.
Ik heb ook eens met iemand afgespreken die vooraf aangaf dat ze doodsbenauwd was voor zogenaamde awkward silences. Dat zorgde ervoor dat ik er zin in had. Ik heb toen ook nadrukkelijk de stiltes in de hand gewerkt, ik vond dat de max - cynisch wel natuurlijk, ik weet het. Het begon me toen definitief te dagen dat deze eenmalige ontmoetingen in 'het echt' doorgaans gewoon ridicuul zijn, iets wat ik eigenlijk ook wel een beetje geestig vind.
En ik schrijf dit mede allemaal omdat ik een dezer naar alle waarschijnlijkheid iemand na lange tijd terugzie die een tijd geleden een korte periode heel veel voor mij betekend heeft. Iemand die mij diep geraakt heeft, om het te benoemen zoals het is. Wij hebben sindsdien een intense correspondentie onderhouden waar ik heel veel waarde aan hecht, maar toch maakt de gedachte aan een nieuwe en misschien wel laatste ontmoeting in het 'echt' me een klein beetje nerveus. Nochtans weet ik bijna zeker dat het fantastisch zal (of zou) zijn. Ik kijk er dus wel bijzonder naar uit, al was het maar voor de verrassing, maar het zou ook wel eens pijn kunnen doen. En zal ons virtuele contact in dat laatste geval verwateren?
Tijden..
Gisteren zag ik iemand terug met wie ik een gemeenschappelijke interesse voor astrologie en Loozafruitsapjes deel. Het is opnieuw via een sociaal medium dat ik het contact met haar heb kunnen behouden nadat onze wegen in principe scheidden. Ik ben de sociale media dan ook 'dankbaar' voor de mogelijkheden die ze me bieden. Maar zijn er grenzen? Waar stopt het?
Ik heb een keer of drie afgesproken met mensen die ik enkel via sociale media kende. Drie keer spraken we af aan een treinstation dat vreemd was voor mij. Ik had een reis afgelegd om deze mensen te ontmoeten. Op eentje was ik verliefd zonder haar ooit te hebben gezien. Nu schaam ik me daarvoor. Het was kennelijk een leerproces. We hebben toen nog handjes vastgehouden, die dag, en afgesproken dat ik zou terugkomen, wat natuurlijk niet is gebeurd.
Een andere keer hadden mijn virtuele vriendinnetje en ik afgesproken dat we hoofddeksels zouden dragen om elkaar te herkennen. Het was al symptomatisch dat we elkaar eerst voorbijliepen omdat we niet honderd procent zeker waren. Toch werd het nog een leuke dag. Ook toen was ik verliefd, maar gelukkig niet op voorhand. Wel erna. Ik was ongelooflijk verliefd. Voor de eerste en enige keer in mijn leven kon ik er niet door eten. Gelukkig was het snel duidelijk dat er niks van zou komen. Datzelfde leerproces, maar vroeger nog dan de ontmoeting die ik in de vorige alinea beschreef.
Ik heb ook eens met iemand afgespreken die vooraf aangaf dat ze doodsbenauwd was voor zogenaamde awkward silences. Dat zorgde ervoor dat ik er zin in had. Ik heb toen ook nadrukkelijk de stiltes in de hand gewerkt, ik vond dat de max - cynisch wel natuurlijk, ik weet het. Het begon me toen definitief te dagen dat deze eenmalige ontmoetingen in 'het echt' doorgaans gewoon ridicuul zijn, iets wat ik eigenlijk ook wel een beetje geestig vind.
En ik schrijf dit mede allemaal omdat ik een dezer naar alle waarschijnlijkheid iemand na lange tijd terugzie die een tijd geleden een korte periode heel veel voor mij betekend heeft. Iemand die mij diep geraakt heeft, om het te benoemen zoals het is. Wij hebben sindsdien een intense correspondentie onderhouden waar ik heel veel waarde aan hecht, maar toch maakt de gedachte aan een nieuwe en misschien wel laatste ontmoeting in het 'echt' me een klein beetje nerveus. Nochtans weet ik bijna zeker dat het fantastisch zal (of zou) zijn. Ik kijk er dus wel bijzonder naar uit, al was het maar voor de verrassing, maar het zou ook wel eens pijn kunnen doen. En zal ons virtuele contact in dat laatste geval verwateren?
Tijden..
zondag 18 december 2011
Toen Guano Apes een hit had
Het volgende dateert uit de tijd dat Guano Apes een hit had met 'Open Your Eyes'.
Op de kast stond een beeldje van wat geloof ik een pygmee was. Zijn vader had het van iemand gekregen, mogelijk van een patiënt. (Zijn vader had een beroep waarvan de naam zeven lettergrepen telde, maar meer daarover verderop.) Dit beeldje zou niet zo tot mijn verbeelding hebben gesproken mocht deze pygmee niet van een enorme penis voorzien zijn geweest. Het leek wel alsof hij deze penis moest torsen, hij hield 'm, gehurkt, met beide handen omhoog. Dat sprak behoorlijk tot mijn verbeelding, mag ik wel zeggen, en het benieuwde me wat de maker van dit beeldje daarmee over pygmeeën had willen vertellen. Maar ik heb zijn vader daarover nooit om uitleg gevraagd. Dat durfde ik natuurlijk niet.
