Aan de rand van de tafel zit de dromer. Met halftoegeknepen linkeroog is hij afwezig. Hij denkt er het zijne van en is niet helemaal te vertrouwen. Het is die jongen waarvan je zegt dat je hem niet kan doorgronden.
Als hij buiten is voel je je een stuk vrijer. Je gaat plots vrijuit praten met de jongen naast je. Over de dromer, over hoe hij de sfeer drukt. Iemand zegt iets over hem en je pikt daar gretig op in. Het is duidelijk dat jij niet de enige bent die geen touw aan de dromer vast kan knopen.
De dromer is iemand die naar links kijkt als de anderen naar rechts kijken. Links heeft hij de tijd weg zien tikken en hij vraagt zich af of hij die tijd nog kan terugvragen, ergens aan de balie. De dromer is iemand die zijn oren selectief wenst te gebruiken. Hij hoort genoeg gelul de rondte gaan dat anderen nodig hebben om zich zeker te voelen. De dromer vraagt zich af of er ergens ter wereld mensen bij elkaar komen om op een mooiere manier met elkaar te spreken.
Als de dromer weer binnekomt voel je een golf van vijandigheid door je maag slepen. Hij lijkt zich boven je te verheffen, zich aan je te onttrekken. Je zou hem willen wegstemmen in een tv-programma met 1.5 miljoen kijkers en je zou het publiek daarbij op je hand willen hebben.
Aan de rand van de tafel zit dan opnieuw de dromer. Zijn stem klinkt mat en lusteloos, je denkt dat hij overal wilt zijn behalve hier. Hij praat minder dan je hem ooit hebt horen praten en verdwijnt hoegenaamd in het niets. Je zal nooit meer aan hem denken eens hij weg is.
vrijdag 16 mei 2008
donderdag 15 mei 2008
Laat me niet alleen
Laat me niet alleen. Vertrek niet allemaal tegelijk. Laat me je kamer in. Oh en ik begrijp dat, als het nu niet gaat. Maar ik zou zo graag willen en dat verandert niet.
En wat ik in je kamer kom zoeken? Gezelschap. Jou. Niet dat het me zozeer om jou te doen is. Hoe klinkt dat nu weer?! Ik ben niet verliefd op jou. Maar als je me alleen laat... Doe dat niet nu. Mijn armen wegen als lood bij de gedachte. Mijn hoofd valt van mijn nek bij de idee.
Alleen. Ik heb gezworen nooit alleen te willen zijn. Als in eenzaam. Tegen mijn wil alleen zijn, dat wil ik niet. Dat wil ik wel. Maar niet in de zin van 'verlangend naar'. En toch doe ik dat veel te vaak.
Naar jou op je kamer. Maar nog veel meer naar jou in ik weet het niet. Waar je bent, of je bestaat. Geen idee.
Ik neem een douche om warm te krijgen. De straal is niet krachtig genoeg, ze verveelt me. Ik droog me af met een handdoek die schuurt, ik voel met benige handen langs knokige knoken en besef dat die huid er ooit weer afgaat.
Ik zing Mama's Jasjes "Laat Me Alleen" en sla pas na vijf refreinen acht op de inhoud van dat lied. Ooit zag ik Peter Van Laet in het bos met zijn hond. En hoe kort dat moment ook duurde, en hoe lang dat ook geleden is, ik meen me te herinneren dat die mens daar inderdaad heel graag alleen wilde zijn in dat bos.
Maar ik wil niet alleen zijn. Ik wil in Blankenberge staan, tussen het publiek van Tien Om Te Zien. Ik wil op het podium naast Peter Van Laet zitten. Ik wil Peter Van Laet zijn. Ik wil zingen en gitaar spelen.
Hier een clipje van "Als De Dag Van Toen". Ik hou van dit nummer als in het jaar van toen (1997), echt waar. Da's echt genieten, een beetje troost.
En wat ik in je kamer kom zoeken? Gezelschap. Jou. Niet dat het me zozeer om jou te doen is. Hoe klinkt dat nu weer?! Ik ben niet verliefd op jou. Maar als je me alleen laat... Doe dat niet nu. Mijn armen wegen als lood bij de gedachte. Mijn hoofd valt van mijn nek bij de idee.
Alleen. Ik heb gezworen nooit alleen te willen zijn. Als in eenzaam. Tegen mijn wil alleen zijn, dat wil ik niet. Dat wil ik wel. Maar niet in de zin van 'verlangend naar'. En toch doe ik dat veel te vaak.
Naar jou op je kamer. Maar nog veel meer naar jou in ik weet het niet. Waar je bent, of je bestaat. Geen idee.
Ik neem een douche om warm te krijgen. De straal is niet krachtig genoeg, ze verveelt me. Ik droog me af met een handdoek die schuurt, ik voel met benige handen langs knokige knoken en besef dat die huid er ooit weer afgaat.
Ik zing Mama's Jasjes "Laat Me Alleen" en sla pas na vijf refreinen acht op de inhoud van dat lied. Ooit zag ik Peter Van Laet in het bos met zijn hond. En hoe kort dat moment ook duurde, en hoe lang dat ook geleden is, ik meen me te herinneren dat die mens daar inderdaad heel graag alleen wilde zijn in dat bos.
Maar ik wil niet alleen zijn. Ik wil in Blankenberge staan, tussen het publiek van Tien Om Te Zien. Ik wil op het podium naast Peter Van Laet zitten. Ik wil Peter Van Laet zijn. Ik wil zingen en gitaar spelen.
Hier een clipje van "Als De Dag Van Toen". Ik hou van dit nummer als in het jaar van toen (1997), echt waar. Da's echt genieten, een beetje troost.
woensdag 14 mei 2008
Ik refereer aan de voetbalploeg Zenit Sint-Petersburg in de eerste zin van de derde alinea
Het is een strijd. Ik klik op "Blog maken" in plaats van op "Aanmelden", ik typ "kijk" in plaats van "klik", ik vraag me af waarom ik eraan begin.
R. zei me dat ik iets aan m'n mijn wallen moest doen. Water drinken, met name. En ik dacht: "wallen??"
Mijn bed lag voor me als een zwembad voor een honderdmeterschoolslagzwemmer met goesting. Tel de lettergrepen en besef dat ik het niet laten kon. Een tijdje later werd ik wakker zonder dat er iets veranderd was, integendeel. Wat ik had was nog erger en buiten leek het te gaan regenen, omdat het onheilspellend waaide.
Ik wist dat het woord 'zenit' iets met de (stand van de) zon te maken heeft, maar wat precies dat zou ik een andere keer uitklaren. En dat ik de finale tegen de Rangers niet zou volgen was evident: een ploeg die gedurende - ik riep het herhaaldelijk en met steeds meer ongeloof tegen A. - drie en een half uur voetbal niet tot scoren was gekomen, die was mijn aandacht niet waard.
