donderdag 24 november 2011

Lieve Rudi

Lieve Rudi,

Als ik je daarstraks zonder iets te zeggen voorbijliep was dat zeker niet omdat ik niet met je wilde praten. Het schoot me gewoon niet te binnen dat we met elkaar zouden kunnen praten, wat we nochtans weleens doen. Dus liet ik je plots achter me, jij, rokend voor je deur, ik verlangend naar een fietsend nijlpaard in een roze jurk.

Wat had ik ook te vertellen, Rudi? Niks en twee keer niks. Dat ik me doodverveel, Rudi. Je bent zo al niet iemand die veel zegt - en daar bedoel ik niks slechts mee!, je weet vast wel wat ik bedoel - dus had je vast ook niet geweten wat te antwoorden op dat futloze nieuwsje van mij. En dat ik dan maar eens kwansuis door de A in je platenalfabet ging, hoewel ik er geen seconde aan dacht om iets te zullen kopen, je moet weten dat ik daar momenteel hoegenaamd het geld niet voor heb.

Ik vond het leuk om net na de release van 'Keep You Close' even met jou over dEUS te praten. Het is me opgevallen dat je je altijd heel diplomatisch opstelt wanneer je over muziek praat. Je hebt een voorkeur maar zal die nooit aan iemand opdringen. Een verkoperstrekje wellicht. Of gewoon jouw aard. 'Keep You Close' vond je goed, zonder een vergelijking te maken met hun andere platen. 'The Ideal Crash' vond je ook heel goed, toen ik zei dat ik die heel goed vind. Misschien zei je dat je 'The Ideal Crash' ook hun beste vindt, ik herinner het me niet meer.

Toen ik cd's van PJ Harvey kwam kopen en zei dat ik nogal onder de indruk was van 'To Bring You My Love', zei je wél dat dat haar beste plaat was. Nu, ik weet niet of ik het daarover met je eens ben. Misschien vind ik 'Is This Desire?' wel haar beste, heel rauw en opwindend. PJ's meer recente werk doet me ietsje minder, hoewel ik het nog steeds heel goed vind hoor.

Wij hebben ook al over Elbow en The National gepraat, klopt?

Je lijkt me zo'n verlegen man, Rudi, ik zou bijna zeggen dat je het ook echt bént. Is dat een indruk of heb ik er zelf iets mee te maken? Ik heb het gevoel dat we niet lang samen aan een tafel zouden kunnen zitten. Ik word een beetje nerveus van jouw schijnbare nervositeit, maar ook dat is zeker niet slecht bedoeld. Uiteindelijk weet ik ook helemaal niks over jou. Eén keer zag ik je op café, we knikten goeiendag. Je bent zo sympathiek.

Overigens vind ik 'Keep You Close' nu ook weer niet zo heel goed. De plaat grijpt me niet bij m'n nekvel, ze blijft niet echt hangen. Zullen we het daar eens uitgebreid over hebben op een dag? Dan kom ik je uit de winkel plukken, zetten we koers naar een terras en overlopen we onze favoriete bands. En o wee als je je diplomatisch durft op te stellen hoor!

Tot binnenkort eens,

Ali

woensdag 23 november 2011

Crisis

Ik maak me zorgen. Of ik snel weer werk zal vinden. Of mijn moeder snel weer werk zal vinden. Of mijn broer zijn thesis ooit zal afmaken. Het is een moeilijke periode voor mijn gezin.

Maar wij hebben heel veel aan elkaar. Wij praten heel veel en helpen elkaar. Wij zijn elkaars beste vrienden en vormen gezamelijk een front tegen dingen die niet 'oké' zijn, en zo zijn er nogal wat, vinden wij. Samen denken wij na over de maatschappij en onze plaats daarin. We proberen daar heel bewust en niet vrijblijvend over na te denken.

Wij zijn buitenstaanders geworden in een op hol geslagen wereld. De mensen die wij kennen maken verre reizen en kopen dure gadgets. Wij daarentegen willen sober leven en integer ageren. Soms vragen we ons luidop af waarom niet meer mensen dat doen. We denken dat we voor velen een voorbeeld zouden kunnen zijn. Dat vinden we niet eens pretentieus.

Wij koesteren de kleine dingen, zijn beducht voor overdaad. Wij wonen klein en focussen op wat we hebben, niet op wat we willen. Maar we hebben het gevoel dat we daarmee wat geïsoleerd zijn komen te staan. Reizen en gadgets, da's waar het vaak over gaat. Wij beginnen weg te blijven bij de mensen die het steeds weer daarover hebben. De decadentie van het westen is voelbaar. Europa leeft boven zijn stand, hoorde ik gisteren nog.

De spread wordt groter, hoorde ik vandaag. En de rente staat op 5,5. Thuis zeggen wij al een tijdje: laat ze maar komen de crisis, laat ze maar komen. Wij snakken naar de wederopstanding van de nederige mens. Blasé is in de mode nu, hoe lang nog kan dat duren?

Ik hoop dat mijn moeder snel weer werk vindt, want ze zit in een kwetsbare leeftijdsgroep. Eén sollicitatieronde heeft ze al niet overleefd. Mijn moeder is uitstekend in haar vak en heel gedreven. Als het te ver gaat zal ik eens een aantal meneren aan hun oren gaan trekken.

Ik ben ongerust want weet niet waar het heen gaat. Met mij, mijn werk, mijn moeder, haar werk en mijn broer. Alsof we geviseerd worden.

En de spread. En de regering. En Europa. En de slappe karakterloze decadentie.

Laat ze maar komen, de crisis, laat ons maar bloeden. We hebben het verdiend, inhalige opportunisten die we zijn.

dinsdag 22 november 2011

Mooi zijn is heel belangrijk

Zou Mauro werkelijk bij haar zijn weggegaan, na vijftien jaar te zijn samen geweest? Ik vond het meteen zonde toen ik dat nieuwsje, jaren geleden alweer, hoorde waaien. Iemand die ik ken, die zegde Mauro persoonlijk te kennen, zegde dat hij nu (toen) met ene Sigrid was, een rare, die Sigrid. En dat is alweer enkele jaren geleden. Hoe zou het dus nog met haar gaan, met Tania-uit-de-Humo, Mauro's ex?

Als we dat eens wisten, want dat doen we natuurlijk niet. Wat weten wij tenslotte over Mauro zelf? Laat staan dat we nog iets over Tania zouden weten. Humo had in 2004 een Cherchez la femme met haar, meteen de reden waarom we weten dat ze bestaat. Ik herinner me hoe ik onmiddellijk dat artikel moest lezen. De vriendin van Mauro. Heeft Mauro een vriendin? Wat voor iemand zou dat wel zijn? Wat een leuk meisje zeg.