Zijn vader, een rijzige slanke man, scheen een beroep uit te oefenen waarvan de naam zeven lettergrepen en zestien letters telde. Hij sprak de naam van zijn vaders beroep met gepaste trots uit. Gek wel, vond ik toen al, want in elke andere context was hij niet erg tuk op zijn vader. Zijn vader maakte amper tijd voor hem vrij, vertelde hij, en zijn moeder was ook niet erg betrokken. Ik denk wel dat hij, ondanks zijn talent voor overdrijving en drama, een punt had wanneer hij stelde dat zijn ouders te weinig naar hem omkeken. Zijn vader wekte de indruk voor zijn werk te leven en wat met zijn drie kinderen opgescheept te zitten, zijn moeder op haar beurt luisterde naar Morphine en rolde sigaretten in de onderverlichte en geelverkleurde keuken. Zij had van het roken een perkamenten huid gekregen en het gebeurde dat we haar slapend in een zetel aantroffen. Zij was een vrouw die niet meer wist wat een werkdag was. Mijn moeder en ik vonden dat zo sneu, herinner ik me.
Toegegeven dus, als hij kloeg over zijn ouders had hij wel een punt, ook al werd ik dat geklaag van hem naderhand wel wat beu. Dan stelde ik voor om te pingpongen in zijn garage waarvoor hij doorgaans wel te porren was. Zijn pingpongtafel was onstabiel, conform het gezin waartoe hij behoorde - als ik dat mag zeggen, - maar dat maakte het pingpongen extra uitdagend. Hij was het gewend om op deze tafel te spelen en versloeg me meestal (om die reden). Soms won ik toch, maar dat vermeed ik liever want winnen tegen hem was vervelend omdat hij competitief was en ik zodus zijn ontgoocheling moest counteren met gespeelde euforie, waarvoor ik eigenlijk te verlegen was.
Als ik erover nadenk was hij best wel geïsoleerd in dat gezin, hoewel dat ook genuanceerd moet worden. Hij mocht dan wel zeggen dat hij zijn zussen haatte, bij momenten kon ik heel duidelijk zien dat ze onderling ook een sterke band hadden en karakterieel erg op elkaar leken. Zijn jongere zus zat bijna altijd onderuitgezakt naar MTV te staren waardoor ik me een beetje ongerust over haar maakte, zijn oudere zus gebruikte cd's als onderleggers voor kaarsen waardoor ze die cd's, volgens mij, kapotmaakte. Nee, in dit gezin gebeurden dingen waarvan ik weinig of niks begreep.
Maar met wie hij wél een hele sterke band had, was zijn kat. Met zijn kat in de buurt kwam een heel andere kant van zijn persoonlijkheid naar boven, een kant waarvan ik hield en waarom ik hem mocht. Hij toonde een genegenheid voor dat beest, zoals ik zelf nooit genegenheid voor een dier heb gevoeld. Of jawel: mijn eigen kat was en is mij ook (nog steeds) heel erg genegen, maar ik zou zijn liefde voor zijn kat toch nog anders omschrijven. Hij beschouwde dat dier als een volwaardige gesprekspartner, het enige 'gezinslid' waarmee hij écht kon spreken. Hij beweerde met de grootste ernst dat zijn kat de WC gebruikte om haar behoeftes te doen. Dat was toch totaal onmogelijk, trok ik grote ogen, maar hij duldde geen tegenspraak daaromtrent. Dat vond ik ook wel leuk aan hem, dat koppige volhouden.
En ja, als ik zijn wereld echt volledig wil beschrijven kan ik ook niet om zijn slaapkamer heen. Deze had immers veel weg van een slagveld waar vele nog levende mensen al een schielijke dood waren gestorven. Zijn kamer was een laboratorium voor experimenten en nog uit te werken ideeën. Aan een muur prijkte een blacklist met de namen van zijn ergste vijanden en op de roos van een plastic dartsbord had hij een pasfoto geplakt van zijn vijand nummer één, wiens gezicht tot mijn ontstelling praktisch volledig doorzeefd was door pijlen. Ook verzamelde hij onschuldige en minder onschuldige wapens, schoot hij met pijl en boog en was hij bedreven met zakmessen. Ja, ik weet nog dat ik me weleens zorgen maakte om de toeren die hij daarmee nog zou uithalen. Maar daartegenover stond dan ook weer dat hij verschillende keren per week naar de keyboardles ging en daar rust en schoonheid uit putte. Verwonderlijk toch, die combinatie van agressie en rust.
Ik zie hem nu nog steeds, sporadisch, maar dat is minder interessant.
Tijden..