(De Glasgow Rangers dus, die laatsten. En of 'zenit' in het Russisch ook iets met de (stand van de) zon te maken heeft, dat moet ik een andere keer maar eens uitklaren.)
R. zei me dat ik iets aan m'n mijn wallen moest doen. Water drinken, met name. En ik dacht: "wallen??"
Mijn bed lag voor me als een zwembad voor een honderdmeterschoolslagzwemmer met goesting. Tel de lettergrepen en besef dat ik het niet laten kon. Een tijdje later werd ik wakker zonder dat er iets veranderd was, integendeel. Wat ik had was nog erger en buiten leek het te gaan regenen, omdat het onheilspellend waaide.
Ik wist dat het woord 'zenit' iets met de (stand van de) zon te maken heeft, maar wat precies dat zou ik een andere keer uitklaren. En dat ik de finale tegen de Rangers niet zou volgen was evident: een ploeg die gedurende - ik riep het herhaaldelijk en met steeds meer ongeloof tegen A. - drie en een half uur voetbal niet tot scoren was gekomen, die was mijn aandacht niet waard.
(De Glasgow Rangers dus, die laatsten. En of 'zenit' in het Russisch ook iets met de (stand van de) zon te maken heeft, dat moet ik een andere keer maar eens uitklaren.)
dinsdag 13 mei 2008
Kwansuis een kriekenklap
'Mood swings'. Iedereen weet hoe bekakt die twee woorden in combinatie overkomen. Wij lezen de Flair niet - als we dat wel doen zitten we in de wachtkamer van de tandarts - en we moeten ons gemoed niet permanent in toom houden omdat elk potje yoghurt dat op de keukenvloer uiteenspat ons een zenuwcrisis in kan loodsen.
Maar toch. Mood swings! En dan vooral als het goed gaat.
Als het goed gaat en je wilt Plaid horen, maar Plaid maakt schijtmuziek, dan ben je slechtgezind. Op Plaid. Hoe durft Plaid zulk nietszeggend getoeter aan de mensheid te verkopen? Kunnen die mensen (twee Britten, geloof ik) niet gewoon in een suikerrafinaderij gaan werken, om maar wat te noemen? Maar daarna dan ook wel weer maximaal kunnen genieten van Pere Ubu, vanuit de optiek: "Eat this, Plaid. Dit is Pere Ubu, en dat is wél goed."
Tegen S. praten en eerst spijt hebben van elk woord dat je externaliseert. Je klinkt oncool, belachelijk, conform je uiterlijk op dat moment. Waarom ga je je niet gewoon nuttig maken in een suikerrafinaderij in plaats van hier de flauwe plezante slapjanus uit te hangen? Je weet het niet en wil dat er snel verandering in komt.
En die verandering komt er. Kwansuis. Je wilt noch kunt je herinneren hoe. Je onzin verkoopt plots als 'zoete broodjes' (lees: kriekenflappen) en S. lijkt méé te zijn, in navolging van jezelf, want zelf ben je je grootste fan.
Maar je zoekt je eigen grenzen op. Je flirt met de afgrond. Pienter genoeg om dat in te zien schakel je dan ook een tandje kleiner en ga je op veilig spelen. Als een kaars die pretendeert uit te doven, maar eigenlijk nog een hele tijd doorkan. Je houdt rekening met de zenuwen van S. en gunt 'm ten gepasten tijde zelf zijn moment de gloire. Op deze dag, in deze mood kan je dat allemaal coördineren.
En als je dan alleen bent, verwerk je het voorgaande. Je 'geeft het een plaats' en beredeneert het. Je bent in samenspraak met je ratio van je podium gestapt en bent nu klaar om heerlijk in je artiestenlobby te verpozen. Het is je ratio dat je ervan weerhoudt de gevallen ster te willen zijn. In deze mood, op deze dag zou het verdomme belachelijk zijn om je als Madonna te gaan gedragen.
(Mensen met een mening over het woord 'kwansuis' mogen die overigens steeds spuien.)
P.S.: Hiernaast staat mijn last.fm-houseplaylist op uw play-klik te wachten. Kunt U dus desgewenst op klikken tijdens het bezoeken van mijn blog. Geniet ervan.
Maar toch. Mood swings! En dan vooral als het goed gaat.
Als het goed gaat en je wilt Plaid horen, maar Plaid maakt schijtmuziek, dan ben je slechtgezind. Op Plaid. Hoe durft Plaid zulk nietszeggend getoeter aan de mensheid te verkopen? Kunnen die mensen (twee Britten, geloof ik) niet gewoon in een suikerrafinaderij gaan werken, om maar wat te noemen? Maar daarna dan ook wel weer maximaal kunnen genieten van Pere Ubu, vanuit de optiek: "Eat this, Plaid. Dit is Pere Ubu, en dat is wél goed."
Tegen S. praten en eerst spijt hebben van elk woord dat je externaliseert. Je klinkt oncool, belachelijk, conform je uiterlijk op dat moment. Waarom ga je je niet gewoon nuttig maken in een suikerrafinaderij in plaats van hier de flauwe plezante slapjanus uit te hangen? Je weet het niet en wil dat er snel verandering in komt.
En die verandering komt er. Kwansuis. Je wilt noch kunt je herinneren hoe. Je onzin verkoopt plots als 'zoete broodjes' (lees: kriekenflappen) en S. lijkt méé te zijn, in navolging van jezelf, want zelf ben je je grootste fan.
Maar je zoekt je eigen grenzen op. Je flirt met de afgrond. Pienter genoeg om dat in te zien schakel je dan ook een tandje kleiner en ga je op veilig spelen. Als een kaars die pretendeert uit te doven, maar eigenlijk nog een hele tijd doorkan. Je houdt rekening met de zenuwen van S. en gunt 'm ten gepasten tijde zelf zijn moment de gloire. Op deze dag, in deze mood kan je dat allemaal coördineren.
En als je dan alleen bent, verwerk je het voorgaande. Je 'geeft het een plaats' en beredeneert het. Je bent in samenspraak met je ratio van je podium gestapt en bent nu klaar om heerlijk in je artiestenlobby te verpozen. Het is je ratio dat je ervan weerhoudt de gevallen ster te willen zijn. In deze mood, op deze dag zou het verdomme belachelijk zijn om je als Madonna te gaan gedragen.
(Mensen met een mening over het woord 'kwansuis' mogen die overigens steeds spuien.)