Vandaag las ik dat interview terug. Dat het online te vinden was, dat had ik tijdenlang niet geweten. En zie, nu kon ik teruglezen wat ik allemaal al lang weer vergeten was. Hoe Tania eigenlijk totaal niks te vertellen heeft maar desondanks vanalles over Mauro verklapt. Door niks te vertellen.

Door niks te vertellen, vertelt ze dat er niks te vertellen is. Dat het mysterie geen mysterie is, maar misbegrepen verlegenheid. En eigenlijk is dat van een schoonheid.

Mauro Pawlowski dus. De zwarte prins van de Belgische muziek. Omdat hij mooi is. Exotisch is. Mysterieus is. In vele hoedanigheden komt. En altijd goed is. Mauro Pawlowski is altijd goed als muzikant. Omdat hij gepassionneerd is. Begeesterd. Professioneel. Eerlijk. Een beetje neurotisch.

Wat Tania en Mauro complementair maakt(e) is dat zij kan koken en hij niet. Dat zijn Italianen. Mannen moeten brullen en vrouwen koken en krabben. En Mauro moet goed eten, anders kan hij niet goed brullen. Zijn pak gaat in de was terwijl hij zit te knutselen.

Een mooie kleine verlegen jongen. En Tania is zijn mama en vriendin. Ze zegt dat ze niet weet of hij haar al bedrogen heeft. Dat ze wel zal zien hoe de dingen zullen lopen, met kinderen, huizen, haar relatie. Ze praat over niks dat moet, alles dat mag, eigenlijk zegt ze helemaal niks. Ze zegt dat ze graag lacht en iets drinkt met vriendinnen. En Mauro loopt daar ook ergens rond. Er is niks mysterieus aan deze mensen. Dit zijn mooie hippe mensen die daar niet voor hebben gekozen.

Maar - en ik heb het hier daarstraks al op een briefje geschreven: mooi zijn is heel belangrijk. Daarom zijn Mauro en Tania. Daarom zijn zij. Hopelijk toch ook nog (of terug) samen.

zondag 20 november 2011

Een praatje met Saartje

De VRT zou plannen hebben om "toch een beetje minder streng toe te gaan kijken op het taalgebruik van de mensen die voor de camera komen." Dat zegt Chris Dusauchoit in 'Reyers Laat'. Chris Dusauchoit, een Bruggeling, vindt dat een hele slechte zaak. Paul Jambers ook. Ruth Joos ook. Ik ook.

Altijd die plannen van de VRT, altijd die ideeën. Ze moeten altijd maar subtiel gecamoufleerd het marktaandeel van de openbare omroep de hoogte in duwen. Een presentator die zijn 'tussentaal' spreekt zal menselijker overkomen, authentieker - ik probeer mee te redeneren. En net op zo'n moment komen ze op Canvas met het taalprogramma 'Man over woord'. Ironisch hoe hun plannen op zo'n manier kunnen samenkomen. Wat een beleid, zou een mens zich kunnen afvragen. Welke belangen spelen mee?

Het filmpje dat in dit 'Reyers Laat'-fragment te zien is, vind ik overigens heel leuk. Linda De Win en Kathleen Cools in die schminkstoel, geef ze meteen een talkshow in hun dialect. Maar inhoudelijk slaat het filmpje de bal (bewust) mis en legt het de vinger op een kwestie die niet aan de orde is. Het probleem is niet dat presentatoren dialect zouden spreken, wel dat ze hun regiolect zouden spreken of gewoon slordig Algemeen Nederlands.

Met Saartje Vandendriessche loopt er op de VRT al een tijdje iemand rond die dat nieuwe plan ten uitvoer brengt, zonder dat ze dat wellicht zelf beseft. Saartje spreekt immers geen Algemeen Nederlands, maar is hoorbaar van Antwerpen. Haar lichtvoetie girl next door-imago staat kennelijk toe dat haar 'i' een 'ie' is. Een ander geval is Eddy Demarez, al vijftien jaar bij VRT, die ook slordig spreekt. Ik kan horen dat hij uit mijn streek is. En zo zijn er nog.

Jambers vraagt zich af waar we wel nog Algemeen Nederlands zullen horen als het niet meer op de VRT is. Op die manier had ik er nog niet over nagedacht, maar Jambers heeft gelijk. Het zijn mensen als Martine Tanghe en andere die mij hebben doen inzien dat ik mijn Brabants accent niet moet cultiveren. Omdat dat dom overkomt. Omdat mooi kunnen praten gewoon cool is, omdat het niet gemakkelijk is. Omdat het dus een uitdaging is om het te leren. Martine Tanghe kan iets dat ik ook wil kunnen. De VRT mag mij die ambitie niet afnemen door het zelf te laten hangen.

Waarom zou Algemeen Nederlands overigens de norm niet meer hoeven te zijn? Dat moet ze wel zijn. Wat zou dan de nieuwe norm zijn? Ik zou niet meer naar 'Het Journaal' kijken, mocht ik daar nieuwsankers geen perfect Algemeen Nederlands meer horen spreken. Ik zou dat programma niet meer serieus nemen. Hetzelfde geldt ook voor pakweg 'Sterren op de dansvloer' op VTM. Ook daarin moeten de presentatoren mooi Nederlands spreken. Televisie kan mensen uit verschillende provincies niet samenbrengen als er niet één algemene taal gesproken wordt. Of wat doen we met ons verkavelingsvlaams als norm wanneer we met Nederlanders spreken?

Dit debat over de mogelijke opschorting van het gebruik van het Algemeen Nederlands op de openbare omroep moet serieus gevoerd worden. Dit gaat over de 'i' die niet mag veranderen in een 'ie', niet over de West-Vlaamse 'g'. Dit gaat over de zin van een taaladviseur. En dit gaat ook over normen. De norm dat er op de nationale televisie Algemeen Nederlands gesproken wordt om iedereen samen te brengen en de openbare omroep die zich zo onderscheidt van regionale tv. Als ik Brabants wil tolereren zal ik wel naar ROB tv kijken, niet naar VRT. Nooit meer naar VRT.

vrijdag 18 november 2011

Wachten

Er is een meisje dat mijn voeten masseert. Dat heeft ze al twee keer gedaan en ze wil dat een derde keer doen, en een vierde. Ze doet dat heel goed, héél goed. Met body lotion en stevige handjes. En ik masseer haar schouders met diezelfde body lotion, maar toch wacht ik. Ik wacht.