Op de kast stond een beeldje van wat geloof ik een pygmee was. Zijn vader had het van iemand gekregen, mogelijk van een patiënt. (Zijn vader had een beroep waarvan de naam zeven lettergrepen telde, maar meer daarover verderop.) Dit beeldje zou niet zo tot mijn verbeelding hebben gesproken mocht deze pygmee niet van een enorme penis voorzien zijn geweest. Het leek wel alsof hij deze penis moest torsen, hij hield 'm, gehurkt, met beide handen omhoog. Dat sprak behoorlijk tot mijn verbeelding, mag ik wel zeggen, en het benieuwde me wat de maker van dit beeldje daarmee over pygmeeën had willen vertellen. Maar ik heb zijn vader daarover nooit om uitleg gevraagd. Dat durfde ik natuurlijk niet.
Zijn vader, een rijzige slanke man, scheen een beroep uit te oefenen waarvan de naam zeven lettergrepen en zestien letters telde. Hij sprak de naam van zijn vaders beroep met gepaste trots uit. Gek wel, vond ik toen al, want in elke andere context was hij niet erg tuk op zijn vader. Zijn vader maakte amper tijd voor hem vrij, vertelde hij, en zijn moeder was ook niet erg betrokken. Ik denk wel dat hij, ondanks zijn talent voor overdrijving en drama, een punt had wanneer hij stelde dat zijn ouders te weinig naar hem omkeken. Zijn vader wekte de indruk voor zijn werk te leven en wat met zijn drie kinderen opgescheept te zitten, zijn moeder op haar beurt luisterde naar Morphine en rolde sigaretten in de onderverlichte en geelverkleurde keuken. Zij had van het roken een perkamenten huid gekregen en het gebeurde dat we haar slapend in een zetel aantroffen. Zij was een vrouw die niet meer wist wat een werkdag was. Mijn moeder en ik vonden dat zo sneu, herinner ik me.
Toegegeven dus, als hij kloeg over zijn ouders had hij wel een punt, ook al werd ik dat geklaag van hem naderhand wel wat beu. Dan stelde ik voor om te pingpongen in zijn garage waarvoor hij doorgaans wel te porren was. Zijn pingpongtafel was onstabiel, conform het gezin waartoe hij behoorde - als ik dat mag zeggen, - maar dat maakte het pingpongen extra uitdagend. Hij was het gewend om op deze tafel te spelen en versloeg me meestal (om die reden). Soms won ik toch, maar dat vermeed ik liever want winnen tegen hem was vervelend omdat hij competitief was en ik zodus zijn ontgoocheling moest counteren met gespeelde euforie, waarvoor ik eigenlijk te verlegen was.
Als ik erover nadenk was hij best wel geïsoleerd in dat gezin, hoewel dat ook genuanceerd moet worden. Hij mocht dan wel zeggen dat hij zijn zussen haatte, bij momenten kon ik heel duidelijk zien dat ze onderling ook een sterke band hadden en karakterieel erg op elkaar leken. Zijn jongere zus zat bijna altijd onderuitgezakt naar MTV te staren waardoor ik me een beetje ongerust over haar maakte, zijn oudere zus gebruikte cd's als onderleggers voor kaarsen waardoor ze die cd's, volgens mij, kapotmaakte. Nee, in dit gezin gebeurden dingen waarvan ik weinig of niks begreep.
Maar met wie hij wél een hele sterke band had, was zijn kat. Met zijn kat in de buurt kwam een heel andere kant van zijn persoonlijkheid naar boven, een kant waarvan ik hield en waarom ik hem mocht. Hij toonde een genegenheid voor dat beest, zoals ik zelf nooit genegenheid voor een dier heb gevoeld. Of jawel: mijn eigen kat was en is mij ook (nog steeds) heel erg genegen, maar ik zou zijn liefde voor zijn kat toch nog anders omschrijven. Hij beschouwde dat dier als een volwaardige gesprekspartner, het enige 'gezinslid' waarmee hij écht kon spreken. Hij beweerde met de grootste ernst dat zijn kat de WC gebruikte om haar behoeftes te doen. Dat was toch totaal onmogelijk, trok ik grote ogen, maar hij duldde geen tegenspraak daaromtrent. Dat vond ik ook wel leuk aan hem, dat koppige volhouden.
En ja, als ik zijn wereld echt volledig wil beschrijven kan ik ook niet om zijn slaapkamer heen. Deze had immers veel weg van een slagveld waar vele nog levende mensen al een schielijke dood waren gestorven. Zijn kamer was een laboratorium voor experimenten en nog uit te werken ideeën. Aan een muur prijkte een blacklist met de namen van zijn ergste vijanden en op de roos van een plastic dartsbord had hij een pasfoto geplakt van zijn vijand nummer één, wiens gezicht tot mijn ontstelling praktisch volledig doorzeefd was door pijlen. Ook verzamelde hij onschuldige en minder onschuldige wapens, schoot hij met pijl en boog en was hij bedreven met zakmessen. Ja, ik weet nog dat ik me weleens zorgen maakte om de toeren die hij daarmee nog zou uithalen. Maar daartegenover stond dan ook weer dat hij verschillende keren per week naar de keyboardles ging en daar rust en schoonheid uit putte. Verwonderlijk toch, die combinatie van agressie en rust.
Ik zie hem nu nog steeds, sporadisch, maar dat is minder interessant.
Tijden..
Abonneren op:
Posts (Atom)