P.S.: Hiernaast staat mijn last.fm-houseplaylist op uw play-klik te wachten. Kunt U dus desgewenst op klikken tijdens het bezoeken van mijn blog. Geniet ervan.
maandag 12 mei 2008
Dimi en Diète
't Is verzengend heet in het dorp waar Dimi en Diète wonen. De jongens hebben hun mountain bikes uit de garage gehaald en hebben elkaar gesms'd om samen in het dorp te gaan fietsen. Diète heeft zijn pet opgezet voor hij het huis verliet, zonder komt hij de straat niet op. En bij deze temperaturen kan hij wel wat beschutting voor zijn hoofd gebruiken.
Zowel Dimi als Diète kennen de hoofdstraten van het dorp als hun broekzak. Ze wonen er al 20 jaar - zo oud zijn ze ongeveer - en ze doorkruisen hun vaste routes nog dagelijks. Elk hebben Dimi en Diète een eigen auto gekregen van hun ouders en daarmee maken ze occasioneel een ritje door het dorp. En als het nodig is rijden ze ook met hun auto's naar de grote stad, maar eigenlijk doen ze dat liever niet. In de stad is het namelijk heel erg moeilijk om je auto te parkeren.
Dimi en Diète hebben afgesproken aan de kerk, daar komen ze altijd samen. De jongens besluiten eerst naar de krantenwinkel te gaan voor een blikje bier, dat kunnen ze dan lekker aan de kerk opdrinken. Maar het is zondag, de krantenwinkel is gesloten. Dan maar geen bier en meteen fietsen.
Als Diète en Dimi langs de winkel van Dimi's vader passeren, merken ze mij op. En ik hen. Ik kijk de jongens nieuwsgierig aan, ik ken hen nog van vroeger. Dimi lijkt niet erg in mij geïnteresseerd te zijn, maar Diète kijkt herhaaldelijk achterom terwijl hij langzaam doorrijdt. Ik betwijfel of hij zich mijn naam nog kan herinneren.
Zonder vervolg.
Zowel Dimi als Diète kennen de hoofdstraten van het dorp als hun broekzak. Ze wonen er al 20 jaar - zo oud zijn ze ongeveer - en ze doorkruisen hun vaste routes nog dagelijks. Elk hebben Dimi en Diète een eigen auto gekregen van hun ouders en daarmee maken ze occasioneel een ritje door het dorp. En als het nodig is rijden ze ook met hun auto's naar de grote stad, maar eigenlijk doen ze dat liever niet. In de stad is het namelijk heel erg moeilijk om je auto te parkeren.
Dimi en Diète hebben afgesproken aan de kerk, daar komen ze altijd samen. De jongens besluiten eerst naar de krantenwinkel te gaan voor een blikje bier, dat kunnen ze dan lekker aan de kerk opdrinken. Maar het is zondag, de krantenwinkel is gesloten. Dan maar geen bier en meteen fietsen.
Als Diète en Dimi langs de winkel van Dimi's vader passeren, merken ze mij op. En ik hen. Ik kijk de jongens nieuwsgierig aan, ik ken hen nog van vroeger. Dimi lijkt niet erg in mij geïnteresseerd te zijn, maar Diète kijkt herhaaldelijk achterom terwijl hij langzaam doorrijdt. Ik betwijfel of hij zich mijn naam nog kan herinneren.
Zonder vervolg.
zondag 11 mei 2008
Afspraak in 2025, hipsters
Even de radio luider zetten. Ze spelen dit nummer wel heel regelmatig. Het is nochtans zowat zeventien jaar oud. Maar zo goed. Raadt U het al?
"Weet je," zeg ik tegen P. (ik zeg trouwens niet echt 'je' hoor), "ik zou het grappig vinden mocht iemand ons hier op ons terras komen vragen wat wij van dit nummer vinden. Wij jonge hipsters, connaisseurs, Pukkelpoppers, thuis in meerdere genres. Of wij deze muziek nog naar waarde weten te schatten, of, of wij, meer waarschijnlijk, zweren bij hedendaagse debutanten genre Vampire Weekend, Yeasayer, of straffer nog, Boys Noize, Justice, etc."
Ja, dat bedenk ik me daar, en wat je aan muzikaals met vier à vijf minuten kan uitrichten. Ik vraag me af hoe iemand van twintig, zeventien jaar geleden geacht werd te reageren op deze muziek, wat hij voelde en of hij ze op zijn beurt naar waarde wist te schatten of ze integendeel verguisde, de vergelijking makend met iets van twintig jaar dáárvoor. 'De geschiedenis' heeft natuurlijk bewezen dat dit nummer aan de borst werd gedrukt en zonder te willen zagen vraag ik me dan maar af of Vampire Weekend over zeventien jaar ook ergens hoog in de steeds-minder-tijdloze Tijdloze staat.
"Alive" van Pearl Jam duurt 5'40" ofte 340 sec, dus toegegeven, de heren kregen hun tijd. Maar wie kan de overbodige seconde in hun paradepaardje vinden? En wie zit er bij Vampire Weekend niet op zijn klok te kijken, ervaart er bij Justice geen gevoel van oppervlakkigheid, willekeur?
Omdat ik echt als de dood ben voor prekerigheid, enkel nog dit (wat ook iedereen al weet): een beginnende band krijgt nu geen zeventien jaar de tijd meer om te rijpen. Daarom zoekt die beginnende band meteen naar een hippe smoel om daar dan, als puntje bij paaltje komt, toch weer gedesillusioneerd op terecht te komen, na een maand of zes.
Misschien is dat jammer. Hoogstwaarschijnlijk zelfs. Maar het is conform de vluchtigheid waarmee er geleefd wordt en die maakt een noodzakelijk rijpingsproces onmogelijk.
Maar "Alive" is ook gewoon geweldig goed.
De video hieronder is niet die van mijn voorkeur. Ik had liever een sprekende live-versie uit hun beginjaren, maar kon die zo direct niet vinden. De manier waarop het publiek hier reageert spreekt echter ook boekdelen.
"Weet je," zeg ik tegen P. (ik zeg trouwens niet echt 'je' hoor), "ik zou het grappig vinden mocht iemand ons hier op ons terras komen vragen wat wij van dit nummer vinden. Wij jonge hipsters, connaisseurs, Pukkelpoppers, thuis in meerdere genres. Of wij deze muziek nog naar waarde weten te schatten, of, of wij, meer waarschijnlijk, zweren bij hedendaagse debutanten genre Vampire Weekend, Yeasayer, of straffer nog, Boys Noize, Justice, etc."