We lagen naast elkaar op bed en keken elkaar aan. Dat was niet afgesproken, ik had er mijn bedenkingen bij, maar ik liet me gaan. Er stond muziek op en de liedjes hadden weinig toepasselijke titels als 'More Than Anything In This World (I Just Want You To Be My Woman)' en 'All I Ever Wanted (Was Love)'. Ik weet niet of ze het opmerkte.

Maar toch wacht ik, zonder te weten waarop. Daarover gaat ook deze tekening die ik een tijdje geleden gemaakt heb in Paint en waar ik onwillekeurig een beetje trots op ben. Ik freewheelde wel vaker in Paint, een tijd geleden, trok dan lukraak lijnen en bekeek vervolgens de mogelijkheden om te bepalen waar het met die lijnen naartoe moest. Meestal werden het vogels of vissen, eenvoudige dingen, ik kan immers niet tekenen. Een enkele keer een gezicht of nog iets anders, maar plots had ik dit zittend figuurtje, beter dan alles dat eraan vooraf ging en dat erna nog kwam. Alsof het iets betekende.

Natuurlijk is deze tekening, die ik na even nadenken 'Wachten' doopte, meer doordacht dan het merendeel van de overige tekeningen. Abstracter ook. Ik had dat mannetje op papier, als bij toeval, en er ging zo'n onmiddellijk zichtbare droefnis vanuit dat ik ermee verder moest werken. Hij zat lichtjes in elkaar gedoken en leek liefdesverdriet te hebben, of beter nog: hij wilde heel graag liefde geven, maar vond niemand om ze aan kwijt te raken. Daarom wachtte hij, al lang en helemaal alleen. Dat zag ik allemaal aan hem en toen heb ik er dat hartje bijgetekend en een klok aan de muur gehangen. Het was al kwart na zes.

Hoe laat het bij mij is weet ik niet. En of het een zelfportret is al evenmin. Maar wat ik weet is dat ik wacht zonder te weten waarop. Niet op het meisje dat mijn voeten masseert, niet in die betekenis van wachten. Met haar maak ik een afspraak, bepaal ik een tijdstip om samen te zijn, maar wachten in die andere betekenis is wachten op een moment dat er misschien ook helemaal niet zal komen. Het zou nog jaren kunnen duren, zoals het er ook al volgende week zou kunnen zijn, om daarna mogelijk meteen weer te verdwijnen. Het is dat wachten waarvan ik ook weleens droevig naar de grond ga staren omdat ik het niet bij zijn slippen kan pakken en er dus ook bijna niets over weet. Ik denk dat dat wachten het addertje onder het gras is. Onder het gras van het leven.

donderdag 17 november 2011

Miami Xylofoon

Ik had het de voorbije weken al twee keer over Coldplay. 'Mylo Xyloto' gaf me dan ook een bescheiden doef op mijn snobistische smoel, nadat ik eerder op basis van weinig of niets met die cd de vloer had aangeveegd. Nu is het opnieuw enkele dagen geleden dat ik nog eens naar onze Xyloto geluisterd heb - ergens in deze wereld zal er een tweeling (waarschijnlijk jongetjes) geboren worden wier ouders hen met de klinkende namen Mylo en Xyloto zullen bedenken - en daarom zwier ik as we speak die nu-flashy voormalige saaie universitairen de Windows Media Player in. (En als dàt hier al meteen het milde schaamtegevoel niet is: ik geniet van hoe 'Hurts Like Heaven' in 'Paradise' overloopt en 'Paradise' op zijn beurt in 'Charlie Brown'. Ik begin de volgorde van de liedjes ondertussen ook al een beetje te kennen, straks zal ik die hele xyloto nog kunnen meezingen.)

Maar wat ik aan het eind van mijn vorige post hierover ook al zei: er liggen hier twintig andere ceedezen die ik eveneens vetgeil vind. Ik had zo de intentie om die even op te lijsten en er een soort sterrenstelsel aan te verbinden. Drie sterren, vier sterren, appreciaties, u vindt dat ook fantastisch, klopt?

Hier op mijn bureau liggen twee torens en wat brokstukken. Aan alle ceedees zal ik een score (geen sterren) met betrekking tot Coldplay toekennen, een vergelijk, een afweging ten opzichte van,.. Dat zal eenvoudigweg gaan van '(>)>' voor (veel) beter, '=' voor ongeveer even goed en '(<)<' voor - tadàà - (veel) slechter. (En fuck, zo waar als ik hier zit, al die cd's zullen van goeien huize moeten komen om beter te doen dan 'Lolo Myxito' begin ik nu opnieuw tot mijn eigen verbijstering te merken.) Toren 1 (de zuidelijke toren): * DM Stith: 'Heavy Ghost' (>)
* Dijf Sanders: 'Homesick' (>)
* Eté 67: 'Passer La Frontière' (<) * Van Hunt: 'Van Hunt' (<<) * Bherman: 'The Other/63' (>)
* Grandaddy: 'Sumday' (>)
* The Jesus And Mary Chain: 'Psychcandy' (>)
* Incubus: 'Morning View' (=)
* Hope Of The States: 'The Lost Riots' (<)


[Waarom toch bijna al deze plaatjes beter scoren dan Coldplay komt u vanonder te weten, als u wilt. Een tip van de sluier: het tweede deel van 'Mylo Xyloto' is minder dan het eerste.]

Toren 2 (de noordelijke toren)

* Ozark Henry: 'This Last Warm Solitude' (>)
* Belle And Sebastian: 'Dear Catastrophe Waitress' (=)
* The National: 'High Violet' (>>>>>>>, en nog eens: >>>>>>>)
* Spinvis: 'Dagen Van Gras, Dagen Van Stro' (=)
* Pearl Jam: 'Backspacer' (>)
* Dead Man Ray: 'Berchem' (>)
* Crosby, Still, Nash & Young: 'Déjà Vu' (>)
* Sigur Ros: '()' (>)
* The Bloodthirsty Lovers: 'The Bloodthirsty Lovers' (>)
* Jeff Buckley: 'Skeycher For My Sweetheart The Drunk' (>)
* Prince: 'Prince' (>)


[Het zal u nu helemaal opvallen dat zowat alles het eigenlijk toch beter doet dan Coldplay. Er staan dan ook te veel nummer op 'Mylo Xyloto', wordt nu heel duidelijk. Neem nu 'Up In Flames' of 'U.F.O.'. Daarom moe(s)t ik meer coherente ceedalbums die mij op zich nochtans minder enthousiasmeren betere scores geven. En om dat Coldplay-enthousiasme iets nader te verklaren: het is die wijdse sfeer die 't 'm doet natuurlijk]

Brokstukken, beide zwaar de moeite:

* Beth Gibbons & Rustin' Man: 'Out Of Season' (> of zelfs: >>)
* Anna Calvi: 'Anna Calvi' (>)


Le voilà, dit was het rudimentaire plan, meer ook niet. Twee torens en wat brokstukken. Ik heb de boel wat ingekort, het waren er anders te veel. Dit is meer dan illustratief genoeg. Het zijn er uiteindelijk dus toch niet veel, c-discs die het slechter doen dan Coldplay. Dat komt dus omdat het tweede deel van 'Lymo Lyxoto' dus niet zo goed is als het eerste. (Vooral in het middenstuk laten ze in feite steekjes vallen, en de eerste nummers zijn ook gewoon megabangelijk, waardoor het contrast enz.) Daarom heb ik nog '='-tjes moeten aanpassen naar '>'-tjes en '<'-tjes naar '='-tjes.