Ja, dat bedenk ik me daar, en wat je aan muzikaals met vier à vijf minuten kan uitrichten. Ik vraag me af hoe iemand van twintig, zeventien jaar geleden geacht werd te reageren op deze muziek, wat hij voelde en of hij ze op zijn beurt naar waarde wist te schatten of ze integendeel verguisde, de vergelijking makend met iets van twintig jaar dáárvoor. 'De geschiedenis' heeft natuurlijk bewezen dat dit nummer aan de borst werd gedrukt en zonder te willen zagen vraag ik me dan maar af of Vampire Weekend over zeventien jaar ook ergens hoog in de steeds-minder-tijdloze Tijdloze staat.
"Alive" van Pearl Jam duurt 5'40" ofte 340 sec, dus toegegeven, de heren kregen hun tijd. Maar wie kan de overbodige seconde in hun paradepaardje vinden? En wie zit er bij Vampire Weekend niet op zijn klok te kijken, ervaart er bij Justice geen gevoel van oppervlakkigheid, willekeur?
Omdat ik echt als de dood ben voor prekerigheid, enkel nog dit (wat ook iedereen al weet): een beginnende band krijgt nu geen zeventien jaar de tijd meer om te rijpen. Daarom zoekt die beginnende band meteen naar een hippe smoel om daar dan, als puntje bij paaltje komt, toch weer gedesillusioneerd op terecht te komen, na een maand of zes.
Misschien is dat jammer. Hoogstwaarschijnlijk zelfs. Maar het is conform de vluchtigheid waarmee er geleefd wordt en die maakt een noodzakelijk rijpingsproces onmogelijk.
Maar "Alive" is ook gewoon geweldig goed.
De video hieronder is niet die van mijn voorkeur. Ik had liever een sprekende live-versie uit hun beginjaren, maar kon die zo direct niet vinden. De manier waarop het publiek hier reageert spreekt echter ook boekdelen.
zaterdag 10 mei 2008
Ik wil niet persoonlijk worden, maar wist U het al van mijn discrepantie?
Ik heb een cursus, wat zeg ik, een dik boek over sociale psychologie, en ik blader erin. Er wacht mij een examen over enkele hoofdstukken uit dat boek. Hoofdstuk 9 moet ik kennen. Het heet "Aantrekking en hechte relaties".
Hoofdstuk 9 gaat over liefde, vriendschap, uiterlijke schoonheid, etc. Mijn klasgenootjes en ik waren blij dat we per toeval in de les zaten toen Mevr. J. het hoofdstuk aansneed. Van de liefde zijn we weg, zoals Paris van chihuahua's, en er kan niet genoeg over gepalaverd worden. Als het even in de les kan, des te beter.
En dat in een psychologisch kader dus. Met ronkende titels als 'De kick verbonden aan affiliatie'. Affiliatie dat is de behoefte om sociale contacten te leggen, zo lees ik. En zelfs "laboratoriumratten" blijken die behoefte te hebben, maak ik op uit een "fascinerend onderzoek" van Bibb Latané en Carol Werner uit 1978.
Ik concentreer me beter wanneer ik op de titel 'De pijn van eenzaamheid' stuit. Gaat dit boek me antwoorden op mijn vragen bieden? Gaat dit boek opheldering brengen? Zo denk ik onbewust. En als ik aan het lezen ga vraag ik me af of ik verlegen, sociaal onbeholpen en geremd ben. Of ik mensen negeer uit vrees om zelf genegeerd te worden. Ik beaam noch ontken. Ik lees en herken. "Caspi (2000) vond groter sociaal isolement en depressie onder 21-jarigen waarbij geremdheid, schaamte en angst werd geobserveerd op hun derde levensjaar, in vergelijking met de vlotte driejarige hummels."
Maar gesteld dat ik echt eenzaam was dan had ik een laag zelfbeeld, zo veronderstelt men vervolgens. En dan ging ik me conformeren aan bepaalde sociale normen. Tot daar, denk ik, want ik mag dan soms wel eenzaam zijn - "een discrepantie tussen het sociale contact dat men realiseert en het sociale contact dat men verlangt" - aan overvloedig conformeren of het neerhalen van mezelf heb ik nooit gedacht. Zeg ik, denk ik, ongeveer. De reden daarvoor is altijd mijn trots geweest, de mate waarin ik in mezelf geloof, mezelf de moeite vind.
Verderop in het boek lees ik over de kosten-batenanalyse, ontleend aan de economie. Deze stelt dat mensen in een relatie een balans opmaken van de kosten die ze maken en de baten die ze daarvoor ontvangen. Die balans moet in evenwicht blijven, want wie teveel geeft zal iets terug willen krijgen, en wie teveel krijgt zal zich schuldig voelen.
Maar laat ik een andere keer van wal steken over de baten waarbij ik gebaat ben en de baten die ik zelf daarvoor in ruil aanbied. Het is mooi weer, en bijna tijd en ik zie dat U uw propjes al in de aanslag houdt.
Hoofdstuk 9 gaat over liefde, vriendschap, uiterlijke schoonheid, etc. Mijn klasgenootjes en ik waren blij dat we per toeval in de les zaten toen Mevr. J. het hoofdstuk aansneed. Van de liefde zijn we weg, zoals Paris van chihuahua's, en er kan niet genoeg over gepalaverd worden. Als het even in de les kan, des te beter.
En dat in een psychologisch kader dus. Met ronkende titels als 'De kick verbonden aan affiliatie'. Affiliatie dat is de behoefte om sociale contacten te leggen, zo lees ik. En zelfs "laboratoriumratten" blijken die behoefte te hebben, maak ik op uit een "fascinerend onderzoek" van Bibb Latané en Carol Werner uit 1978.
Ik concentreer me beter wanneer ik op de titel 'De pijn van eenzaamheid' stuit. Gaat dit boek me antwoorden op mijn vragen bieden? Gaat dit boek opheldering brengen? Zo denk ik onbewust. En als ik aan het lezen ga vraag ik me af of ik verlegen, sociaal onbeholpen en geremd ben. Of ik mensen negeer uit vrees om zelf genegeerd te worden. Ik beaam noch ontken. Ik lees en herken. "Caspi (2000) vond groter sociaal isolement en depressie onder 21-jarigen waarbij geremdheid, schaamte en angst werd geobserveerd op hun derde levensjaar, in vergelijking met de vlotte driejarige hummels."
Maar gesteld dat ik echt eenzaam was dan had ik een laag zelfbeeld, zo veronderstelt men vervolgens. En dan ging ik me conformeren aan bepaalde sociale normen. Tot daar, denk ik, want ik mag dan soms wel eenzaam zijn - "een discrepantie tussen het sociale contact dat men realiseert en het sociale contact dat men verlangt" - aan overvloedig conformeren of het neerhalen van mezelf heb ik nooit gedacht. Zeg ik, denk ik, ongeveer. De reden daarvoor is altijd mijn trots geweest, de mate waarin ik in mezelf geloof, mezelf de moeite vind.
Verderop in het boek lees ik over de kosten-batenanalyse, ontleend aan de economie. Deze stelt dat mensen in een relatie een balans opmaken van de kosten die ze maken en de baten die ze daarvoor ontvangen. Die balans moet in evenwicht blijven, want wie teveel geeft zal iets terug willen krijgen, en wie teveel krijgt zal zich schuldig voelen.
Maar laat ik een andere keer van wal steken over de baten waarbij ik gebaat ben en de baten die ik zelf daarvoor in ruil aanbied. Het is mooi weer, en bijna tijd en ik zie dat U uw propjes al in de aanslag houdt.
vrijdag 9 mei 2008
Botanique ta mère
Oké, het mag dan niet helemaal met goesting zijn, qua timing is het niet ideaal, maar ik kan niet veel aanmerken op de schitterende tuinen van de Botanique. Die paadjes, doolhoven, grasveldjes en schaduwrijke bankjes. Een rustpunt tussen de verkeersaders van Brussel, met ernaast de serres, de concertzalen waarin zowat de beste programmatie van het land het hele jaar door te kijk staat.
En dan vind jij het nodig om mij in de volle zon cinquant cents te vragen en om mij onmiddellijk daarna te vragen of ik uit Frankrijk kom. Op beide vragen moet ik helaas "non pourquoi?" antwoorden. Je bent een bedelaar, copain, waar is toch je gevoel voor eigenwaarde?
Je volgt me om aan te dringen. Ik geef je tien cent en zeg dat dat kan tellen als begin van je schooitocht ("c'est un commence, n'est-ce pas?", zei ik, geloof ik - mon dieu). Je hoeft geen tien cent (daar is je eigenwaarde dan) en veronderstelt dat ik dat schrammetje onder mijn rechteroog in een vechtpartij heb opgelopen. Onjuist, m'n beste. Gelukkig hoef ik je dat niet meer uit te leggen, want je vindt het zelf al de moeite niet meer.
Ik vind het treurig dat deze mooie plek besmeurd wordt door sujetten zoals jij. Waar is jouw gevoel voor poëzie gebleven? In je land van oorsprong misschien? Ik vermoed dat het potentieel daartoe daar alleszins beter tot ontwikkeling was gekomen. En voorts vind ik het jammer dat je geen geld hebt voor een pintje. Ik hou van gelukkige mensen op leuke bijeenkomsten.
Je volgt me om aan te dringen. Ik geef je tien cent en zeg dat dat kan tellen als begin van je schooitocht ("c'est un commence, n'est-ce pas?", zei ik, geloof ik - mon dieu). Je hoeft geen tien cent (daar is je eigenwaarde dan) en veronderstelt dat ik dat schrammetje onder mijn rechteroog in een vechtpartij heb opgelopen. Onjuist, m'n beste. Gelukkig hoef ik je dat niet meer uit te leggen, want je vindt het zelf al de moeite niet meer.
Ik vind het treurig dat deze mooie plek besmeurd wordt door sujetten zoals jij. Waar is jouw gevoel voor poëzie gebleven? In je land van oorsprong misschien? Ik vermoed dat het potentieel daartoe daar alleszins beter tot ontwikkeling was gekomen. En voorts vind ik het jammer dat je geen geld hebt voor een pintje. Ik hou van gelukkige mensen op leuke bijeenkomsten.
donderdag 8 mei 2008
Adieu Coike: je ging zoals ik het nooit luidop had durven uitspreken
Ermee opgestaan. Wekkerradio, 9u. Niet "in mijn wang geknepen" om te verifiëren of ik het wel goed hoorde, maar er toch snel iets meer over te weten willen komen via internet. Het een beetje jammer gevonden dat ik er niet meteen over kon beginnen roepen tegen S., A. en P.. Gelukkig wel kunnen uitkijken naar de onthutste gezichtjes van menig een op school.
Mij meteen voorgenomen het de fans niet nodeloos onaangenaam te maken door andermaal en ten langen leste mijn mening over de voetballer te poneren, en ingezien dat de dood een hogere macht is dan het voetbal, en dat elke voetballer bij zijn overlijden opnieuw een mens wordt.
Fans gezien die het erg vonden, die het zich "nog niet realiseerden". Tegenstanders gezien die het evenzeer erg vonden, die plots woorden voor de vijand overhadden waarvan ze nooit verwacht hadden die ooit te zullen uitspreken met betrekking tot het onderwerp.
(Het onderwerp dat de hele dag bleef sluimeren, dat te pas en te onpas opdook, waarop herhaaldelijk gealludeerd werd, dat - oh ironie - bijzonder lééfde.)
In het onderwerp een draad tot wat occasionele small-talk herkend, die draad dankbaar opgeraapt. Bemiddeld tussen P. en D. die respectievelijk stelden dat het ongeluk heel erg was en dat het ongeluk maar één van de zovele ongelukken was.
In de krant gelezen dat er in Myanmar bij een overstroming 100.000 mensen omgekomen zijn. Bedacht dat een voetbalstadion een circus is, en een voetballer een clown.
Thuisgekomen en het onderwerp obligaat herkauwd. Via het onderwerp dingen te weten gekomen die ik anders misschien nooit te weten gekomen zou zijn. Zoals dat E. nog in Molenbeek gewoond heeft. Moet ik haar morgen eens wat meer over vragen. Molenbeek fascineert mij namelijk een beetje.
Mij meteen voorgenomen het de fans niet nodeloos onaangenaam te maken door andermaal en ten langen leste mijn mening over de voetballer te poneren, en ingezien dat de dood een hogere macht is dan het voetbal, en dat elke voetballer bij zijn overlijden opnieuw een mens wordt.
Fans gezien die het erg vonden, die het zich "nog niet realiseerden". Tegenstanders gezien die het evenzeer erg vonden, die plots woorden voor de vijand overhadden waarvan ze nooit verwacht hadden die ooit te zullen uitspreken met betrekking tot het onderwerp.
(Het onderwerp dat de hele dag bleef sluimeren, dat te pas en te onpas opdook, waarop herhaaldelijk gealludeerd werd, dat - oh ironie - bijzonder lééfde.)
In het onderwerp een draad tot wat occasionele small-talk herkend, die draad dankbaar opgeraapt. Bemiddeld tussen P. en D. die respectievelijk stelden dat het ongeluk heel erg was en dat het ongeluk maar één van de zovele ongelukken was.
In de krant gelezen dat er in Myanmar bij een overstroming 100.000 mensen omgekomen zijn. Bedacht dat een voetbalstadion een circus is, en een voetballer een clown.