Tevens mag ik stiekempjes hopen dat ik wat mensen - als hier überhaupt mensen komen - kan porren voor een van opgesomde CD's in mijn torens. Niet om te krijgen natuurlijk, maar om te beluisteren. Echt leuk allemaal hoor.

dinsdag 15 november 2011

Vleugellam Kowzi

Beste Olaf, Ben, Brecht, Jeroen en Bart,
Beste groepsleden van Kowzi,

Ik heb net voor het eerst jullie CD 'The Act' beluisterd en vraag me het volgende af: hebben jullie oren aan jullie hoofd? In dat geval vind ik het vreemd dat jullie hebben gemeend deze debuutplaat te moeten uitbrengen. Die is namelijk totaal overbodig, want een bijzonder slap afkooksel van vele andere (slechte) groepen waarvan jullie hoorbaar alles hebben gepikt. Was er echt niemand in de buurt om dergelijke opmerkingen te maken alvorens deze plaat naar de perser ging? Dat vind ik jammer. Heel heel jammer.

Want komaan gasten, serieus: dit is gewoon niet goed. Dit is op z'n best een schim van Eels, een beetje middelmatig gitaargerammel in het algemeen en vooral een hele collectie zwakke dertien-in-een-dozijn nummers zonder spanningsboog. Ik vraag me af wie jullie precies zijn, want op internet kom ik weinig over jullie te weten. Leeftijd? 'Hometown'? Een korte biografie? Ik lees wel dat jullie eerste single 'Ugly Head' op een bepaald moment veel op Radio 1 werd gespeeld, maar dat is dan aan mij voorbijgegaan. En al had ik het zo graag anders gehad: ik heb duidelijk niks gemist.

Ik kende jullie dus niet tot voor kort - wat op zich al een teken aan de wand was; ik heb op internet geen enkele recensie over 'The Act gevonden! -, maar stootte via Last.fm op een recensie van een concert dat jullie speelden in Mechelen, in het voorprogramma van Venus In Flames. Onder de titel 'Krachtig Kowzi en vleugellam Venus In Flames' werd de loftrompet over jullie geblazen. Dat maakte mij natuurlijk benieuwd en ik schreef jullie naam ergens op, om te 'checken'. Mijn rechterduim dat jullie dat zelf ook weleens doen, een naan opschrijven om te 'checken'.

En zie, toevallig: vandaag was het dan zover. Ik vond 'The Act' in de afprijsbakken van de Fnac (ik kan er ook niks aan doen). Achteraf bekeken lag hij daar goed, maar dat wist ik toen natuurlijk nog niet. Integendeel, dacht ik: voor drie euro kunnen we - het is zo'n ouwemensenuitdrukking - niet sukkelen. Ik had hoegenaamd geen verwachtingen, maar hoopte dat er op z'n minst een aantal schappelijke nummers op zouden staan. Helaas.

Maar jongens, genoeg. Luister, wees verheugd: eigenlijk heb ik helemaal geen zin om hier nog langer op door te gaan. Ik heb nog ceedee-recensies geschreven, moeten jullie weten, en ben vertrouwd met de prietpraat die doorgaans een nieuw album moet promoten. Daarop afgaande, zo leerde ik, krijg je altijd de indruk dat je de nieuwe 'Nevermind' of 'OK Computer' in handen hebt. Wat ik wil zeggen: ik weet een beetje wat oordelen is, al klinkt dat heel pretentieus waarvoor mijn excuses, en ben ook vertrouwd met het begrip gatekeeping. 't Is dat ik geen cd-recensies meer schrijf voor goddeau.com, want anders had ik 'The Act' hoegenaamd nooit door mijn spreekwoordelijke gate gelaten, als ik daar al iets over te zeggen gehad zou hebben. Want zelf was ik als recensent van mening dat er beter over slechte muziek gezwegen kon worden, dat de mensen al hun handen vol hebben met goeie muziek, ik noem overbodig ter illustratie jullie eigen voorbeelden: Eels, Wilco, en andere. Daarom dus genoeg over jullie.

En daarom dus een einde aan mijn brief, die, zo mag ik hopen, blijk geeft van ontgoocheling, onbegrip, frustratie en een klein beetje humor. Lees tussen de regels alstublieft ook dat ik met dit hele epistel natuurlijk geen zaak van staatsbelang aanklaag. Ik trek het me gewoon zo aan omdat ik het zo graag goed had gevonden, of net héél slecht. Nu is het echter zo vreselijk grijs en middelmatig dat het ondanks enkele redelijke momenten des te ontgoochelender is. Er is wel potentieel, enz, maar het komt er niet uit.

En nog meer ten slotte wil ik jullie ook nog een fijn najaar toewensen en ook heel veel geluk met het promoten van de tweede plaat waarover ik op Facebook iets gelezen heb dat evenwel alweer dateert van februari.
En laat me mezelf ten derde male ten slotte ook excuseren voor het feit dat deze blog nu een van de zoekresultaten zal zijn voor de zoekterm 'kowzi' op Google. Maar bekijk het ook zo: slechte publiciteit is ook publiciteit. Misschien zullen er mensen benieuwd zijn naar hoe jullie copycat-shit precies klinkt en winnen jullie alsnog enkele zieltjes. Het weze jullie gegund, echt waar.

Met muzikale en tevens enigszins nonsensicale groeten,

Ali met de pet

maandag 14 november 2011

Rechtzetting

Ik was een snob. Een muzieksnob. Daar had mijn Coldplayminnende vriend gelijk in. Hoe kon ik schrijven dat 'Mylo Xyloto' kut was als ik er nooit voor was gaan zitten? Dat mocht ik inderdaad niet zeggen, dat ik daar zelf niet aan gedacht had. Automatismen. Vooroordelen. Favoriete recensenten napraten. Die op hun beurt zelf snobs zijn, enz., enz..