Thuisgekomen en het onderwerp obligaat herkauwd. Via het onderwerp dingen te weten gekomen die ik anders misschien nooit te weten gekomen zou zijn. Zoals dat E. nog in Molenbeek gewoond heeft. Moet ik haar morgen eens wat meer over vragen. Molenbeek fascineert mij namelijk een beetje.
woensdag 7 mei 2008
Karolina, come on! Sexy Santa Izabel next!
Je bent 21, hebt je altijd afgezet tegen the masses, maar bent diep in je binnenste zo trots op jezelf en wie je (geworden) bent, dat je geen reden meer kan bedenken waarom je je onder je bed voor de wereld zou verstoppen.
Je omringt je immers met mensen waarbij je je over het algemeen geweldig voelt (ook al zijn het er dan niet veel), je luistert naar muziek die je evenzeer geweldig vindt en die getuigt van persoonlijke smaak, wat de fashion addicts daar ook op mogen aanmerken, en je klopt je op de borst elke keer je beseft dat je echt niet moet onderdoen voor all the others out there; die op dit punt geen concurrenten zijn en geen bedreiging vormen.
Zo is het op dat bepaalde moment dus. Zo zeg je het en schrijf je het neer. Wanneer de zon ook voor jou schijnt. Vandaag.
En natuurlijk is dat geluk een sentimenteel geluk. Je geeft je doodeerlijk over aan een golf waar je je op kan laten drijven. De bakvis in jou komt naar boven borrelen en je laat haar begaan. Gillen, krijsen en genieten van kleine, stomme dingetjes: nu mag het. Het kan niet op.
Deze dag is als die rollercoaster waar sommige door jou doorgaans verguisde zangers wel eens over zingen. Een guilty pleasure van 's ochtends tot 's avonds, in je kleding, je knipoogjes en je YouTubegedrag. Madonna's "Jump" schalt door de kamer en ook al heb je rien de knots met het zingende fitnessapparaat, je bent wel van mening dat ze met deze single een hoop concurrentie wandelen stuurt in de discipline 'danspop'.
Je sentimentaliteit lijkt vandaag pardoes in je persoonlijkheid terechtgekomen, zoals een Mentos-bonbon in een fles Cola Light. En spuiten maar, alle kanten op. Luidop betreur je wat je voorheen angstig binnenskamers hield: dat er geen boysbands meer zijn heden ten dage. Je zoekt naar Westlife-clips en smelt als een bol citroenijs in een temperatuur van 32°C voor hun zeemzoete versies van "Total Eclipse Of The Heart" en "Against All Odds". Je brult mee en bent jaloers op hun stemmen, op hun plaatsje op dat podium. En dankbaar voor zoveel tegemoetkoming.
De koning van de dag verkies je echter maar per (gelukkig) toeval. Dat is Seal, met name, op de catwalk van Victoria's Secret, waar onder meer zijn vrouw Heidi Klum mee in een défilé loopt. Je stootte toevallig ergens op zijn naam en je repte je naar je pc om dat filmpje te zoeken, waar je al eens een flard van gezien had en waaraan je die gelukzalige indruk had overgehouden, die je sindsdien lichtjes had willen verdringen.
Nu laat je dat geluk, als in een apotheose, de vrije loop en geniet je van de benen en de blikken, maar nog het meest van de gigantische zwarte man in het glitterende kostuum en hoe het allemaal áf en perfect is. Op endless repeat, zonder zeveren.
Want het is zoals de man het in "Amazing" eenvoudig verwoordt:
"I want you to always feel you're amazing."
En dat dan speciaal voor mij.
Je omringt je immers met mensen waarbij je je over het algemeen geweldig voelt (ook al zijn het er dan niet veel), je luistert naar muziek die je evenzeer geweldig vindt en die getuigt van persoonlijke smaak, wat de fashion addicts daar ook op mogen aanmerken, en je klopt je op de borst elke keer je beseft dat je echt niet moet onderdoen voor all the others out there; die op dit punt geen concurrenten zijn en geen bedreiging vormen.
Zo is het op dat bepaalde moment dus. Zo zeg je het en schrijf je het neer. Wanneer de zon ook voor jou schijnt. Vandaag.
En natuurlijk is dat geluk een sentimenteel geluk. Je geeft je doodeerlijk over aan een golf waar je je op kan laten drijven. De bakvis in jou komt naar boven borrelen en je laat haar begaan. Gillen, krijsen en genieten van kleine, stomme dingetjes: nu mag het. Het kan niet op.
Deze dag is als die rollercoaster waar sommige door jou doorgaans verguisde zangers wel eens over zingen. Een guilty pleasure van 's ochtends tot 's avonds, in je kleding, je knipoogjes en je YouTubegedrag. Madonna's "Jump" schalt door de kamer en ook al heb je rien de knots met het zingende fitnessapparaat, je bent wel van mening dat ze met deze single een hoop concurrentie wandelen stuurt in de discipline 'danspop'.
Je sentimentaliteit lijkt vandaag pardoes in je persoonlijkheid terechtgekomen, zoals een Mentos-bonbon in een fles Cola Light. En spuiten maar, alle kanten op. Luidop betreur je wat je voorheen angstig binnenskamers hield: dat er geen boysbands meer zijn heden ten dage. Je zoekt naar Westlife-clips en smelt als een bol citroenijs in een temperatuur van 32°C voor hun zeemzoete versies van "Total Eclipse Of The Heart" en "Against All Odds". Je brult mee en bent jaloers op hun stemmen, op hun plaatsje op dat podium. En dankbaar voor zoveel tegemoetkoming.
De koning van de dag verkies je echter maar per (gelukkig) toeval. Dat is Seal, met name, op de catwalk van Victoria's Secret, waar onder meer zijn vrouw Heidi Klum mee in een défilé loopt. Je stootte toevallig ergens op zijn naam en je repte je naar je pc om dat filmpje te zoeken, waar je al eens een flard van gezien had en waaraan je die gelukzalige indruk had overgehouden, die je sindsdien lichtjes had willen verdringen.
Nu laat je dat geluk, als in een apotheose, de vrije loop en geniet je van de benen en de blikken, maar nog het meest van de gigantische zwarte man in het glitterende kostuum en hoe het allemaal áf en perfect is. Op endless repeat, zonder zeveren.
Want het is zoals de man het in "Amazing" eenvoudig verwoordt:
"I want you to always feel you're amazing."
En dat dan speciaal voor mij.
dinsdag 6 mei 2008
Zie Sarko! Zie 'm!
"En hoe denk jij over het beleid van Sarkozy tot nog toe?" Plots wordt zo'n vraag je voor de voeten geworpen en moet je antwoorden. Het is heel moeilijk dan meteen een intelligent en doordacht antwoord te geven, of dat vind ik er toch van. Nogal wat anderen schijnen dat pasklare antwoord echter wel te hebben, maar mijns inziens gaan zij daarbij al eens voorbij aan enige zelfkritiek.
Zo is het bijvoorbeeld niet moeilijk om op te werpen dat Sarkozy zijn eigen stijl heeft. Dat klopt. Dat hij zijn eigen omgang heeft met de pers en dat hij zich niet laat vermurwen om aan te pappen met een femme fatale. Ook waar. Maar dat is geen antwoord op de eigenlijke vraag: "hoe denk je over zijn beleid?" Die vraag beantwoord je niet met vijf Wikipediaweetjes, daar moet je iets langer over nadenken. En oké, veel tijd heb je niet gekregen, maar niemand heeft je verplicht onmiddellijk te beginnen kakelen.
Nee, dat kakelen zou je nu en dan achterwege moeten kunnen laten. En het is toch 'kras' dat je je zozeer door vormelijke aspecten de mond laat snoeren. Sarkozy's houding bevalt je. Zijn theatrale verschijning ook, comme il est flamboyant. Maar wat hij zegt is je gedurende zijn lopende ambtstermijn nog niet opgevallen. Blijkbaar doet dat er ook niet heel erg toe in je perceptie van de man.
En daarom vind je die vraag dus makkelijk te beantwoorden, ook al antwoord je dan naast de kwestie. De persoon, het merk Sarkozy heeft zijn werk uitstekend gedaan: hij heeft je verblind en betoverd, hij heeft je aandacht van zijn beleid weggezogen. Carla Bruni als politieke strategie, naar kortgerokte juffrouwtjes loensen als sympathieke geste.
Bijgevolg ben je geneigd het voor de Franse president op te nemen, wanneer iemand roept "Hij is rechts en voor de rijken." Je komt als uit de lucht gevallen, verbaasd over dat nieuws. In andere discussies toon je je links en vaak gaat dat ook samen met een wat diepgaandere kennis van zaken. Je laat je hier dus ringeloren door je ondoordachte woordenstroom en door je drang te kwebbelen.
Nu kwam je daar vandaag nog mee weg, D., maar dat zal niet blijven duren. Tenslotte ambieer jij niet het breiclubje, maar de tv-studio of de krantenredactie. En daar zal je die meningen moeten funderen, moeten hébben überhaupt. En daar zal jij je interviewee, vanaf de andere kant van de micro, ook moeten corrigeren wanneer hij, zoals jij vandaag, al dan niet bewust om de vraag heen fietst.
Zie het als een oefening, D.. Sta er toch even bij stil.
Zo is het bijvoorbeeld niet moeilijk om op te werpen dat Sarkozy zijn eigen stijl heeft. Dat klopt. Dat hij zijn eigen omgang heeft met de pers en dat hij zich niet laat vermurwen om aan te pappen met een femme fatale. Ook waar. Maar dat is geen antwoord op de eigenlijke vraag: "hoe denk je over zijn beleid?" Die vraag beantwoord je niet met vijf Wikipediaweetjes, daar moet je iets langer over nadenken. En oké, veel tijd heb je niet gekregen, maar niemand heeft je verplicht onmiddellijk te beginnen kakelen.
Nee, dat kakelen zou je nu en dan achterwege moeten kunnen laten. En het is toch 'kras' dat je je zozeer door vormelijke aspecten de mond laat snoeren. Sarkozy's houding bevalt je. Zijn theatrale verschijning ook, comme il est flamboyant. Maar wat hij zegt is je gedurende zijn lopende ambtstermijn nog niet opgevallen. Blijkbaar doet dat er ook niet heel erg toe in je perceptie van de man.
En daarom vind je die vraag dus makkelijk te beantwoorden, ook al antwoord je dan naast de kwestie. De persoon, het merk Sarkozy heeft zijn werk uitstekend gedaan: hij heeft je verblind en betoverd, hij heeft je aandacht van zijn beleid weggezogen. Carla Bruni als politieke strategie, naar kortgerokte juffrouwtjes loensen als sympathieke geste.
Bijgevolg ben je geneigd het voor de Franse president op te nemen, wanneer iemand roept "Hij is rechts en voor de rijken." Je komt als uit de lucht gevallen, verbaasd over dat nieuws. In andere discussies toon je je links en vaak gaat dat ook samen met een wat diepgaandere kennis van zaken. Je laat je hier dus ringeloren door je ondoordachte woordenstroom en door je drang te kwebbelen.
Nu kwam je daar vandaag nog mee weg, D., maar dat zal niet blijven duren. Tenslotte ambieer jij niet het breiclubje, maar de tv-studio of de krantenredactie. En daar zal je die meningen moeten funderen, moeten hébben überhaupt. En daar zal jij je interviewee, vanaf de andere kant van de micro, ook moeten corrigeren wanneer hij, zoals jij vandaag, al dan niet bewust om de vraag heen fietst.
Zie het als een oefening, D.. Sta er toch even bij stil.
maandag 5 mei 2008
Mijn kop eraf als hij niet uit de buurt van Linden is
Hoe dikwijls betreur ik niet de toevalligheid waarmee hij en ik een IC-trein naar Eupen delen? Ik stel deze retorische vraag en wacht in geen geval zijn eventuele, maar hoogstonwaarschijnlijke antwoord af. Hij is immers een willekeurige persoon - doet dat woord 'willekeurig' je ook spontaan aan Man Bijt Hond denken, zonder dat je precies weet waarom ook weer? - en vandaag is hij de jongeman die ik hieronder ietwat eenzijdig zal beschrijven.
Knapen als hij kan je met hopen tegelijkertijd bijeen harken. Naast zijn studie - communicatiemanagement doen ze allemaal, of whatever - heeft hij een mooie bijverdienste als ideale mascotte van onze materialistische maatschappij. Hij draagt zijn boodschap impliciet en expliciet uit, vindt die vanzelfsprekend, heeft zich nog geen mening gevormd over "Tomtesteron", kijkt stiekem naar "Sara" en zou voor Studio Brussel willen werken - zijn favoriete radiostation. Voorts suckt radio.
Hij zit in mijn coupé, samen met enkele meisjes van zijn leeftijd. Welke band ze precies met elkaar hebben wordt me niet duidelijk. Ik pik kwansuis in op hun gesprek, ergens midden in een van zijn talloze monologen, that is. Over zijn papa en zijn mama heeft hij het net, en "dat die echt gemáán kunnen eten. Dat die echt speciaal naar Spanje" - hij kijkt niet op een stafrijm meer of minder - "ofzo gaan om op restaurant te gaan." (Ik maak op dat dat een overdrijving is om die "gemáán" kracht bij te zetten)
Reacties genre "allé!", als in "'t is niet waar!" (merken zij die overdrijving dan niet op?) zijn niet van de lucht en dan heeft hij zijn fondue-anekdote nog niet eens opgerakeld. Daar gaat ie dan, over zijn broer en zijn moeder en het lief van zijn broer en dat die allemaal vleesfondue aten en hij kaasfondue. Allemaal zonder komma's, allemaal met smaak. "Maar chocoladefondue dat is echt wel bah ofzo."