Dus toen mijn Coldplayminnende vriend mij zijn exemplaar van 'Mylo Xyloto' wilde uitlenen, stond ik bijzonder weigerachtig. We zaten in zijn auto en beluisterden 'het nummer met Rihanna' - mijn geschuddebol en van gruwel vertrokken gezicht waren niet geheel oprecht. Ik zocht naar lichtpuntjes en hoorde een bruggetje dat wel iets had. Mijn vriend drong aan: ik moest die hele 'Mylo Xyloto' een eerlijke kans geven en 'dat nummer met Rihanna' zou zich nog vastbijtelen in mijn hoofd.
En dat moest ik geloven.

Maar ik heb mijn vrienden lief, zelfs al houden ze van Coldplay, en ik besloot die nieuwe plaat een eerlijke kans te geven. Alsof het een experiment was. De eerste keer viel dat niet mee. Op Facebook schreef ik: 'Nu 45 minuten 'Mylo Xyloto'. Straks 45 minuten Mindfulness', waarmee ik wilde zeggen dat ik even zou moeten bekomen van de sonische bagger die ik meende te zullen moeten aanhoren. Ook vertelde ik mijn vriend in een eerste reactie dat de plaat 'onbeluisterbaar' was.
Ik dwaalde.

We zijn nu enkele dagen verder en elke morgen ben ik wakker geworden met 'Mylo Xyloto'. De tussenstand is deze: als (gewezen) muziekrecensent geef ik dit op voorhand zelfverklaarde gedrocht drie spreekwoordelijke sterren, wat staat voor prima (één ster = slecht; twee sterren = matig; vier sterren = meesterwerk). Niet meer of niet minder. Er staan enkele nummers te veel op, maar het overige is behoorlijk aanstekelijk. Die weidse arrangementen, de 'enoxification' van co-producer Brian Eno, ja, zelfs die op het eerste gehoor vreselijke singles wérken gewoon in het geheel van de plaat. Ik sla er een klein beetje van achterover en moet mijn hele kijk op Coldplay ogenschijnlijk opnieuw aanpassen (wat ik waarschijnlijk toch maar niet ga doen). Ik wil nu ook hun vorige, 'experimentele' plaat, 'Viva La Vida', beluisteren en heb ook 'Speed of Sound' herontdekt, een vergeten single uit 'X&Y'. Op repeat, een keer of tien per dag. Over weidsheid gesproken. Wat een zalig refrein.

Beter dan eender wat er op 'Mylo Xyloto' staat, laat dat duidelijk zijn. Ook staat er geen nummer op 'Mylo Xyloto' dat kan tippen aan 'Parachutes' of 'A Rush of Blood to The Head', de eerste en tweede plaat van Coldplay. Het was ook omdat Coldplay die eerste platen schijnbaar verloochende dat ik zo op hen was afgeknapt. Ze hadden mij verraden, in de steek gelaten. En ik redeneerde: fuck 'em, er is nog genoeg andere muziek om me van Coldplay niks aan te hoeven trekken. Overige singles uit 'X&Y' - de zogenaamde heruitvinding van het wiel - herinner ik me als ronduit slecht. Hun experimentele 'Viva La Vida' - daar gingen de heren op aanraden van een stoet marketeers warempel de zuiderse tour op - ging geheel aan mij voorbij en hoewel de titeltrack van die ceedee nu al een klassieker heet te zijn, heb ik geen benul van hoe dat nummer klinkt. Daar moet dan nu maar eens verandering in komen.

'Mylo Xyloto' trekt mij immers, ik wik mijn woorden, opnieuw over de streep en ik ben verrast door hoe Coldplay ondanks experimentjes en rariteiten toch au fond diezelfde groep is gebleven. Er staan te veel nummers op, er is te veel aan geproducetet en de batterij marketeers zit nadrukkelijk achter het spuuglelijke artwork, maar het is géén sonische bagger, en 'Princess of China' met Rihanna is behoorlijk catchy, nauwelijks guilty.

Conclusie: misschien wel de Grootste Groep ter wereld - U2, quoi? Kings of Leon? - heeft met 'Mylo Xyloto' een plaat gemaakt die elke muzieksnob of voormalige Coldplay-fan minstens één keer gehoord moet hebben. Of minstens vijf keer, want bij mij kwam de 'klik' ook niet onmiddellijk. Pas dan mag er geoordeeld worden, ik heb een les geleerd. En dat dit live gaat boomen is een zekerheid. Dit is vuurwerk, slingers en graffiti. Grote schermen, 60.000 mensen en memorabele zomeravonden.

En nog meer vuurwerk, slingers en graffiti. Voor tienduizenden mensen die op warme festivalavonden naar een concert van Coldplay kijken. Je kan je afvragen wat daar mis mee is als al die mensen daar gelukkig van worden. Helemaal niks, ben ik tegen mijn eigen principes in geneigd te denken.
En voor mensen die er desondanks nog steeds niks aan vinden, is er daadwerkelijk nog meer dan genoeg andere muziek. Ikzelf, bijvoorbeeld, mag 'Mylo Xyloto' tegen alle verwachtingen in dan wel prima vinden, ik heb hier rondom mij nog een twintigtal andere cd's liggen die ik eveneens prima vind. Sommige zelfs wereldklasse.

zaterdag 12 november 2011

Zeperd

Daarnet zag ik uit een ondergrondse parking Jan Van Den Bossche naar buiten komen. Zegt die naam u niets, dan hebt u waarschijnlijk nooit naar 'Familie' gekeken, de moeder der Vlaamse soaps - oftewel: zeperds - op vtm. Nu zou ik haast per definitie moeten zeggen dat u daar goed aan hebt gedaan om nooit naar 'Familie' te kijken: zijn we immers niet te highbrow en elitair (ik noem het bij naam) om naar een dagelijkse soap te kijken? Ja, dat zijn we in principe, maar uit onderzoek blijkt dat ook de elite - of minder hautain: de meerwaardezoeker - al eens graag naar inhoudloos vermaak kijkt. Ik beaam dat zelf graag, mezelf zonder scrupules tot de meerwaardezoekers rekenend.

Ik zag daarnet dus de genaamde Jan Van Den Bossche uit een ondergrondse stadsparking naar buiten komen. Jan Van Den Bossche is overigens niet 's mans echte naam: eigenlijk gaat deze amateur-acteur - amacteur! - immers als Jef De Smedt door het leven. Deze Jef loopt wel vaker door mijn stad, mijn moeder heeft 'm ook al in de Colruyt gespot. Mensen die hun hoofd draaien wanneer ze hem daar zien, verraden zichzelf aan andere 'Familie'-kijkers. Zij kijken of keken met z'n allen naar deze hersenloze zeperd. Ik dus ook en ik weet niet of ik dat gezegd wil hebben aan het grote publiek.