Punt gemaakt, zo blijkt. Hij lacht zijn reusachtige tanden bloot. Zijn onderlip krijgt die tanden amper bedekt, merk ik op. En niet alleen om die reden doet hij mij aan Jelle Cleymans denken. Zowat in alle opzichten is hij een mislukte versie van Kuifje ofte Evert ofte die-gezellige-rakker-die-we-zo-graag-eens-zouden-spiesen-op-een-eerstdaagse-barbecue.
Zijn korte broek is nog onschuldig, maar aan die aanstellerig kreunende manier van praten kan hij wel concreet iets doen. Waarom denkt hij dat al zijn faits-divers zo godverdomd belángrijk zijn? Kan iemand hem er aan herinneren dat hij een mislukte Jelle Cleymans is? Of is die vleesfondue hem naar het hoofd gestegen, misschien?
Wat er ook van moge zijn: de X-factor heeft hij. Hij had mij in zijn greep, ik ging zelfs van hem aan het schrijven. Notities op de trein zelf, echt waar. Nooit gedaan, nooit gedacht te doen. En nu van plan dat vaker te doen. Waar heeft die margi mij in feite tot aangezet?
Knapen als hij kan je met hopen tegelijkertijd bijeen harken. Naast zijn studie - communicatiemanagement doen ze allemaal, of whatever - heeft hij een mooie bijverdienste als ideale mascotte van onze materialistische maatschappij. Hij draagt zijn boodschap impliciet en expliciet uit, vindt die vanzelfsprekend, heeft zich nog geen mening gevormd over "Tomtesteron", kijkt stiekem naar "Sara" en zou voor Studio Brussel willen werken - zijn favoriete radiostation. Voorts suckt radio.
Hij zit in mijn coupé, samen met enkele meisjes van zijn leeftijd. Welke band ze precies met elkaar hebben wordt me niet duidelijk. Ik pik kwansuis in op hun gesprek, ergens midden in een van zijn talloze monologen, that is. Over zijn papa en zijn mama heeft hij het net, en "dat die echt gemáán kunnen eten. Dat die echt speciaal naar Spanje" - hij kijkt niet op een stafrijm meer of minder - "ofzo gaan om op restaurant te gaan." (Ik maak op dat dat een overdrijving is om die "gemáán" kracht bij te zetten)
Reacties genre "allé!", als in "'t is niet waar!" (merken zij die overdrijving dan niet op?) zijn niet van de lucht en dan heeft hij zijn fondue-anekdote nog niet eens opgerakeld. Daar gaat ie dan, over zijn broer en zijn moeder en het lief van zijn broer en dat die allemaal vleesfondue aten en hij kaasfondue. Allemaal zonder komma's, allemaal met smaak. "Maar chocoladefondue dat is echt wel bah ofzo."
Punt gemaakt, zo blijkt. Hij lacht zijn reusachtige tanden bloot. Zijn onderlip krijgt die tanden amper bedekt, merk ik op. En niet alleen om die reden doet hij mij aan Jelle Cleymans denken. Zowat in alle opzichten is hij een mislukte versie van Kuifje ofte Evert ofte die-gezellige-rakker-die-we-zo-graag-eens-zouden-spiesen-op-een-eerstdaagse-barbecue.
Zijn korte broek is nog onschuldig, maar aan die aanstellerig kreunende manier van praten kan hij wel concreet iets doen. Waarom denkt hij dat al zijn faits-divers zo godverdomd belángrijk zijn? Kan iemand hem er aan herinneren dat hij een mislukte Jelle Cleymans is? Of is die vleesfondue hem naar het hoofd gestegen, misschien?
Wat er ook van moge zijn: de X-factor heeft hij. Hij had mij in zijn greep, ik ging zelfs van hem aan het schrijven. Notities op de trein zelf, echt waar. Nooit gedaan, nooit gedacht te doen. En nu van plan dat vaker te doen. Waar heeft die margi mij in feite tot aangezet?
zondag 4 mei 2008
Salobreña
U staat daar nu al een kwartier, meneer. Ze laten U wel lang wachten. Uw hoed en Cara Pils staan uitgestald op die elektriciteitscabine en zelf hupt U van uw ene op uw andere been.
Is die Cara nu nog niet leeg? U kijkt op uw klok.
U hebt gelukkig mooi weer. De donkere kleur van uw huid herinnert me aan Salobreña. Daar op het keienstrand en tussen de witte huisjes was U nog beter tot uw recht gekomen. Wat is uw oorsprong? Mag ik daar mee naartoe?
U hebt een koffertje bij zich. En uw Cara is nog steeds niet op. Uw witgeruite hemd verraadt dat U hier niet bent om aan sport te doen. Of U zou zich nog moeten omkleden met kleren uit het koffertje. Nee, U bent hier voor serieuzer zaken. Maar dan is het niet serieus dat men u zo laat wachten.
Aha, er komt schot in de zaak. Een fietser komt voorbij en herkent U blijkbaar. Uw hoed gaat op, uw Cara Pils in de vuilbak. U grijpt uw koffertje en U verdwijnt uit mijn gezichtsveld. Niet in de richting van die fietser. Op wie hebt U nu eigenlijk staan wachten?
Toch nog bedankt om me naar Salobreña mee te nemen. Als ik ooit iets voor U kan doen...
Is die Cara nu nog niet leeg? U kijkt op uw klok.
U hebt een koffertje bij zich. En uw Cara is nog steeds niet op. Uw witgeruite hemd verraadt dat U hier niet bent om aan sport te doen. Of U zou zich nog moeten omkleden met kleren uit het koffertje. Nee, U bent hier voor serieuzer zaken. Maar dan is het niet serieus dat men u zo laat wachten.
Aha, er komt schot in de zaak. Een fietser komt voorbij en herkent U blijkbaar. Uw hoed gaat op, uw Cara Pils in de vuilbak. U grijpt uw koffertje en U verdwijnt uit mijn gezichtsveld. Niet in de richting van die fietser. Op wie hebt U nu eigenlijk staan wachten?
Toch nog bedankt om me naar Salobreña mee te nemen. Als ik ooit iets voor U kan doen...
Abonneren op:
Posts (Atom)