Dus hoewel er dan duchtig gekeken wordt in de Colruyt of ergens anders: aan deze Jef De Smedt is volstrekt niks te zien. Een kalende man van vijftig jaar met een ronde kop en - dat zou ik eigenlijk niet mogen zeggen - een koeienblik. Hij ziet eruit als een goedzak en om die reden hebben ze hem destijds bij vtm duidelijk ook gecast, want in 'Familie' speelt hij daadwerkelijk een ietwat domme goedzak. Een naïeve goedzak natuurlijk ook, hetgeen op zich een pleonasme is.
Jan, de goeiïge, wat onnozele, jongere broer van wijlen Guido - de oudste zoon en succesvol zakenman - en zatte Rita, die ik in honderden 'Familie'-episodes een enkele keer heb zien strijken en kuisen, maar die voorts, geloof ik, geen beroep uitoefende. Deze Rita was doorgaans immers te zat om een poot te verzetten en als ze dan al een poot verzette was het enkel om ergens iemand de huid te gaan volschelden, daarbij niet zelden in dronken toestand verkerend. (Deze zatte Rita gaat in het echt overigens als Jacky Lafon door het leven. Jacky Lafon die ik trouwens eveneens een 'personage' zou noemen. Wijlen Guido Van Den Bossche werd dan weer vertolkt door de bekende soap-acteur Karel Deruwe, die nu een rol heeft in de 'Familie'-tegenhanger 'Thuis' van de openbare omroep.)

Nog steeds zag ik dus deze Jef De Smedt uit de ondergrondse stadsparking komen. Ik moet erbij zeggen dat ik dénk dat hij het was, het kan ook een man geweest zijn die erg op hem leek. Alleszins, mijn gedachten vergleden onmiddellijk naar 'Famile', de vtm-zeperd waar ik enige jaren elke avond naar gekeken heb, daarbij vergezeld door de overige leden van het gezin waartoe ik behoor. Wanneer en vooral waarom we ooit beginnen kijken zijn staat me al lang niet meer voor de geest. Wel geloof ik dat Marie-Rose (vertolkt door rimpeldoos Martine Jonckheere) op dat moment al dood was en dat Guido (haar weduwnaar) reeds had aangepapt met de veel jongere Els.
Ook uit die beginperiode herinner ik me dat Guido in een vete verwikkeld was met ene Didier (een geweldige rol van Ronny Waterschoot) dewelke een boeventronie had zoals ik nadien geen boeventronie meer heb gezien, wat hem de ideale man maakte voor de rol van de louche maffiafiguur die hij moest vertolken. Deze Didier was een geweldig personage en het was dan ook zonde dat hij op een boot door Guido werd neergeschoten en dramatisch in de zee verzoop.

Wij hebben lang naar 'Familie' gekeken thuis. Wij kenden alle personages en alle verhaallijnen. Wij kenden café 'Banaña' en restaurant 'De lork', uitgebaat door Monique, de ex van goedzak Jan met wie zij twee kinderen had. Om 19.45 zaten wij aan de tv gekluisterd en als er nog iemand rond liep te stommelen riepen wij: "Sssst! 'Famile' begint." Uit zijn nieuwe relatie met ene Nele, van wie hij later ook weer zou scheiden, had Jan overigens nog twee kinderen: Leentje en Maarten. Ook zatte Rita had een zoontje Pierrot(ke) van wie het steeds onduidelijk bleef wie zijn vader was. Dit Pierrot(ke) was een leeftijdsgenootje van Maarten en Leentje en samen schootten zij goed op.

(Ik moet de lengte van deze tekst in het oog houden, want ik kan hierover blijven doorgaan.)

Dus, ik herken Jan Van Den Bossche oftwelel Jef De Smedt nog wanneer ik hem - als hij het tenminste was - uit een ondergrondse parking naar buiten zie komen. Ook al omdat hij nog geen twee druppels veranderd leek sinds ik voor het laatst naar 'Familie' keek, misschien wel tien jaar geleden. Er kwam een moment waarop het 'op' was tussen 'Familie' en ons. De verhaallijnen waren niet meer geloofwaardig, er kwamen steeds nieuwe personages bij en wij werden zelf ook gewoon te oud of te kritisch om nog naar dergelijke zeperds te kijken.
Een tijd geleden merkte ik trouwens dat 'Familie' in een nieuw kleedje zit en dat ze een tiental jaren zijn doorgespoeld in de tijd. Jans zoontje Maarten is nu - uiteraard vertolkt door een andere acteur - een kerel van een jaar of 25 met een brommer en een vriendin. Hij is nog steeds beste maatjes met Pierrot - geen '(ke)' meer -, maar wat zij samen zoal bekokstoven is me niet duidelijk geworden. Andere oude bekenden merkte ik niet meteen op, maar wel is Marie-Rose (de gestorven vrouw van Guido) uit het rijk der doden opgestaan! Nieuwe personages zijn erbij gekomen, oude personages zijn al dan niet met hun goesting uit het script geschreven.

Maar goedzak Jan doet wel nog mee, en hoe! De man baat blijkbaar een café uit, iets dat echt past bij deze pummel van twaalf stielen dertien ongelukken. Ook is zijn huwelijk met Nele dus gestrand, maar hij heeft alweer een nieuwe, veel jongere, vriendin. En zo blijft de bal des soaps maar rollen en stevent Jan Van Den Bossche zowel in de zeperd als in het echte leven onder zijn schuilnaam Jef De Smedt rustig af op zijn pensioen. Het zal van alle vijftigers volgens mij niet deze Jef De Smedt zijn die doodgraag op brugpensioen wil. Zolang deze Jan/Jef in de Colruyt herkend wordt, gaat deze kale lummel immers met veel plezier door. Want waarom zou zo'n man anders vijftien jaar lang de onnozele Jan Van Den Bossche blijven vertolken in een zeperd van één uit de duizend? Toch omdat hij dan herkend wordt door 800.000 Vlamingen, kan ik alleen maar denken. Zelf hoop ik dat ik het nooit zal hoeven mee te maken, maar ik begrijp heel goed dat het ook wel een beetje leuk kan zijn, herkend worden door gemiddeld 800.000 en in piekweken zelfs één miljoen mensen.

donderdag 10 november 2011

Boudweg

Was het mijn huisdokter die me adviseerde om regelmatig te masturberen? Nee, het was niet mijn huisdokter, wat een geluk, het was mijn uroloog. Niet mijn uroloog als in: die van mij. Nee, de uroloog - ergens iemand anoniem, wist ik veel. Die specialist die ik natuurlijk niet persoonlijk kende, helemaal niet kende zelfs en vanzelfsprekend ook helemaal niet wilde kennen. De arts die me boudweg vertelde dat ik regelmatig moest masturberen, zoals een virusscanner je opdraagt om regelmatig een scan uit te voeren. Boudweg dus, of, welja, een ander woord, afhankelijk van de context. Boudweg zei mijn uroloog - het was een vrouw - dat ik regelmatig moest masturberen. Nee, dat woord gebruikte ze zelfs niet, ze sprak meer omzwachteld over 'zaadlozingen' waarmee ze, volledig terecht, in het midden liet of ik al dan niet een relatie had (dewelke ik toen niet had), maar ik intrepreteerde onmiddellijk: masturberen (wellicht ook omdàt ik toen geen relatie had). Masturberen op advies van de in dit soort aangelegenheden gespecialiseerde arts. Ze moest er zin in hebben, dacht ik. Ik had er bepaald géén zin in.

Ja, het was een 'speciaal' moment. En er schoot vanalles door mijn hoofd. Misschien had ik gewild dat een of andere gek vanalles door mijn hoofd was komen schieten, maar daar dacht ik toen niet aan, aan grapjes met 'door mijn hoofd schieten'. Daar kon ik toen niet aan denken.
Om de prostaat te ontgiften, had ze gezegd. Daarom moest ik regelmatig masturberen, daarom. Niet zomaar, of wat had u gedacht? En al zeker niet pal voor haar neus. Nee, omdat ik mezelf ermee zou helpen. Dus dat was dan eigenlijk nog niet eens zo gek. En ja, al was het dan een taboeonderwerp - wat het overigens nog steeds is, meer dan ooit lijkt me zelfs: als het zou helpen, masturberen, dan moest het gebeuren, masturberen. Dan moest het gebeuren.

Vijfentwintig euro lichter - ik spreek van de tijd dat er nog zoiets was ale de Euro en de Eurozone - en met het inmiddels bekende advies in gedachten keerde ik weer naar huis. Ik hobbelde meer, want stappen was geen sinecure met zo'n ongemak tussen m'n benen. Bij thuiskomst zou er gemasturbeerd worden, dat moest dan maar, wat had ik te kiezen. Op bevel nog wel, voor het eerst in mijn leven. Ik vroeg me af of het me dan zou lukken, op bevel. Moest ik op internet naar porno gaan zoeken of uit de archieven in mijn hoofd een droomprinsesje opdiepen? Welk droomprinsesje moest dat dan wel zijn? Of moest het zo'n P-magazinehoer zijn? (P-magazine, nog zo'n blad dat al jaren niet meer in de rekken ligt.) Of - oh nee - iemand met wie ik persoonlijk omging? Of was ik misschien verliefd? Nee, nee, nee. Shit!

Voorwaar geen makkelijke avond was dat. Ik zou zeker niet thuiskomen en masturberen, ik zou wachten tot ik zou gaan slapen en zou me dan de nacht inrukken, om het zo maar even boudweg te stellen. We waren immers toch boudweg bezig geweest bij de uroloog, dan kon ik er nu ook rustig mee doorgaan. Die uroloog - of is het urologe? - was anders niet mis, herinnerde ik me zodoende boudweg. Maar dat ging natuurlijk niet, wist ik daarna weer heel wat minder boudweg, want denk na, zag ik in: dan zou ik haar opnieuw onder ogen komen en onherroepelijk moeten denken aan hoe ik klaarkwam terwijl ik over haar fantaseerde, ergens ver weg van de dokterspraktijk. Maar wel haar opdracht uitgevoerd - ha! Vetzak die ik toen was.

Ja, in de tristesse van het moment zat ook een schijn van humor. Een prostaatontsteking, oh well. En als vanzelf maakte ik me plots de bedenking wat dat wijf - want plots was ze een wijf - er eigenlijk zelf allemaal van dacht. Zoals ze daar zo mooi had zitten zijn in haar dokterspraktijk. Het was haar job om de patiënt correct te adviseren, natuurlijk, maar zou ze er ooit bij stilgestaan hebben dat ze die patiënt dan mogelijk met vreemde gedachten huiswaarts stuurde? Zou ze zelf de, in dit geval, eigenlijk niet eens zo gekke link gelegd hebben tussen enerzijds haar mooie snoetje en anderzijds de gedachtengang van de man die ze de opdracht gaf te masturberen? Zou ze daar geen milliseconde aan gedacht hebben? Zou ze zo onschuldig of naïef kunnen geweest zijn? Nee, zo had ze er zeker niet uitgezien. Dat vroeg ik me toen allemaal af, op weg naar huis en die avond ongemakkelijk onderuitgezakt in een zetel in een te weinig verlichte woonkamer.

En de dagen daarna maar hobbelen, hobbelen, hobbelen. Ik herinner het me nog goed en het moet er heel vreemd hebben uitgezien, al vermeed ik het zoveel mogelijk om buiten te komen. En me altijd maar afvragen hoe ik die vervelende pijn kon verzachten. En - cynisch - of ik misschien een lekker klein kankertje aan 't kweken was.
En fuck wat lachtte het leven me (weer) uit in mijn gezicht. Ja, ik baalde die hele week, ik baalde verschrikkelijk. Ik voelde me belachelijk gemaakt, maar niet door iets of iemand. Door 'het'. Het leven. Het leven op deze planeet in al zijn gebrekkigheden, mijn eigen leven, de nietige mens.

Maar dat was toen. Nu zijn we verder.

Nu zijn we twaalf jaar verder en heb ik daadwerkelijk prostaatkanker, ik lig al een maand in het ziekenhuis. Maar volgens de dokters zal ik er meer dan waarschijnlijk ook weer vrij snel van herstellen, ik was er goed op tijd bij, hoe had het ook anders gekund. Nee, ik overwin dit, absoluut, ik kom hier door.
Maar wel stel ik me nog steeds diezelfde vraag van twaalf jaar geleden - niet dikwijls maar toch: waarom lacht het leven een mens soms toch zo hartelijk in zijn gezicht uit? Waarom laat het leven een man wekenlang ongemakkelijk 'hobbelen', godbetert? Opdat we niet te overmoedig zouden worden? Hoogstwaarschijnlijk. En in dat geval begrijp ik het nog ook. In dat geval vind ik het, en ik wik mijn woorden, zelfs nog dik oké.
Echt waar.

woensdag 9 november 2011

Bouli

Bouli Lanners, dat vind ik nu eens een leuke naam zie. Naam? Lanners Voornaam? Bouli. Doet mij denken aan een tv-sneeuwman uit het Jura van mijn tijdrekening, Bouli. Of Boelie. Zoek maar op.

En die Bouli maakt films. Zouden die ook zo leuk zijn? Anders, is het antwoord. Anders. Niet leuk, nee, anders. Mooi en leuk, maar ook triest. Zijn nieuwe film 'Les Géants' heeft mij niet helemaal over de streep kunnen trekken. Ik wilde een realistischer verhaal. Deze film over drie jongens (2 x 15 en 13) schept een te irrealistisch beeld van wat er mogelijk is voor zo'n jochies in de Ardennen. Een te melancholisch beeld ook. Het is super dat een vijftienjarige met een auto rijdt, maar dat kan nu eenmaal niet. Een vijftienjarige met een auto laten rijden om je film te pimpen, is valsspelen.


Maar wij kijken naar de film en de film is een afgewerkt product. Daar veranderen wij als kijker niks aan en dat hoeft ook niet. Ik discussieerde met mijn broer over korte en lange films. Hij was van mening dat sommige films te kort zijn, dat ze niet diepgaand genoeg zijn, of wat zijn precieze argumentatie ook was. Ik zei dat films nooit te kort kunnen zijn, tenzij je er gewoon niet genoeg van kan krijgen, maar dan kijk je gewoon nog eens. Weten wij immers veel of een film te kort is? De regisseur zal dat wel voor ons weten. Natuurlijk heeft die meer materiaal opgenomen dan wat hij laat zien, maar om zijn verhaal te vertellen had hij dat overige materiaal blijkbaar niet nodig. Ik geloof alleen in te lange films - zie: 'Blue Bird' van Gust Van den Berghe -, niet in te korte. Schrijven is schrappen, als u die uitdrukking kent. Zelf lap ik ze echter graag aan mijn laars. Ik ken de drang om te veel te willen zeggen.

'Les Géants' is te kort noch te lang. Het verhaal is rond. En is het een goed verhaal, van de man met de leuke naam? Hangt ervan af wat je goed vindt. Mij doet de plot nog het meest denken aan een boek voor veertienjarigen. Een en ander is nog net te kinderachtig om geloofwaardig te zijn voor de grote mensen in de grotemensenwereld. Kinderen van 13 en 15 jaar verhuren immers geen huis aan een louche drugsdealer en brengen geen hele zomer door in totale afwezigheid van hun ouders.


Dat 'Les Géants' maar een film is en een symboliek bevat, dat begrijp ik natuurlijk wel, maar toch. Ik stapte in dit verhaal met het idee het over mij heen te laten spoelen zonder er teveel van te geloven. Op die manier raakte ik ook niet al te zeer betrokken. Het werd een vrij afstandelijke kijkervaring, die ook weer makkelijk van mijn huid spoelde. Mooie beelden, leuke moppen, bij momenten hilarisch en dan weer wat triest, maar in sé geschikt voor veertienjarigen. Dat mensen van 40 hier nog veel aan vinden, vind ik opmerkelijk. En toch oogst deze film bijna onverdeeld goeie kritieken. Tot in Cannes. Omdat Bouli Lanners populair is?

Waar de critici het in niet geringe mate over hebben zijn de mooie beelden van de prachtige natuur. Inderdaad: daar heb ik ook van genoten. Bouli is een schilder en dat zou een en ander moeten verklaren. De hele film zit overigens vol mooi in beeld gebrachte scènes, ja het zou de prachtige verfilming van een jeugdroman kunnen zijn. Hoe les gas hun haar bijvoorbeeld platinablond verven, weergaloos en een supercoole vondst. Maar voor de oude man die ik ben, is dit allemaal net iets te gek.

Omdat ik nooit zelf zo'n stoten heb uitgehaald waarschijnlijk. Maar dat is een ander verhaal.

dinsdag 8 november 2011

Alles wat ik uit mijn blote hoofd weet over David Lynch

David Lynch is een Amerikaan, geboren in 1946, is, denk ik, vier keer getrouwd, of heeft vier vaste relaties gehad, en heeft, denk ik, drie kinderen bij drie verschillende vrouwen.

Hij is een zeer bekend en gewaardeerd filmregisseur. Zijn filmdebuut maakte hij met 'Eraserhead' in 1977. Ik heb die film gezien en sindsdien moet ik er nog heel regelmatig aan denken. Die beklemmende sfeer, in zwart-wit, de weinige dialogen. Bijna clownesk. En dan die jankende foetus, of wat het precies is. Crazy. Een spannende film die me niet loslaat. Ik mag graag denken dat toen al duidelijk was dat die Lynch later een 'grote' zou worden. Jammer dat ik er niet bij was in 1977.

Nog films van Lynch zijn 'The Elephant Man', 'Blue Velvet' - zijn bekendste -, 'Lost Highway', 'Mulholland Drive' en 'Inland Empire'. 'BV', 'LH' en 'MD' heb ik gezien en nu heb ik ze opnieuw uitgeleend uit de bibliotheek. Omdat ik alles van David Lynch meermaals wil zien.

(Er zijn veel films en veel regisseurs, maar er zijn niet zoveel regisseurs die zo nadrukkelijk hun stempel op een film drukken en als regisseur zo'n naam maken.)

Ik denk aan David Lynch omdat ik al een aantal weken naar 'Twin Peaks' aan het kijken ben. Momenteel zit ik over halfweg het tweede seizoen. Ik koop zelden DVD's, maar ik ga zeker de 'Twin Peaks'-box kopen. Wat een geweldige reeks. Wat hou ik van Special Agent Dale Cooper en al die andere mooie jongens en meisjes. Wat is het toch geweldig dat er doorgaans enkel mooie mensen in films en series meespelen. Het maakt het allemaal zo oneindig veel toegankelijker.

Gisteren las ik in Rifraf een eerste recensie over David Lynch' eerste ceedee. Klonk interessant, ik ga daar zeker naar luisteren. Ik associeer David Lynch met ambient en ben dan ook benieuwd naar wat ik te horen zal krijgen. Het is vast goed.

Ik zie Lynch voor me als een grote man met een grijze kuif, maar het kan dat ik het fout heb. Het is alweer een tijdje geleden dat ik zijn hoofd nog eens zag.

Wat kan ik nog meer zeggen? Euh, stop!

maandag 7 november 2011

Jaloers

You make remarks of the people
who walk past your window
arm in arm

You're even jealous of the roses
that grow in the garden of the house
where nobody lives

You even say there's a time and a place
for feeling happy
you speak of love as a symptom of conformity


- 'Jealous of Roses' van Bibio